Niks voor niets

December, de maand van cadeautjes, lijkt mij geëigend om de woorden van mijn vader in herinnering te brengen. ‘In het leven krijg je niets cadeau.’ Wijsheid die hij niet aan zichzelf toeschreef maar aan zijn vader, en die had hem van zijn vader, leeuwentemmer te Salzburg.

Nu ik de jaren des onderscheids bereikt heb, wordt het tijd dat ik mijn kijk op deze materie verwoord. Ook bij mij begon het met een groot cadeau: ik werd geboren. Maagdelijke geest in een nietig lichaam.
De lui die zich verantwoordelijk voelden voor mijn geboorte verzorgden mij tot ik op mijn eigen benen kon staan, eerst lichaam, toen geest. Het spreekt voor zich dat ik hun zorg moest verdienen. Piano spelen, gedichten van ene Slauerhoff voordragen, dode talen leren en mij onthouden van smakken, boeren en winden laten. Ik deed dat braaf. Ik vloekte dat ik niet een villa verder was geboren. Daar kreeg mijn buurmeisje kost en inwoning in ruil voor een keer per week met haar notarisvader de vlakke meetkunde doornemen.
Ik dacht toen nog dat seks onder alle omstandigheden genot was. Dat het zo eenvoudig niet ligt kwam ik pas aan de weet gedurende mijn huwelijken één tot en met vier. Denk niet dat mijn exen hun financiële positie zonder opofferingen hebben verbeterd. Al mijn frustraties heb ik op ze uitgeleefd. Zodat ik vandaag kan concluderen: elk cadeau is een achterstallige betaling. Of erger, een voorschot op te bewijzen diensten.
Die leeuwentemmer had gelijk: je krijgt in het leven niets cadeau. Ook niet in december.