Net wel, net niet

Scherp en strak als de groef die een schaats in het ijs maakt, zo omschreef Guus Janssen ooit zijn eigen muziek. Geldt dat inderdaad voor veel van zijn stukken, niet voor het strijkkwartet ‘Streepjes’ uit 1981, dat samen met andere hoogtepunten uit het oeuvre van Janssen onlangs op cd werd uitgebracht.

‘Streepjes’ is gebaseerd op flageolettonen, een strijktechniek waarbij alleen de kale boventoon klinkt. Als losse stipjes rijgen de tonen zich aaneen tot een stijgende melodie, lichtvoetig maar ook mager en amechtig van klank. Het is een ijle klankwereld die doet denken aan een verbleekte foto. Er gaapt een leegte tussen en achter de noten, nog versterkt door het zorgvuldig vermijden van tonale verbanden, waardoor harmonieën naar elkaar toe zouden kunnen trekken of in elkaar overvloeien. 'Streepjes’ is doorzichtige muziek.
Precies het tegenovergestelde vertegenwoordigt 'Veranderingen’ voor twee piano’s, dat een grootsheid en allure heeft die aan Messiaen doen denken. Het stuk bestaat uit negen variaties op een reeks akkoorden. De manier waarop de twee piano’s in elkaar grijpen lijkt op een ingewikkelde machinerie. Soms neemt het geheel een duizelingwekkende vaart, soms mist er een tandwieltje waardoor de boel dreigt vast te lopen. Met andere woorden, geen verfijnd Zwitsers horloge maar een kolossaal gietijzeren uurwerk.
De achtste 'verandering’ is een van de mooiste en knapste: twee verschillende muzieksoorten schuiven langs elkaar heen, waarbij nu de een op de voorgrond treedt, dan de andere. Het is muziek die doorkijkjes biedt op andere muziek, zoals in de schilderijen van Roger Raveel (een andere vergelijking die Janssen graag maakt). De negende 'verandering’ is daarentegen grappig: het is een opgewonden stukje dat het beeld oproept van een partijtje houthakken, waarbij hoge staccatonootjes als spaanders in het rond vliegen.
Aan veel composities van Guus Janssen ligt een concept ten grondslag. Een van zijn geliefde thema’s is een handeling die net wel of net niet lukt. Dat gaat op voor een speelse vingeroefening als 'Voetnoot 1’ voor fluitiste Eleonore Pameijer, waarbij met een eenvoudig interval wordt gespeeld als een jongleur die koste wat kost probeert zijn ballen in de lucht te houden. En zo gaat 'Temet’ (voor fluit, viool, cello en harp) over een interval dat steeds net niet een octaaf wil worden. Dat proces van ondermijnen is heel goed hoorbaar: een voortvarend motief dat zich steeds herhaald wordt door een akelig geknars van de strijkers en een giftig verstemde harpsnaar gesaboteerd. Zoals de fundering van een huis die wordt weggevreten door de bonte knaagkever, zo wordt deze muziek van binnenuit uitgehold door instrumentale constructiefouten.
'Klotz’, dat Guus Janssen vier jaar geleden schreef voor Gidon Kremer en het Schönberg Ensemble, kun je het beste omschrijven als een reeks aanzetten tot een lekkere jazzy muziek die maar niet komt. Het stuk begint met een snerpend hoge viooltoon die ruim twintig seconden duurt. Dan neemt de viool het voortouw in een flitsend jazzy intro en suist als over een wilde glijbaan naar beneden. Daar aangekomen gebeurt er niets. Er klinken wat onbeholpen akkoorden die nergens op uit draaien en de hi-hat drentelt al evenzeer rond met wat ongerichte klappen. Het is de opmaat voor een reeks voorzetten zonder climax. De muziek die uiteindelijk als hoofdmoot klinkt is zo sullig alsof er een fietswedstrijd op een home-trainer wordt gereden.
De cd Solo & Chamber geeft een goed beeld van het werk van Guus Janssen. Zijn muziek is zeker niet makkelijk. Het vergt zowel van de uitvoerder als van de luisteraar een grote concentratie. Maar die moeite wordt beloond met een reeks originele ideeën die met veel muzikaliteit en virtuositeit zijn vormgegeven.

  • Het Nederlands Kamerorkest waagt zich aan Nederlands repertoire. In de Amsterdamse Beurs van Berlage klinken 29 en 30 mei werken van Arthur Sauer, Maarten Altena (première van You Say, You Love) en Simeon ten Holt.
  • Flamenco Festival: Tablao Flamenco '98! Flamenco van Nederlandse en Spaanse bodem klinkt op vrijdag 29 mei. Zaterdagavond mag het publiek zelf de dansvloer op in de Salon de Tango. Beide avonden in het Korzo Theater te Den Haag.