No mosque here!

Amy Waldman, The Submission, € 16,95

Het was 11 september een jaar geleden en ik vond mezelf terug bij Ground Zero, in een menigte die voor tweederde uit nabestaanden van 9/11-slachtoffers bestond en verder uit leden van de pers: journalisten met blocnootjes, fotografen, cameramannen, radioverslaggevers, de hele rataplan. Er was een podium en op dat podium stond Geert Wilders. ‘No mosque here!’ riep hij, in een Engels dat naar Limburg klonk, en het duurde niet lang voordat zijn publiek, minus het perskorps, met hem meebrulde: 'No mosque here! No mosque here! No mosque here!’
Die dag, en de kwestie die toen een week of wat het nieuws domineerde - het plan om een paar blokken verderop een islamitisch cultureel centrum te bouwen werd vertaald naar 'een moskee op Ground Zero’ en, bijgevolg, 'sharia in Amerika’; op televisie verbrandden priesters de koran - schoot me weer te binnen bij het lezen van Amy Waldmans goed getimede debuutroman The Submission. De roman speelt zich af twee jaar na een terroristische aanslag op twee iconische gebouwen in Manhattan - 11 september en de tweelingtorens, uiteraard, al worden die nooit bij naam genoemd. De plek van de aanslag is nog altijd leeg en er wordt een prijsvraag uitgeschreven voor een monument aldaar. De inzending is anoniem. De jury bestaat uit kunstcritici, historici, kunstenaars en een 'familielid’, zoals de nabestaanden van de slachtoffers worden genoemd.
The Submission opent tijdens het slotberaad van de jury. Wanneer er eindelijk een winnend ontwerp is gekozen - een tuin, opgedeeld in vier kwadranten, omringd door een witte muur - wordt de naam van de ontwerper bekendgemaakt: Mohammad Kahn, een Amerikaanse moslim. Niet de best denkbare uitkomst, zeker zo kort na de aanslagen, maar terwijl de jury zich afvraagt wat te doen, wordt Kahns naam gelekt naar de pers en ontstaat er een mediahype die het geweld en venijn rondom de 'moskee op Ground Zero’ naar de kroon steekt.
The Submission volgt het ontstaan, verloop en de escalatie van die hype door de ogen van een aantal personages: Mohammad Kahn; Claire, het 'familielid’ in de jury; Sean, broer van een overleden brandweerman en medeaanvoerder van de oppositie tegen het monument; Alyssa, een ambitieuze journaliste die het nieuws van Kahns uitverkiezing 'breekt’ en vervolgens mede 'maakt’; en Asma, een illegale immigrante uit Bangladesh wier overleden man schoonmaker was in een van de torens. De cast wordt aangevuld met een conservatieve radiopresentator, een gouverneur die de kwestie gebruikt om hoger te klimmen in de peilingen en de charismatische voorzitter van een belangenvereniging voor moslims die zich over Kahn ontfermt. Stock characters, zoals de Amerikanen zouden zeggen, maar behalve herkenbaar zijn ze ook 'eigen’ en daardoor geloofwaardig.
The Submission gaat uiteindelijk over principes en standpunten. Waldmans personages zijn óf voor óf tegen het monument en allemaal hebben ze een reeks argumenten paraat om dat standpunt te onderbouwen. Sean is tegen, want het idee van een islamitische ontwerper is beledigend en kwetsend. Claire is voor, want Kahn heeft eerlijk gewonnen en als de nominatie hem wordt ontnomen toont Amerika zich net zo intolerant als de terroristen waar de ellende mee is begonnen. Kahn weigert zich terug te trekken, maar ook weigert hij de Amerikaanse bevolking gerust te stellen door het gerucht te ontkrachten dat zijn tuin een islamitisch paradijs zou zijn. Waarom moet hij zich rechtvaardigen, vraagt hij zich af, terwijl zo'n vraag nooit aan een niet-moslim gesteld zou worden?
Waldman heeft lang als journalist gewerkt - onder meer voor The New York Times, als co-chef van het bureau in Zuid-Azië - en er zijn momenten waarop The Submission als een uitgebreide oefening in 'hoor en wederhoor’ aandoet: haar personages gaan discussiërend door het leven en de roman is vol vergaderingen, gesprekken, debatten en media-optredens waarin het ene standpunt tegenover het andere wordt geplaatst. Gelukkig gaat Waldman daarnaast ook op zoek naar de basis voor die principes - en die blijkt doorgaans verre van helder te zijn. Zo weet je bij Kahn niet of hij nou rechtvaardig en rechtlijnig is of gewoon ontzettend ambitieus. De gouverneur baseert haar principes op haar kiezers. Seans strijd lijkt net zozeer voort te komen uit zijn verlangen zijn overleden broer te eren als uit zijn wens het eindelijk van hem te winnen. En Claire komt er steeds meer achter dat haar principes niet de hare zijn, maar die van haar eerste liefde, Jack: 'At twenty she had subscribed to [these values] so strongly because he did, because she wanted his approval, which, in retrospect, made her poor soil for the plant of principle.’ The Submission betekent zowel 'de inzending’ als 'de overgave’ of 'het toegeven’; Waldmans personages zijn koppig, en pas als het debat akelig uit de hand loopt, wordt er hier gebogen en daar gebarsten.
Uiteraard heeft 11 september al verscheidene romans geïnspireerd - Falling Man van Don DeLillo, Extremely Loud and Incredibly Close van Jonathan Safran Foer, Saturday van Ian McEwan, Terrorist van John Updike, om er maar een paar te noemen. Waar die romans zich vooral richten op de oorzaken en gevolgen van die dag op personen, daar gaat The Submission meer over het effect op een land. De roman gaat over de verdeeldheid, de bitterheid en de hysterie die in de Verenigde Staten de toon bepalen, eens te meer sinds 11 september. Maar het gaat ook over wat Amerika mooi maakt - het idee van een anonieme inzending voor het monument heeft iets ultiem democratisch - en over de vraag waarom mensen als de ouders van Kahn en de man van Asma hiernaartoe wilden verhuizen. Het maakt The Submission nog niet monumentaal, maar wel een treffend en prikkelend tijdsdocument.

AMY WALDMAN
THE SUBMISSION
Farrar, Straus & Giroux, 320 blz., $ 26.-