Menno Hurenkamp

Niet lekker in je velletje

Het zijn eigenlijk geluksvogels, de boze burgers die nog een loket weten te vinden met daarachter iemand om te mishandelen. Dat schreef ik vorige week, naar aanleiding van ambulancepersoneel dat lastiggevallen wordt tijdens het werk. Prompt worden deze week twee medewerkers van de sociale dienst in Zeist neergestoken. Reden genoeg erop terug te komen. Maar liefst twaalf procent van de medewerkers van sociale diensten werd in 2004 slachtoffer van fysiek geweld, meldde de Abvakabo in reactie op de afschuwelijke gebeurtenis. Twaalf procent, is dat veel? Er zijn onderzoeken uit de afgelopen jaren waarin dat percentage nog veel hoger ligt. Volgens een onderzoek van de gemeente Amsterdam was in 2004 de helft van het gemeentelijk personeel slachtoffer van verbaal geweld en werd één op de tien ambtenaren serieus bedreigd. En volgens de VNG was in 2001 maar liefst een op de drie ambtenaren slachtoffer van geweld. Steevast kondigt na verschijnen van het onderzoek de verantwoordelijke bestuurder aan dat er een actieplan komt om de agressie onder burgers terug te dringen. Daders sneller vervolgen en harder straffen. Geen ambtenaren meer alleen met een cliënt in een kamer zetten, balies zo maken dat je er niet overheen kunt springen. De uiteenlopende cijfers en de opeenvolging van actieplannen geven aan dat het probleem net iets dieper zit dan slim en stevig optreden tegen die lastpakken van burgers.

De burgers constateren namelijk niet alleen dat de overheid – die ons alleen via ingewikkelde telefoonmenu’s of websites te woord wil staan – vermoedelijk iets te verbergen heeft. De burgers merken ook dat van hen verlangd wordt dat ze flink voor zichzelf opkomen. De televisiezender Talpa zorgt dat een vrouw voor een jaar haar kleine kinderen achterlaat, om in een Gouden Kooi ‘eens wat tijd voor mezelf te hebben’. Het zou niet in haar opkomen zich zo egoïstisch te manifesteren als er niet een bedrijf was dat daar een enorme beloning voor uitloofde. Die overdreven assertiviteit wordt tegenwoordig op veel meer plekken van mensen verlangd. (‘Ziet u iets verdachts? Bel!’) Je moet zelfstandig, rijk en mooi zijn of daarnaar streven. Wanneer dat doel buiten bereik blijft, is dat voor het merendeel van ons geen aanleiding er op los te slaan. Maar het vervelende voor de dienstverleners is dat hun werk negen van de tien keer gaat om contact met mensen die ‘even niet lekker in hun velletje’ zitten. Hun verontwaardiging wordt misschien wel groter wanneer ze merken dat de hulp waar ze – hoe lomp of asociaal ook – een beroep op willen doen verscholen ligt in een onneembare vesting.

Te hopen valt dat dankzij het nieuwste actieplan alle ambtenaren in de toekomst verschoond blijven van agressie. Hoe meer agressievelingen gepaste straf krijgen, hoe beter. Vervelend genoeg zijn er ook twee perverse effecten te voorspellen. Het straks volkomen verschanste personeel van dienstverlenende instanties wordt steeds ongelukkiger, omdat het werk nauwelijks meer om mensen draait en steeds meer om procedures en veiligheidsmaatregelen. En bovendien zullen de mensen die onvermijdelijk wél echt voor iedereen zichtbaar blijven – politieagenten, chauffeurs – het steeds harder voor hun kiezen krijgen. Bij wijze van alternatief zou die publieke ruimte van ons wat meer vlees op de botten kunnen krijgen, net iets meer mensen die zo links en rechts de van onrust rondstuiterende burgers in goede banen leiden.