TONEEL Een Odyssee

ODYSSEUS IN DEN HELDER

Odysseus zit naar de zee te staren. Hij is het eiland van de nimf Calypso en haar liefde beu, hij wil naar huis, naar Ithaka, naar zijn vrouw Penelopeia en zijn zoon Telemachos, die hij al twintig jaar niet heeft gezien. Wij zitten op het strand aan de noordpunt van Noord-Holland, bij Den Helder, op een overdekte tribune, met een deken over de knieën tegen de wind. We zien het strand, soms met verbaasd kijkende voorbij lopende of fietsende mensen. We zien de zee, met zeilboten. We zien Texel liggen aan de overkant. We zien de wolkenlucht en overvliegende meeuwen. En ver weg zit daar Odysseus. Hij vertelt zijn verhaal in homerische hexameters, hij ruziet met Calypso in alledaagse taal (‘Sorry’, ‘Shit’, ‘Yes!’). Ad de Bont van Wederzijds weeft de verschillende talen naadloos aan elkaar en het lukt hem de eerdere belevenissen van Odysseus via gezongen liederen (op efficiënte en aanstekelijke muziek van Guus Ponsioen) in het laatste deel van het verhaal te vlechten.
Ad de Bont heeft deze versie van de Odyssee oorspronkelijk voor Schauspielhaus Hamburg geschreven; ze wordt intussen al door acht Duitse gezelschappen gespeeld. Maar ik kan me niet voorstellen dat het daar met net zo veel ruimte, humor en relativering gebeurt als hier in Den Helder. Niet alleen wordt hier een spannend avonturenverhaal verteld en een klassiek epos toegankelijk gemaakt voor jonge kinderen, het gaat vooral over allerlei menselijke relaties.
Zeus heeft het moeilijk met zijn daadkrachtige dochter Pallas Athene en zijn rancuneuze broer Poseidon. Telemachos gelooft niet meer dat zijn vader na twintig jaar afwezigheid ooit nog terug zal komen. Je kunt je afvragen of Odysseus bij thuiskomst niet eenzelfde lot zou kunnen treffen als Agamemnon, die immers door zijn vrouw en haar minnaar in het bad wordt vermoord. Het verhaal wordt in de handen van Ad de Bont extra spannend door angst, twijfel en onzekerheid. En extra menselijk omdat het wordt doorgetrokken tot 35 jaar na de terugkeer van Odysseus, als Penelopeia, tachtig jaar oud, sterft in de armen van haar man.
Het decor bestaat uit dingen die op een strand zouden kunnen aanspoelen: containers, pallets, een groot zeil. De god Hermes komt op een racefiets aanrijden, Zeus brengt Athene op een motor naar Ithaka, Odysseus holt naar de horizon, een andere figuur komt van heel ver aan skeeleren, je weet niet eens of hij erbij hoort of niet. De kostuums zijn oud-Grieks en eigentijds door elkaar (vormgeving: Renée Zonnevylle). Vaak is de bewerking scherp en raak. Nausikaa is een verveeld jong meisje dat met haar vriendinnetje rondrijdt op een autopet. Ze vragen zich af wie die Odysseus eigenlijk is. Een held uit de oorlog: ‘Toch niet weer die Trojaanse oorlog? Die is al zó lang geleden…’
Ze worden hier weer mensen, die Griekse helden, nimfen en goden. Ze ontroeren in hun onhandigheid en onmacht, in wat ze toch proberen en hier uiteindelijk voor elkaar krijgen: een machtsovername zonder bloedvergieten in Ithaka door Odysseus. Een wondertje daar op het strand, van techniek, conceptie, uitvoering, spel, zang, muziek, maar vooral van wijsheid en humor. Voor kinderen, maar voor hen niet alleen.

Een Odyssee is t/m 8 juni te zien op het Kaaphoofd, Den Helder