Niemand hoort de noodklokken

Het Rode Kruis luidde onlangs de noodklok over de situatie in een geïmproviseerd tentenkamp in Bosnië-Herzegovina. Het Vucjak-kamp, niet ver van de grens met EU-lid Kroatië, ligt boven op een oude vuilnisbelt. Er staan zo’n tachtig beschimmelde en lekkende tenten. Hoewel het al ongeschikt is voor zevenhonderd mensen, verblijven er vaak meer dan tweeduizend mensen. Dagelijks brengt de politie meer mensen naar het kamp.

Hulporganisaties luiden vaker noodklokken over de mensenrechtensituaties aan onze buitengrens. Sommige situaties zijn ondertussen wel bekend, zoals kamp Moria op Lesbos, waar zo’n dertienduizend mensen leven tussen het afval, terwijl ze uitzichtloos wachten op een eerste afspraak met de Griekse ind, die pas gepland staat voor over een paar jaar. Dat is niet omdat deze ambtenaren het zo druk hebben, maar omdat de vluchtelingen aan mensen in hun land van herkomst moeten vertellen hoe erg het is, en dat ze dus niet moeten komen. Ook van de kampen in Libië – waarmee onlangs weer een vernieuwd verdrag is gesloten – is ondertussen bekend hoe daar wordt gemarteld, uitgebuit en verkracht.

Onbekender is de situatie in Bosnië. Sinds Hongarije de grens met Servië heeft afgeschermd met kilometerslange rollen scheermes-prikkeldraad proberen mensen via de Bosnische bergen een weg naar de EU te vinden. Zo’n 7500 mensen zitten nu klem bij de Kroatische grens. De drie officiële opvanglocaties puilen ondertussen uit, veel mensen leven in bossen of op straat. Het Vucjak-kamp, dat in de volksmond ‘The Jungle’ wordt genoemd, wordt door de aanwezige VN-agentschappen getypeerd als ‘ongepast en ontoereikend om mensen onder te brengen’. Maar afgelopen oktober nog zijn meer dan duizend mensen naar het kamp verplaatst.

Een VN-team in Bosnië waarschuwt ondertussen voor reële veiligheidsrisico’s en gezondheidsrisico’s; het kamp wordt omringd door landmijnen uit de oorlog en er is een hoog risico op explosies door methaangassen die ondergronds uit de vuilnisbelt vrijkomen. Er is geen stromend water, geen elektriciteit en er zijn geen sanitaire voorzieningen. Er is een gebrek aan slaapzakken, dekens, kleding en toiletartikelen. Mensen lijden aan schurft. Nu de winter voor de deur staat, wordt de situatie nijpender. ‘Mensonterende omstandigheden’, roepen de hulporganisaties. Maar zegt dat nog wel iets? Het lijkt wel alsof die woorden hun betekenis aan het verliezen zijn. Overal luiden noodklokken, maar niemand hoort ze meer.

Het aantal in 2019 getelde doden en vermisten op de Middellandse Zee was deze week, volgens het Missing Migrants Project (iom): 1090