INLEIDING

Net niet echt

[






](http://issuu.com/groeneamsterdammer/docs/book47kco?mode=window&backgroundColor=%23222222)

LET EENS OP de oorhanger van Maria Trip, op het portret dat Rembrandt van haar schilderde in 1639. Het is een delicaat gouden hangertje, waar een paar blauwe edelstenen onder hangen, met helemaal onderaan een pareltje. Je moet er niet te dicht op gaan staan.

Je moet een gepaste afstand houden - sowieso om de beveiligingsmedewerkers van het Rijksmuseum te vriend te houden, maar ook om de kunst in stand te houden. Als je je neus bijna tegen het doek aan drukt zie je dat het pareltje geen pareltje is. Het is gewoon verf, een half maantje verf, met een kort streepje naar boven. Meer is het niet en toch, als je weer een stap achteruit doet, glimt het pareltje naar je. Je ziet het oplichten, net op de rand van het donkere haar. Maar het is helemaal geen pareltje. Het geldt, als je dan toch goed kijkt, ook voor haar haar, haar kanten vestje. Rembrandt schildert weinig meer dan de suggestie van kant en krulletjes; het oog vult de details zelf in.
Kunst is een spel van illusies, uiteraard. In de nieuwste uitgave van zijn boek Verf bezoekt Hans den Hartog Jager de Nederlandse schilder Michael Raedecker in diens atelier in Londen. Raedecker, uit 1963, is misschien wel Nederlands succesvolste kunstenaar van zijn generatie; hij maakt deels geschilderde, deels geborduurde doeken van landschappen en interieurs. De grootverzamelaar Charles Saatchi plaatste hem in de door hem zelf bedachte stroming New Neurotic Realism. Maar wat is het realisme van Raedecker, vraagt Den Hartog Jager zich af? Als de afbeeldingen al duidelijk herkenbaar zijn - koffiekopjes, bloemen, ganzen - dan is de methode verwarrend. Soms schildert Raedecker met kwast, soms spuit hij verf uit de knijpfles, soms borduurt hij en andere keren plakt hij stukken draad of wol er zo op. ‘Die verschillende stijlen en vormen lopen zo uiteen dat je als toeschouwer het gevoel krijgt naar verschillende werkelijkheden tegelijk te kijken, terwijl ze in de voorstelling toch een ondeelbaar, onvervreemdbaar geheel vormen.’
Hans den Hartog Jager vraagt aan Raedecker: In hoeverre speel je er bewust mee dat de wol de platheid van het doek doorbreekt? Juist doordat het er soms zo dik op ligt werkt het vaak als een doorbreking van de illusie?
Michael Raedecker: 'O ja, dat is heel belangrijk. Als ik een doek maak probeer ik de toeschouwer op verschillende manieren te boeien, te interesseren, te vangen. Dan helpt het om verschillende fascinerende elementen aan te brengen. (…) Schilderen is natuurlijk altijd het scheppen van een illusie. En de vraag is mede hoe ver je daarin wilt gaan.’
Wat Raedecker door het interview heen suggereert, is dat Illusie iets is wat van twee kanten moet komen. Hij speelt met realisme en vorm omdat hij weet dat als je eenmaal de aandacht van de aanschouwer hebt je als kunstenaar aan de miniemste suggestie voldoende hebt om de illusie in stand te houden. De geboeide toeschouwer pikt iets van de kunstenaar, ook als dat 'iets’ niet nauw aansluit bij de werkelijkheid. Of het nu de gebreide onmogelijke landschappen zijn van Raedecker, of het net niet echte pareltje van Maria Trip.
'Illusies’ is het thema van de volgende aflevering van de multidisciplinaire AAA-serie - Actueel, Avontuurlijk, Aangrijpend - van het Koninklijk Concertgebouworkest, half december in Amsterdam. Op zoek naar de volle betekenis van het woord; in de fantasieën van Midsummer Night’s Dream, waar Hans Werner Henze zijn Achtste symfonie op baseerde (zie het stuk van Floris Don, verderop in deze bijlage) of de sciencefictionfilms van Andrei Tarkovsky, met name Solaris (lees hierover Gawie Keyser), waarin ruimtereizigers moedwillig de realiteit voor een illusie inruilen. Levensgevaarlijk.


Hans den Hartog Jager, Verf: Hedendaagse schilders of hun werk, Athenaeum, Polak & Van Gennep, 248 blz., € 24,95. Tijdens de nieuwste aflevering van AAA treedt Hans den Hartog Jager op in Confrontaties, het interdisciplinair programma met muziek, kunst en debat, vrijdag 16 december, 16.00 uur, Concertgebouw, Amsterdam. Voor het hele programma zie www.aaaserie.nl