Nieuwe grenzen voor Congo

Het aanjagen van debat en stimuleren van discussie is een precaire aangelegenheid. Elk opinieblad en debatcentrum en elke opiniemaker kent de fijne balans die bestaat tussen het prikkelen van gedachten en schofferen, en kleunt daarbij soms mis. Het laatste was het geval bij een discussieavond die debatcentrum De Balie gisteren organiseerde over de oorlog in Congo. Doel was het bespreken van de structurele oorzaken voor het grootschalige geweld dat het Grote Meren-gebied in centraal Afrika al vijftien jaar kent, en de sturende invloed die daarop uitgaat van de grenzen die in de negentiende eeuw op Europese tekentafels zijn getrokken.

Om de willekeurigheid en absurditeit van dit grenzentrekken te illustreren, had De Balie voorgesteld dit grenzentrekken eens over te doen, als een vorm van ‘realistisch Risk met als inzet het geluk van de Congolezen’. Deze insteek bleek een open zenuw te raken bij Congolezen in Nederland, die vooraf bezwaar maakten en tijdens de avond aangaven zo’n ‘realistisch Risk’ niet te zullen accepteren. ‘Ik heb een aantal mensen ervan overtuigd vanavond niet te komen, omdat anders het vooroordeel zou worden bevestigd dat Congolezen gewelddadig zijn’, zei publicist Paul Mbikayi. Het ‘realistisch Risk’ werd afgelast.
Ook bij het Afrika Studie Centrum in Leiden was de opzet zeer slecht gevallen. ‘De programmamakers [van De Balie] stellen dat het zo’n puinhoop is in Congo omdat westerse mogendheden eind negentiende eeuw arbitraire grenzen hebben getrokken’, schreven twee medewerkers in een protestbrief. ‘De grenzen van Congo zijn inderdaad goeddeels willekeurig en problematisch. (…) Maar het gaat ons hier niet om de complexe geschiedenis, en evenmin om de schuldvraag. Wij hebben bezwaar tegen het ranzige idee om een gezelschapsspel te maken van een traumatisch conflict dat in de afgelopen jaren miljoenen mensenlevens heeft gekost.’ Volgens de brief ‘treedt De Balie met dit paternalistische initiatief in de voetsporen van de Belgische koning Léopold’.
Het protest had effect: over de grenzen, andere structurele oorzaken en mogelijke oplossingen van het geweld in Congo werd maar weinig gepraat, maar des te meer over Europees (neo)kolonialisme, paternalisme, en insensitiviteit. Wat dit laatste betreft, werd de vergelijking getrokken met de Tweede Wereldoorlog: om ons voor te stellen hoe pijnlijk een discussie over de grenzen van Congo is, moesten Nederlanders zich voorstellen hoe het zou zijn als in 1944 werd nagedacht over het opnieuw trekken van de grenzen van Nederland.
Het is de juiste vergelijking, maar de verkeerde conclusie. De Tweede Wereldoorlog was namelijk zo’n schok voor veel Nederlanders, en andere Europeanen, dat zij inderdaad gingen nadenken over de logica van het langs scheidslijnen opgedeelde continent dat georganiseerd was naar onderlinge competitie tussen staten, en waarbij territorium voortdurend inzet van oorlog werd. De Europese Unie, die de basis legde voor zestig jaar vrede in Europa en die als voorbeeld wordt gezien in vele delen van de wereld, is de vrucht van die gedachten over hoe een andere politieke en sociale structuur mogelijk zou zijn – gedachten die ontsproten uit een uiterst destructief conflict, zoals dat in Congo.
Een EU-achtige opzet is misschien helemaal niet de oplossing voor het geweld rond de Grote Meren, maar nadenken over onderliggende oorzaken en oplossingen blijft een urgente en belangrijke vraag die juist nu moet worden gesteld. Het debat moet natuurlijk worden gevoerd op een manier die mensen niet schoffeert, en mensen – Congolezen vooral – moeten ook zeker aangeven wanneer dat wél gebeurt. Daarbij is het overigens wel fijn als mensen zich niet al te zeer te buiten gaan aan morele opwinding, zoals de brievenstuurders van het Afrika Studie Centrum. Maar het belangrijkste is dat de discussie niet blijft hangen op de vraag wie het debat mag aansnijden en op welke manier. Dat moet een bijzaak blijven en niet de hoofdzaak. Daar is het onderwerp te belangrijk voor.

Het programma van de Balie en de flyer

De brief van Julie Ndaya en Ineke van Kessel van het Afrika Studie Centrum