‘nu lukt het’

Beurtelings zijn Groene-redacteuren zes weken lang de gast van een Vietnamees weekblad, een Boliviaanse tv-zender of een Kazachstaanse Internetkrant. Vanaf de Redactie Binnenland berichten ze over het dagelijks leven ter plekke. Deze week de eerste aflevering van de reportagereeks van Joris van Casteren vanaf de burelen van het Nigeriaanse opinieweekblad Newswatch.

LAGOS - Journalisten vechten om een paraplu. Een vrachtwagen met ‘democracy’-shirts wordt geplunderd. Rode Kruis-medewerkers graaien naar iets van hun gading. De nieuwe president van Nigeria begint zijn inaugurele rede. Helpt hij Nigeria er bovenop? Ontelbare barsten krioelen over de voorruit. Bij elke oneffenheid in de weg - een metersdiepe kuil, een stuk stoeprand of gewoon rondslingerend vuil - rukken ze verder op. In het midden van het raam, waar de barst ooit begonnen is, heeft de taxichauffeur om erger te voorkomen een sticker geplakt: '29th May, hand-over by the military to civilians. Nigeria’s return to democracy’. De radio staat voluit. Fela Kuti, de populaire Nigeriaanse volkszanger die vorig jaar overleed aan de gevolgen van aids, vult de muffe Peugeot met een melancholisch stemgeluid en opzwepende drums. Erdoorheen klinkt vals de claxon van de taxichauffeur en die van de ontelbare medeweggebruikers die woest op hem reageren. Links en rechts worden we ingehaald door opgevoerde brommers met lange antennes, loshangende knipperlichten en versleten zadels waar de vulling uit te voorschijn stulpt. Minstens twee passagiers klampen zich vast aan de bestuurder die ver naar voren over de brandstoftank is geschoven. We passeren traag voortkruipende, gedeukte gele bussen, vol straatarme sloebers uit de sloppen van Lagos. Hemdsflarden wapperen rond hun lijven. Ze hangen aan de deuren of zitten op het dak. Voor ons blaast een vrachtwagen vol puinbrokken roetzwarte wolken uit. Ontelbare, tientallen jaren oude auto’s, geïmporteerd uit westerse landen, wringen zich erlangs. WAT ER OOK GEBEURT, wijk voor niemand uit, is de gulden regel in het Nigeriaanse verkeer. Wijk zelfs niet uit als er een sirene achterop komt. Volgens de chauffeur is het in negen van de tien gevallen toch maar een linke Nigeriaan die sneller dan anderen thuis wil zijn. 'Olusegun Obasanjo, onze eerwaarde president die morgen beëdigd wordt, heeft aangekondigd ook met dit soort kleine vormen van corruptie ongenadig de strijd aan te binden’, zegt Olu Ojewale vanaf de achterbank. Ojewale is redactiechef van Newswatch, een onafhankelijk Nigeriaans opinieweekblad. Op de internationale luchthaven van Lagos heeft Ojewale lang op zijn collega uit het verre Nederland moeten wachten. In Parijs, waar het toestel een tussenlanding maakte, werden twee illegale Nigerianen geboeid en gekneveld door Franse marechaussees aan boord gebracht, hetgeen grote beroering wekte onder de aanwezige landgenoten. Ze wilden pas vliegen als de boeien rond de polsen van hun kameraden waren losgemaakt. Als het verkeer dreigt vast te lopen komt de berm tot leven. Straathandelaren trekken met hun waar langs de neergedraaide autoramen. Wasmiddel, rauwe stukken vlees, gewaden, hoeden, kranten; alles is te koop. Driftig wordt onderhandeld over de prijs. Lepralijders op primitieve skateboards komen om een aalmoes vragen. In februari van dit jaar werd oud-generaal Olusegun Obasanjo van de People’s Democratic Party (PDP) met een opvallend overweldigende meerderheid tot president gekozen. Hoewel zijn grootste rivaal Olu Falae van All People’s Party (APP) en enkele verkiezingswaarnemers waaronder 1 Jimmy Carter en generaal Powell van grove stembusfraude melding maakten, werd de uitslag geldig verklaard door de Onafhankelijke Nationale Verkiezingscommissie (INEC). De internationale gemeenschap gaf de 62-jarige Obasanjo het voordeel van de twijfel: Nigeria mag terugkeren in de Commonwealth en er worden pogingen ondernomen om de bevroren handelsbetrekkingen tot leven te wekken. Juist vanwege zijn verleden is Obasanjo degene die het met 108 miljoen inwoners grootste land van Afrika er weer bovenop kan helpen, zo wordt algemeen gedacht. Als met de onwaarschijnlijke olierijkdom gedaan wordt wat gedaan moet worden, kan Nigeria uitgroeien tot een van de meest welvarende landen ter wereld. Generaal Obasanjo kwam in februari 1976 aan de macht en was de eerste militaire heerser die het land naar vrije verkiezingen leidde. Die werden gewonnen door de democraat Alhaji Shehu Shagari van de National Party of Nigeria. Het ging goed totdat generaal Muhammadu Buhari in 1983 een bloedige coup pleegde en de macht overnam. Twee jaar later werd hij minstens zo hardhandig opzijgeschoven door generaal Ibrahim Babangida, die het land tot 1993 in een ijzeren greep zou houden. Toen Babangida het in 1993 dan eindelijk opnieuw tot verkiezingen liet komen en de populaire Mosood Obiola op een overwinning afstevende, werden de verkiezingen door de militairen geannuleerd. Obiola werd in de gevangenis gezet waar hij een jaar later aan een vergiftiging overleed. Dictator Sani Abacha zag zijn kans schoon en installeerde zijn gruwelregime dat alle voorgaande deed verbleken. DE ZON STAAT nog laag als we de volgende ochtend met 'Pope John Paul(II’, een gammel toestel van Nigeria Airways opstijgen van het nationale vliegveld van Lagos. Vanuit de lucht is goed te zien hoezeer de vier miljoen zielen tellende stad lijdt onder de nu al jaren durende economische crisis en de buitenlandse schuld van zo'n zeventig miljard gulden. De roestige plaatijzeren daken van de sloppenwijken strekken zich uit van horizon tot horizon. Af en toe worden ze onderbroken door een gebarricadeerde villa waar blanke zakenlieden of corrupte oud-militairen zich schuilhouden. 'We gaan er bovenop komen’, zegt Ojewale als we door de wolken omgeven zijn. Als Nigeria serieus voortgaat op het ingeslagen democratische pad valt er heus wel over kwijtschelding van schulden te praten, denkt hij. Ojewale: 'De militairen hebben dit land als bloeddorstige teken leeggeslobberd. Wat kan de gewone Nigeriaan daar aan doen?’ Generaal Sani Abacha is wat hem betreft de grootste boosdoener geweest. In 1995 riep de dictator internationale verontwaardiging over zich af door voor het oog van camera’s schrijver en activist Ken Saro Wiwa en acht andere Ogoni’s als jachttrofeeën op te hangen. In Ogoniland, in het zuidoosten van Nigeria, was Saro Wiwa in opstand gekomen tegen Shell, het Brits-Nederlandse concern dat in de Niger-delta in het zuidoosten van het land grote hoeveelheden olie uit de grond pompt. Duizenden tegenstanders verdwenen onder Abacha’s regime achter de tralies. Nigeria werd ondergedompeld in een moeras van corruptie waar het tot op de dag van vandaag verder in wegzinkt. Vorig jaar overleed Abacha onverwacht aan de gevolgen van een hartaanval. 'Het was een godswonder’, zegt Ojewale onder het genot van een taaie vliegtuigsandwich en een kop lauwe koffie. Newswatch heeft volgens hem aanwijzingen dat de hartaanval veroorzaakt is door een overdosis viagra. 'Zoveel hoeren als die man te plezieren had.’ Na de dood van Abacha nam generaal Abdulsalami Abubakar tijdelijk de zaken waar. Hij liet de door Abacha gedetineerde Obasanjo uit zijn cel, schreef verkiezingen uit en hielp Nigeria aan een grondwet. Ojewale: 'Hoewel er op Abubakar veel af te dingen valt, zijn veel Nigerianen hem dankbaar voor de nieuwe koers die hij binnen zo'n korte tijd met het land is ingeslagen.’ Na een uurtje vliegen landen we in Abuja, de federale hoofdstad van Nigeria. Halverwege de jaren zeventig werd de stad in snel tempo uit de grond gestampt. Voor de eenheid van het land was dat beter omdat talrijke stammen in Nigeria - met name de Haussa-Fulani in het noorden en de Ibo’s in het oosten - vonden dat de Yoruba’s in het zuidwesten te veel profiteerden van een hoofdstad op hun grondgebied. VANDAAG VINDT HIER in Abuja de inauguratieceremonie van Obasanjo plaats. De militairen zullen voor de vierde keer sinds de onafhankelijkheidsoverdracht door Groot-Brittannië in 1960 de macht overdragen aan een democratisch gekozen president. Hoewel het al drie keer mislukt is hebben de meesten er vertrouwen in dat het ditmaal wel gaat lukken. Zo niet Tunde Asaju, de Newswatch-correspondent te Abuja, die ons op het vliegveld verwelkomt. 'Niet alleen het bestuur van een land moet veranderen. Ook de Nigerianen zelf. Dat zie ik gewoon niet gebeuren.’ We stappen in zijn mosterdkleurige Datsun die volgens een sticker op de bumper door de ANWB in 1978 voor het laatst is gekeurd. De inauguratie vindt plaats op Eagle Square, een plein ter grootte van twee voetbalvelden met rondom enkele tribunes. Het kijkt uit op het parlementsgebouw, het hooggerechtshof en Aso-rock, een gigantische rots aan de voet waarvan de presidentiële villa ligt. 'Het complex is door een Duitse firma in drie maanden in elkaar getimmerd’, zegt Asaju. 'Ik voorspel dat er over een jaar geen spaander meer van heel is. De armen zullen niet rusten tot ze alle kuipstoeltjes er uitgesloopt hebben.’ We passeren een enorme moskee en even later een immens kerkgebouw. Asaju: 'De helft van alle Nigerianen is moslim, de andere helft christen. Er was gisteren een vreselijke verkeersopstopping omdat men massaal was gaan bidden voor een goede afloop vandaag.’ Volgens Asaju zijn gelovigen alleen maar onruststokers. 'Vorige week heeft een of andere zelfbenoemde priester het gerucht verspreid dat Obasanjo dood zou zijn. Direct braken in Lagos rellen uit. Het volk werd pas weer rustig toen Obasanjo op de radio begon te spreken.’ De mensenmassa wordt dichter naarmate we Eagle Square naderen. Duizenden en nog eens duizenden Nigerianen zijn op weg om een glimp op te vangen van hun nieuwe leider en van de vele andere staatshoofden die de plechtigheid bijwonen. Na het parkeren van de auto kost het een uur voor we de perstribune bereiken. Asaju jaagt een groepje straatjongens van de tribune die de gereserveerde plekken bezet houden. Een militair geeft ze met zijn geweerkolf op hun donder. 'Elk ogenblik kan Prins Charles arriveren’, brult een omroeper door de luidsprekers. Het volk joelt als het hardhandig uiteengejaagd wordt door ordetroepen en de prins en een handvol bodyguards met zonnebrillen uit een gepantserde Mercedes te voorschijn stappen. Aanmerkelijk meer moeite kost het Nelson Mandela en zijn gevolg om door de menigte te komen. Er komen Duitse herders, soldaten op paarden en ontelbaar veel zweepslagen aan te pas. Helemaal chaotisch verloopt de aankomst van Obasanjo. Een armada van Peugeotjes met rode en blauwe zwaailichten moet op de menigte inrijden om de presidentiële limousine voor de eretribune geparkeerd te krijgen. De eretribune is omgeven door kogelvrij glas. Af en toe zoomt een camera die rechtstreeks beelden projecteert op twee gigantische schermen in op een grijnslachende Kabila, een nors kijkende Jesse Jackson of een driftig gesticulerende Museveni. Vier batterijen uniformen die tot dan toe urenlang stokstijf stonden beginnen met de grootst denkbare regelmaat en precisie te marcheren. Hun geestdriftig opgepoetste manchetknopen fonkelen in de zon. Het is alsof ze met hun laarzen een enorme onzichtbare rol tapijt voor zich uit duwen. 'Ze zijn begonnen aan de weg terug naar de barakken’, zegt Ojewale. 'De vraag is of ze daar ook blijven’, reageert Asaju. 'Het historische moment is eindelijk aangebroken’, schalt het opgewonden over Eagle Square als de militaire kapel klaar is met het afscheidsdeuntje voor generaal Abdulsalami Abubakar. 'Nu zal volgen de inauguratie van de democratisch gekozen president.’ Gejuich. Op het scherm is te zien hoe Obasanjo en vice-president Alhaji Abubakar Atiku het inauguratiepodium betreden. Op het moment dat de Chief Justice de beëdiging begint, breekt op de perstribune een gevecht uit. BBC- en CNN-correspondenten klappen angstig hun laptopjes dicht. 'Dit is ongelooflijk’, zeggen Asaju en Ojewale tegelijkertijd. 'Ze vechten om een paraplu.’ De paraplu’s zijn even daarvoor onder journalisten verspreid door het ministerie van Informatie. De minister van Informatie komt in hoogsteigen persoon de gemoederen tot bedaren brengen. Achterna gezeten door twee pr-functionarissen klimt hij de tribune op om een van de ruziënde journalisten in zijn kraag te vatten. Obasanjo is inmiddels begonnen aan zijn inaugurele rede, waarvan op de perstribune niets is te verstaan. De onrust slaat over naar de publieke tribune en vanaf daar naar het volk buiten het stadion. Een vrachtwagen vol 'Nigeria’s return to democracy’-T-shirts wordt geplunderd. De chauffeur wordt uit zijn cabine gesleurd. Militairen, politieagenten en zelfs Rode Kruis-medewerkers graaien naar iets van hun gading. Als de saluutschoten worden afgevuurd wordt het kalm. Even later kondigt de omroeper de fly past aan. Iedereen tuurt naar de hemel. Drie straaljagers komen angstwekkend laag overscheren. Ze braken groene, witte en nog eens groene rook uit. Enkele seconden blijft de Nigeriaanse vlag in de lucht getekend staan. Het orkest begint het volkslied te spelen. Aarzelend wordt meegezongen. Obasanjo en Abubakar laten zich gebroederlijk triomferend in een legerjeep Eagle Square overrijden. NA AFLOOP BANEN we ons een weg door de verstikkende mensenzee. Het duurt uren voor we de regioredactie aan de andere kant van de stad bereikt hebben. Het is een hokje van hooguit vijf bij vijf, met daarin drie provisorische bureautjes met schrijfmachines, dat gedeeld moet worden met collega’s van The Punch, een Nigeriaans dagblad. Olu Ojewale en Tunde Asaju gaan op versleten rieten stoeltjes zitten en beginnen aan hun verslag.