Geschiedenis van Koninklijke Shell

Niet op de loonlijst

Jan Luiten van Zanden e.a.
Geschiedenis van Koninklijke Shell
3 delen plus bijlagen en 3 dvd’s
Boom, 566 + 514 + 514 + 144 blz., € 145,-

Binnen geschiedschrijving vormen in opdracht geschreven bedrijfsgeschiedenissen een lastig genre. Wanneer het serieus wordt aangepakt, vergt het tijdrovend archiefwerk, zodat het een kostbaar project wordt. En omdat ondernemingen niet graag geld wegsmijten, laat staan antireclame financieren, wordt er wel iets voor terug verwacht. Van de onderzoeker wordt niet verwacht dat hij het ene lijk na het andere uit de kast trekt, of dat hij al te kritisch schrijft over controversiële periodes en gebeurtenissen.

Het is niet voor het eerst dat Shell in de buidel tast om de eigen geschiedenis te laten vastleggen. Tussen 1932 en 1941 publiceerde de reactionaire historicus Carel Gerretson in drie dikke delen de Geschiedenis der ‘Koninklijke’, waar in 1973 George Puchinger nog eens twee delen aan toevoegde. Vooral de delen van Gerretson, die als Geerten Gossaert tevens een vermaard dichter was, zijn prachtig geschreven, maar zijn jubelende beschrijving van krachtpatsers als Deterding en een houwdegen als Colijn maakt het werk tegenwoordig toch onverteerbaar. Dat beide historici vele jaren op de loonlijst van het concern stonden, valt aan hun boeken af te lezen.

Hoewel de historici die deze nieuwe geschiedenis van het olieconcern hebben geschreven niet in dienst zijn van het bedrijf, heeft onderzoeksjournalist Marcel Metze, die ook een boek over Shell schrijft, bij voorbaat geroepen dat zij nooit onafhankelijk kunnen zijn. Dat de auteurs in hun voorwoord bezweren dat zij, ondanks de financiering door Shell, volledig hun gang konden gaan, zegt op zichzelf niet zo veel, en wie dergelijke multinationals ziet als louter incarnaties van de duivel, kan dit boek beter ongelezen laten.

Wie het boek echter wel leest, moet tot de conclusie komen dat van een apologie à la Gerretson geen sprake is. Deterding is in dit boek nog steeds wel een imposante entrepreneur, maar tevens een onmogelijke man die zich door zijn karakter en rabiate politieke denkbeelden – hij was overtuigd antisemiet en een groot bewonderaar van Hitler – onmogelijk maakte.

Veel belangrijker is dat de auteurs op een moderne manier de ontwikkeling van het bedrijf beschrijven en analyseren, waarbij thema’s als organisatie, concurrentie, innovatie en de rol van de politiek centraal staan. Daarbij wordt de economische, politieke en maatschappelijke context waarin het concern moest opereren uitgebreid geschetst. Hoewel er voor ijverige onderzoeksjournalisten vast nog wel een en ander valt te ‘onthullen’, is het beeld dat oprijst uit deze prachtig uitgegeven en uitzonderlijk rijk geïllustreerde boeken beslist overtuigend.