Net als in de film ik wil het

De negentienjarige Niko, Bleke Niko genoemd vanwege zijn albino-achtige uiterlijk, droomt ervan filmregisseur te worden. Geen eenvoudige zaak in het Polen van 1967, waar kunst vooral de glorievolle boodschap van het communisme moet verspreiden of in goedbedoelde artisticiteit niet te pruimen is.

Medium blekeniko

Als Niko Le mépris van Godard heeft gezien, met in de hoofdrol Brigitte Bardot, is hij niet meer te houden. Met beste vriend Kuba deelt hij een camera, waarmee hij constant alles wat beweegt en niet beweegt filmt. De film waarmee hij meedoet aan een filmwedstrijd flopt genadeloos, naar later blijkt omdat het geluid niet synchroon liep met het beeld. Niko en Kuba breiden hun filmclub uit met een voorzitter en een schrijver, gevieren maken ze grootse plannen, vooral in de kroeg. Niko leeft meer in zijn fantasie dan in de werkelijkheid, maar weet wel allerlei mensen, met name meisjes, mooie én lelijke, voor zijn filmplannen te interesseren. Als ene dokter Wunde uit Hamburg zich kenbaar maakt als liefhebber van zijn werk – hij heeft de geflopte film gezien – wordt het maken van een echte film, op basis van de roman van de schrijver, steeds reëler. Dokter Wunde zal ervoor zorgen dat een moderne camera vanuit het Westen wordt opgestuurd naar de filmclub. Het grote wachten, en het nog grotere fantaseren, is daarmee begonnen; ondertussen verdient Niko zijn geld door in het kledingatelier van zijn vader nylon te ‘pikeren’. Vanwege de belangstelling uit Hamburg krijgt hij de kgb over de vloer en wordt het een steeds dollere boel.

Bleke Niko van de Poolse schrijver, filmregisseur en beeldend kunstenaar Tomek Tryzna (1948) ademt in zijn schelmachtigheid een vreemd soort nostalgie naar een repressieve periode in de Poolse geschiedenis. De twee eerdere romans van Tryzna, Meisje Niemand (1996) en Ga, heb lief (2004) gingen ook over opgroeien in de jaren zestig, Bleke Niko wordt dan ook beschouwd als het slot van een trilogie, zij het dat de drie romans over heel verschillende personen gaan. De kracht van Bleke Niko schuilt in de onnadrukkelijke, soms geestige wijze waarop Tryzna het verlangen van zijn hoofdpersoon laat botsen met zijn omgeving. ‘Ik wil zwaaien en zwieren met mijn camera boven en onder de wereld, en een zwevend pluisje achternazitten’, peinst Niko die zichzelf bij voorkeur beschouwt als Een Vrije Filmmaker. Zonder de goede apparatuur een lastige zaak, nog afgezien van het Poolse filmklimaat. Op een Kees de Jongen-achtige manier ziet Niko echter voortdurend in zijn directe omgeving volop dramatische mogelijkheden, en daarmee een schitterende toekomst als filmer voor zichzelf weggelegd. Zijn eerste film heet De baret, de hoofdrol wordt gespeeld door beste vriend Kuba en diens ouders door zijn eigen ouders. ‘Het grootste probleem vormde de rol van de meester, maar uiteindelijk ging de buurman die op nr. 7 woonde voor een liter wodka akkoord. Een halve liter aan het begin en een halve liter als hij klaar was.’ Iedereen schrikt zo van zichzelf in de film dat ze onmiddellijk naar de tandarts gaan, andere kleding kopen, op dieet gaan.

Medium nyc128481
‘Ik wil zwaaien en zwieren met mijn camera boven en onder de wereld, en een zwevend pluisje achternazitten’

Filmen is voor Niko het middel om afstand te bewaren tot zijn omgeving. ‘Alleen of misschien juist een toeschouwer zijn.’ Zijn relaas – de hele roman is in feite één langgerekt relaas, waarbij de ik-verteller zonder pauze van het een op het ander komt, van gesprekken in de kroeg tot allerlei interne overwegingen en bespiegelingen, niet zelden gestuurd door de zware ‘python’ in zijn broek – is ook een grote oefening in het bewaren van die afstand. De ene spitsvondigheid na de andere wisecrack dist hij op, soms grappig, soms scherp, soms ook een beetje veel. ‘Elk kind is een nieuwe dood. We zijn er door onschuld toe veroordeeld. Uit wraak doen wij hetzelfde onze eigen kinderen aan en die geven het stokje van de dood almaar verder door.’

Niko blijft een ideeëndrager, een entertainer zo je wilt, niet iemand voor wie je je hart vasthoudt. ‘Misschien komt ware liefde wel hierop neer, dat je met iemand helemaal jezelf was. Maar… dat zou ook die sadistische SS’er uit Buchenwald kunnen zeggen. Dat hij gevangenen uit liefde martelde omdat hij alleen met hen helemaal zichzelf kon zijn.’ Alles is voor de film, ook de manier waarop hij zijn vrienden inzet, zijn ouders, het meisje met de paardenbek dat zich aan hem vastklampt. De enige die hem de baas is, is zijn kwade geweten in de gedaante van de vogel Nietzo, die geregeld bij hem op de schouder belandt om hem te bespotten. ‘Zeg makker, sinds wanneer interesseer jij je voor Hollywoodfilms?’ krast hij dan bijvoorbeeld. De roman lijkt op zo’n moment wel écht uit een ander tijdperk te stammen.

Tegen het einde zorgen de verwikkelingen met de geheime dienst nog voor wat vermakelijke scènes. Alle leden van de filmclub krijgen een agent over de vloer, behalve schrijver Flip die daar dan juist weer diep beledigd door is. ‘Van ons allen was hij immers het meest voorbestemd om ondervraagd en vervolgd te worden. (…) Hij bereidde zich al langere tijd voor op een intellectuele confrontatie met de Sovjetlakeien.’ De grote grap moet dan nog komen; een grap die het nostalgische _Ossie-_plaatje compleet maakt.


Tomek Tryzna - Bleke Niko. Vertaald door Karol Lesman. De Geus, 217 blz., € 19,95, e-book €15,99.

Beeld: Saint Tropez, Brigitte Bardot bij haar villa aan zee ‘La Madrague’, 1955.