Old girls-netwerk

Op 8 november zijn er in Amerika Congres-verkiezingen. De old boys in Washington moeten dit keer ernstig rekening houden met het old girls-netwerk van Emily’s List.

WASHINGTON - Met 6,2 miljoen dollar aan donaties streefde Emily’s List in 1992 de Vereniging van Makelaars voorbij als grootste donor aan verkiezingscampagnes voor het Amerikaanse Congres. Een opmerkelijk staaltje van een organisatie die vrouwelijke politici een kans wil geven in een land waar lobbyisten de dienst uitmaken en politieke invloed alleen met harde dollars te koop is. Ellen Malcolm, oprichtster en president van Emily’s List, betreurt de prominente rol van geld in de politiek, maar: ‘Zolang dit de regels van het spel zijn, moeten we ervoor zorgen dat vrouwen het spelletje kunnen meespelen.’
Het is een duur spelletje. Een campagne voor een van de zeshonderd zetels in het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden kost de kandidaten iedere twee jaar tussen de 500.000 en de miljoen dollar, en een race om een senaatszetel kan wel tien miljoen kosten. 'Als je als kandidaat geen geld hebt voor radio- en televisiereclame kun je je programmapunten niet bekend maken, en als je de negatieve spotjes van je tegenstander niet kunt weerleggen, heb je geen schijn van kans om gekozen te worden.’
Al bijna tien jaar steunt Emily’s List vrouwelijke politici van de Democratische Partij die voor het recht op abortus zijn. Kandidaten voor het Congres, de Senaat en het gouverneurschap die aan deze criteria voldoen en bij Emily’s List in de gratie vallen, kunnen rekenen op gratis workshops over campagnevoeren en fundraising, plus een bijdrage aan de campagnekas van 25.000 tot 500.000 dollar. Vooral in het begin van een campagne kan zo'n donatie het verschil betekenen tussen stoppen of doorgaan.
De afgelopen zeven jaar zijn vrijwel alle vrouwelijke Democraten in het Congres en de Senaat daar met de steun van Emily’s List terecht gekomen. De organisatie maakte haar belofte waar in 1992, het veelbesproken Jaar van de Vrouw, toen 55 kandidaten via Emily’s List meer dan 6,2 miljoen dollar aan individuele contributies ontvingen. Meer dan de helft van hen won, met als gevolg dat het aantal vrouwen in het Congres en de Senaat verdrievoudigde. Een indrukwekkende score, maar geen reden om stil te gaan zitten, vindt Malcolm. Nog steeds bezetten vrouwelijke Democraten slechts zes procent van de zetels in het Congres en maar vijf procent in de Senaat. De Republikeinen doen het nog slechter met twee procent in beide organen.
IN WASHINGTON zijn de voorbereidingen voor de verkiezingen in volle gang en in het hele land woedt de campagnekoorts. Er zal op 8 november worden gestemd over alle zeshonderd zetels van het Huis van Afgevaardigden en ook een derde van de honderd senatoren is in de race voor herverkiezing. De partij die de president levert, heeft het traditioneel moeilijk in de verkiezingen en de Democratische Partij kan dit jaar dus wel wat hulp gebruiken.
Malcolm steunt nu dertig kandidaten voor de Senaat en het Congres, maar dit keer vragen vooral de verkiezingen voor het gouverneurschap haar aandacht. Tot voor kort was dat een post die aan mannen voorbehouden leek, maar er zijn inmiddels drie vrouwelijke gouverneurs en Emily’s List steunt dit jaar dertien kandidaten voor de functie. Malcolm: 'Het is belangrijk voor Democratische vrouwen om het gouverneurschap van de staten op zich te nemen. Tenslotte hebben acht van de presidenten in deze eeuw eerst gediend als gouverneur.’
Ellen Malcolm zit achter een imponerend bureau in haar kantoor in het centrum van Washington en heeft net een power meeting achter de rug met drie kandidaten voor het gouverneurschap van de staten Iowa, Illinois en Kansas. 'Stuk voor stuk fantastische vrouwen die een kans hebben om te winnen’, zegt ze tevreden. Alledrie kunnen ze rekenen op de financiele en logistieke steun van Emily’s List. Hun kansen op het gouverneurschap zijn daarmee aanzienlijk gestegen.
EMILY’S LIST is Malcolms geesteskind. In 1985 richtte ze de organisatie op met het doel om een neergaande tendens in het aantal vrouwen in de landelijke politiek te keren. Als woordvoerster van de National Women’s Political Caucus - ook een organisatie die vrouwen in de politiek ondersteunt - zag ze tot haar grote frustratie tussen 1972 en 1987 het aantal vrouwelijke afgevaardigden in het Congres niet stijgen, maar dalen. Toen in 1982 een sterke, vrouwelijke kandidaat voor de senaatszetel van Missouri met een marge van een procent van een mannelijke tegenspeler verloor, ondernam Malcolm actie. Ze besloot een netwerk van donors op te richten dat de verkiezingskassen van vrouwelijke kandidaten moest spekken, en ging terug naar school om meer over management en marketing te leren. Om de organisatie van de grond te krijgen liquideerde ze de IBM-aandelen die ze van haar vader had geerfd. Hoewel ze in een conservatief Republikeins zakenmilieu was opgegroeid, was haar eigen politieke kleur al op de universiteit naar de Democratische partij verschoven, en dat zou ook de orientatie van de nieuwe organisatie zijn.
Inspiratie voor een pakkende naam vond ze in een pak gist in haar keukenkastje: Emily staat voor 'Early Money Is Like Yeast (it makes the dough rise)’, ofte wel: 'Startgeld is als gist (het doet het deeg rijzen)’, waarbij dough niet alleen deeg betekent, maar ook poen. Er zijn in Washington heel wat schampere grappen gemaakt over die naam, maar Malcolm zegt: 'Als we de organisatie iets als Women’s Democratic Forum hadden genoemd, hadden we nog geen twee dollar ingezameld.’
De metafoor van de keuken is ironisch. De 29.000 leden van Emily’s List gaan doorgaans gekleed in mantelpak, houden zich meestal ver van het aanrecht en steken hun gelakte nagels steken zelden in het deeg. Voor politiek hebben deze geslaagde dames van middelbare leeftijd weinig tijd en het is een mirakel hoe Malcolm ze heeft weten om te vormen tot een leger van genereuze donors en actieve campagnevoerders. Belangrijk is in ieder geval dat Malcolm de moed had om haar leden om een contributie van honderd dollar te vragen en hen daarnaast verplichtte om nog eens minimaal twee cheques van honderd dollar uit te schrijven voor aanbevolen kandidaten. De meeste vrouwenorganisaties durfden nog geen vijf dollar van een vrouw te vragen. Malcolm: 'Ik wilde dat vrouwen machtige spelers in het middenveld zouden worden, niet een politiek randverschijnsel.’ Om die reden werd ze ook geen lid van de 21st Century Party, een politieke partij voor vrouwen die in januari 1991 door Amerikaanse feministen werd opgericht.
EMILY’S LIST stelt drie simpele eisen voor financiele steun: de kandidaat moet een vrouw zijn, lid van de Democratische Partij en voorstander van het recht op abortus. Een minder simpele eis is dat ze bovendien een goede kans moet hebben om te winnen, een criterium dat grotendeels ter beoordeling is aan Malcolm. Ze trekt veel tijd uit om die inschatting te maken en ziet ieder jaar talloze hopefuls aan haar bureau voorbijtrekken. In een uitputtende sessie worden de kandidaten aan een kritisch kruisverhoor onderworpen. Malcolm en haar medewerkers stellen daarbij vragen over de debatervaring van de kandidaat, de inschatting van de verkiezingskas van de tegenstander, et cetera. Malcolm: 'Het geld moet alleen daarheen gaan waar het daadwerkelijk effect kan hebben. Ze moeten in elk geval kunnen vechten, en geloofwaardigheid en overtuiging uitstralen.’
Toch zijn de externe omstandigheden veel belangrijker. Zo is een herverkiezing veel gemakkelijker dan een zetel voor een nieuwe kandidaat en in sommige districten heeft een Democratische kandidaat vanwege de politieke kleur van het district uberhaupt weinig kans. Bovendien kijkt Emily’s List naar de ervaring van de campagneleiders en de resultaten van opiniepeilingen. Zo werd het verzoek om steun van Mary Sue Terry, kandidaat voor het gouverneurschap van de staat Virginia, aanvankelijk afgewezen vanwege het overweldigende anti-Democratische sentiment in die staat. Winnen leek uitgesloten en de campagne ondersteunen was dus geldverspilling in de ogen van Malcolm.
Andere vrouwenorganisaties, zoals de invloedrijke National Organisation of Women (NOW), hebben die houding vaak bekritiseerd. Ze vinden dat het juist de taak van Emily’s List is om weinig kansvolle kandidaten een kans te geven, en ze verwijten Malcolm een al te pragmatische inslag waarmee ze de status quo in stand houdt. In tegenstelling tot Emily’s List steunde NOW al in een vroeg stadium de campagne van Carol Mosely Braun, de eerste zwarte vrouwelijke senator ooit in de senaat gekozen. Underdog Braun begon met een onwaarschijnlijk grote achterstand in de opiniepeilingen en verbaasde iedereen door op het laatste nippertje een populaire, onverslaanbaar geachte Republikeinse tegenspeler voorbij te streven.
KANDIDATEN DIE Malcolms keuring hebben doorstaan worden aan de leden voorgesteld in de nieuwsbrief van Emily’s List. Een profielschets begeleidt de aanbeveling en geeft uitgebreide informatie over de programmapunten van de kandidaat. De leden wordt gevraagd om cheques uit te schrijven aan de kandidaten van hun keuze en die naar Emily’s List te sturen. In Washington worden de cheques vervolgens 'gebundeld’: per kandidaat op een stapel gelegd en als stapel weggegeven.
Financiele steun aan verkiezingscampagnes verloopt in Amerika grotendeels via de zogenaamde PAC’s, de Politieke Actie Comites, waarvan Emily’s List er een is. De comites worden door belangengroepen opgericht, speciaal met het doel om kandidaten die de belangengroep gunstig gezind zijn, te steunen. Iedere groep van een beetje formaat heeft z'n eigen PAC-potje om het politieke spelletje mee te spelen en vrienden te maken in Washington. General Motors heeft een PAC, en de Vereniging van Tandartsen, maar ook vakbonden en consumentenorganisaties hebben hun eigen comites.
De in totaal 4100 PAC’s staan allemaal verplicht geregistreerd bij de federale overheid en hun activiteiten zijn aan strenge regels gebonden. Zo mag een PAC bijvoorbeeld per verkiezing niet meer dan vijfduizend dollar aan een kandidaat geven. Die limieten kunnen echter worden omzeild met het controversiele 'bundelen’ waar Emily’s List in uitblinkt en de laatste tijd steeds vaker om wordt bekritiseerd. Een 'bundel’ is namelijk geen donatie van een organisatie, maar een stapel individuele contributies van de leden, en zolang de afzonderlijke cheques de vijfduizend dollar niet overschrijden kan een PAC onbeperkt uitdelen aan kandidaten. Zo gaf Emily’s List in 1992 nog geen 400.000 dollar weg in directe donaties van de organisatie, maar de totale gebundelde donaties liepen tegen de vijf miljoen. Hoewel er de afgelopen maanden in het Congres en de Senaat verschillende wetsvoorstellen de revue gepasseerd die het bundelen aan regels moeten binden, ziet het er niet naar uit dat zo'n wet er zal komen, want de congresleden hebben weinig zin om deze overvloedige bron van inkomsten dicht te draaien. Ze willen tenslotte allemaal weer worden herkozen en veel van de voorstellen creeren dus zelf weer nieuwe mazen, waaronder een speciale uitzondering voor Emily’s List, voorgesteld door de vrouwen in het Congres. Als dank, zeg maar.
Malcolm ziet de kritiek als een direct gevolg van het overweldigende succes van de organisatie. Het is, in haar ogen, een teken van volwassenheid. Tenslotte is Emily’s List nu - met 29.000 leden, een budget van 3,5 miljoen dollar en 26 medewerkers - de grootste sponsor van politieke kandidaten in Amerika. Het idee is zelfs geimiteerd door de Republikeinse vrouwen. Zij hebben Wish List opgericht: campagneondersteuning voor vrouwelijke kandidaten van de Republikeinse partij die het recht op abortus steunen. 'Terrific’, vindt Malcolm. 'Het is belangrijk dat vrouwen in de politiek vertegenwoordigd zijn, niet alleen omdat ze net zo goed als mannen door politieke beslissingen worden geraakt, maar ook omdat je zonder vrouwen de helft van het talent van onze natie ongebruikt laat.’
Zo simpel is het ook voor de leden van Emily’s List. De meeste van deze zakenvrouwen, verpleegsters, leraressen en advocaten zijn nog nooit eerder politiek actief geweest, en de bundels van Emily’s List zijn een manier om hun stem nu eens luid en duidelijk te laten horen. Als het aan hen ligt, laat de eerste vrouwelijke president niet lang meer op zich wachten. Zou Malcolm dat willen zijn? Nee, zegt ze resoluut, 'because I love doing this’.