Hoofdcommentaar

Niet weg te branden

Wist u dat minister Verdonk nog steeds een scepter zwaait over de ind? Wist u dat ze, ook na de door de Tweede Kamer aangenomen motie van afkeuring, via de zijdeur invloed blijft uitoefenen op het vreemdelingenbeleid?

Ondergetekende wist dat niet. Ik was dus verbaasd toen ik onlangs een brief onder ogen kreeg waarin de ind een bijna zes jaar geleden genaturaliseerde buitenlander dreigt met denaturalisatie omdat diens naturalisatie volgens de ind niet keurig en conform de rijkswet op het Nederlanderschap zou zijn verlopen. Van leugens is in onderhavige casus geen sprake en dus gaat een vergelijking met de affaire-Ayaan Hirsi Ali niet op, die kwestie die Verdonk vorig jaar net níet de kop kostte maar het kabinet wel. Maar nu de ind dankzij het indammen van de immigratie wat minder om handen heeft, kunnen de prioriteiten van de dienst weer worden aangescherpt. Alle naturalisaties van de afgelopen jaren worden sinds de kwestie-Hirsi Ali daarom successievelijk uit de la getrokken en tegen het licht gehouden. Oneffenheden, zoals het ontbreken van de juiste documenten of stempels dan wel beëdigde vertalingen, dienen met terugwerkende kracht te worden aangepakt.

Tot zover niets geks aan de hand. Regels zijn regels, zeker voor de ind.

Maar wie tekent daarvoor? De brief van de ind met bovenstaande waarschuwing aan die ene Nederlander van vreemde afkomst was eind januari verstuurd, ruim een maand na de hilarische ministerscrisis rond het generaal pardon en het daarop volgende stoelendansje tussen de bewindslieden op Justitie. Wie de staatsrechtelijke manoeuvres van medio december politiek op zich had laten inwerken, zou mogen veronderstellen dat Verdonk sindsdien geen ministeriële verantwoordelijkheid meer draagt voor de ind. In zijn brief van 13 december aan de Tweede Kamer, daags na de aangenomen motie van afkeuring, had premier Balkenende immers geschreven dat minister Hirsch Ballin van Justitie de ‘verantwoordelijkheid voor het beleidsterrein Vreemdelingenzaken op zich zal nemen’ en dat ‘minister Verdonk het beleidsterrein Integratie zal blijven behartigen en daarnaast zal worden belast met de zorg voor Jeugdbescherming, Preventie en Reclassering’. Logisch geredeneerd heeft de ind met dat pakket weinig tot niets te maken. Naturalisatie heeft immers per definitie betrekking op vreemdelingen. Of kunnen autochtonen ook in aanmerking komen voor naturalisatie tot Nederlander en dus voor denaturalisatie tot buitenlander?

De hierboven genoemde brief van januari 2007 was echter niet ondertekend door de minister van Justitie maar door de minister voor Integratie, Jeugdbescherming, Preventie en Reclassering. Kortom, door niemand minder dan Verdonk.

Was hier sprake van een typefout veroorzaakt door te grote werkdruk, van ambtelijke onwil om de nieuwe politieke situatie te aanvaarden of van een soort bureaucratische putsch die alleen Verdonk zou hebben kunnen verzinnen?

Enig onderzoek naar de feitelijke én formele kant van deze op het oog curieuze ondertekening was derhalve geboden. Mijn strikvraag luidde: wie is er volgens u ministerieel verantwoordelijk voor de ind? ‘Hirsch Ballin’ was zonder uitzondering de eerste reactie. Geraadpleegde advocaten, sinds jaar en dag gespecialiseerd in vreemdelingenzaken, barstten dan ook in een hikkende lach uit bij het zien van de brief. Dit kon niet waar zijn. Verdonk was toch echt van dit speelveld verwijderd, dachten zij. Tweede-Kamerleden uit de commissies Justitie en Integratie, aan wie de minister verantwoording verschuldigd is, gaven hetzelfde antwoord op dezelfde strikvraag.

Maar nee. Formeel klopt de ondertekening, ook al is er buiten Justitie en ind bijna niemand die deze strikvraag spontaan correct kan beantwoorden. Vrijwel de gehele ind valt inderdaad onder Hirsch Ballin, beaamden ambtenaren op Justitie desgevraagd, behalve nou net die ind’ers die zich met de rijkswet op het Nederlanderschap bemoeien. Naturalisatie is volgens het ministerie namelijk het ‘sluitstuk van de inburgering’ en daarmee van de integratie. En dus blijft Verdonk ook de brieven ondertekenen aan genaturaliseerden die wel eens gedenaturaliseerd zouden kunnen worden. Met andere woorden: zolang ze Nederlander zijn, blijven ze object van Verdonk. Zodra ze hun Nederlanderschap door een beschikking van Verdonk zijn kwijtgeraakt, worden ze als vreemdeling ineens object van Hirsch Ballin.

Als deze waanzin dankzij de demissionaire status van het derde kabinet-Balkenende niet bijna ten einde zou lopen, zou zich de vraag opdringen bij wie je als object het beste af bent. Persoonlijk zou ik liever vreemdeling zijn dan staatsburger.

Goddank wordt dit dolhuis binnenkort gesloten. Het ziet er althans naar uit dat de heilloze dubbelportefeuille Vreemdelingenzaken & Integratie niet wordt gecontinueerd en al helemaal niet als ministerschap. Daarmee is de dubbelzinnigheid van de ind echter nog niet ontmanteld. De nu bestaande onheldere verantwoordelijkheid voor de ind, een der ingrijpendste overheidsagentschappen van Nederland dat ruim een jaar geleden door de Rekenkamer is gewogen en te licht bevonden, is met het nakende afscheid van de vvd-politica niet ten einde.

Omdat alle partijen zich laten leiden door de illusie dat de bureaucratie kan worden teruggedrongen, zal het aantal ministersposten worden beperkt. Minder ministers suggereert immers minder ambtenaren. Dat is klinkklare nonsens, zoals de Raad van Economische Adviseurs vorige week nog eens heeft berekend. De bureaucratie laat zich niet zo simpel temmen, ze verplaatst zich hooguit: naar geprivatiseerde semi-monopolisten als Nuon en upc of naar die ontelbare zelfstandige bestuursorganen die op afstand het overheidsbeleid uitvoeren. De overheid weet daarom niet wie voor haar werkt, aldus deze adviesraad.

Dat de overheid geen benul heeft hoeveel ambtenaren ze betaalt, deugt al niet. Maar het omgekeerde – dat de Tweede Kamer niet openlijk te horen krijgt wie politiek verantwoordelijk is voor deze loonlijst – is nog idioter. Of beter, gewoon gevaarlijk in onze parlementaire democratie.

Medium reactie