H.J.A. Hofland

Oliedom

Minister Eimert van Middelkoop van Defensie begint de rauwe werkelijkheid een beetje te ontdekken. Eerst liet hij weten dat er een ‘intentie’ in Den Haag was om de missie in Uruzgan na 2008 voort te zetten. Meteen werd hij door vriend en vijand besprongen. Als we nu al laten weten dat we daar over een jaar langer zullen blijven, zullen de bondgenoten het zeker laten afweten, concludeerde Hans van Baalen van de VVD. Van Baalen heeft een gezond wantrouwen in bondgenootschappelijke solidariteit. De minister begreep het. Hij noemde zijn uitspraak ‘oliedom’.

Is daarmee het incident gesloten? In ieder geval is de aandacht even afgeleid. De missie in Uruzgan heeft in één jaar al bijna evenveel gekost als oorspronkelijk over twee jaar was begroot. In 2006 dachten de deskundigen nog dat we in totaal 380 miljoen euro zouden uitgeven, nu zijn we al tegen de 600 miljoen kwijt. Laten we er in ieder geval rekening mee houden dat het nog duurder zal worden. Dit doet de bewindsman ook en daarom ‘hanteert hij de kaasschaaf’. Van de 88 tanks worden er 28 verkocht, zo ook achttien van de negentig F16’s en er komen geen Tomahawk kruisraketten. Nog meer bezuinigingen.

Twee vragen laat de minister buiten beschouwing. Maakt Nederland zich in Europa op deze manier niet onduldbaar zwakker? En als de Nederlandse missie langer in Afghanistan zou blijven, of door bijvoorbeeld een Belgische of Noorse wordt vervangen, is de kans dan groter dat de Taliban worden verslagen en dat het land weer dichter een normale staat nadert?

Met tanks en vliegtuigen werden in Europa de conventionele oorlogen gevoerd. Tot het einde van de Koude Oorlog hebben we rekening moeten houden met de mogelijkheid dat het land in zo’n strijd zou worden betrokken. Die kans werd wel steeds kleiner, maar we waren nu eenmaal lid van het bondgenootschap. Na de val van de Muur is de militaire theorie in een niemandsland terechtgekomen. Grote klassieke oorlogen, ook met kernwapens, waren onvoorstelbaar geworden. President Bush sr. riep de Nieuwe Wereldorde uit, in 1991 werd Saddam Hoessein binnen een paar weken in een conventionele oorlog verslagen en daarna begonnen voor ons de Roaring Nineties. Dat intussen in de Joegoslavische oorlogen tweehonderdduizend mensen het leven lieten, was erg, maar pas na acht jaar kwam het tot de ‘humanitaire oorlog’, uit de lucht.

Na 11 september 2001 is het ons langzamerhand duidelijk geworden dat voor het Westen de oorlog fundamenteel van karakter is veranderd. De nieuwe tegenstanders, de moslimfundamentalisten en Arabische nationalisten, hebben geen conventionele legers, luchtstrijdkrachten, radar, kogelvrije slaapcontainers en andere faciliteiten. Ze leggen bermbommen of blazen zichzelf op, waarbij ze zoveel mogelijk mensen meenemen. Het Westen, of de ouderwetse manier van oorlog voeren, had daar geen ervaring mee. Nu, na zes jaar, ruimschoots, maar deugdelijke conclusies zijn er nog niet uit getrokken. We hebben er alleen een term voor: asymmetrische oorlog.

Militaire theoretici zijn traag in het leren van de praktijk. Zo heeft het lang geduurd voor in de Eerste Wereldoorlog het geallieerde opperbevel de betekenis van het machinegeweer had doorgrond. In 1940 hadden de geallieerden geen antwoord op Hitlers Blitzkrieg en de Russen in 1941 evenmin. In Irak wordt nu al een jaar of vier bewezen dat de Amerikanen zich geen raad weten met de chaos waarvan ze zelf de oorzaak zijn. Afgezien van het aantal doden onder de burgerbevolking (hoeveel, niemand weet het), hebben de tegen de 3600 gesneuvelde Amerikanen tot gevolg dat president Bush het vertrouwen van de grote meerderheid van de bevolking heeft verloren. De soldaten moeten daar weg, hoe dan ook.

Door de oorlog in Irak is Afghanistan verwaarloosd. Zo werd de Taliban de ruimte geboden om terug te komen. De strijd wordt heviger, ook in de uithoek die Nederland werd toegewezen. Zoals in Irak vallen ook hier meer doden onder de burgers. President Karzai heeft geprotesteerd. Strijders van de Taliban kunnen zich veilig terugtrekken in het grensgebied met Pakistan en president Musharraf kan daar niets aan doen. Stap voor stap wordt Afghanistan tot het tweede Irak. Daar kunnen vijftienhonderd Nederlandse soldaten niets aan doen. De verantwoordelijkheid voor de grote mislukking in wording ligt in Washington.

Tussen 1979 en 1987 heeft een sovjetleger van ten slotte 140.000 man een vergeefse strijd in Afghanistan gevoerd. Gorbatsjov heeft een eind aan deze tragedie gemaakt. Die oorlog heeft bijgedragen aan de ondergang van de Sovjet-Unie. Nu komt minister Van Middelkoop. Hij verspreekt zich, wordt getroffen door de toorn van vriend en vijand. In het tumult blijft de kern van de zaak onbesproken. Het Amerikaanse opperbevel in Afghanistan deugt niet. We moeten daar weg, hoe eerder hoe beter, en dan de zaak opnieuw bekijken als er een nieuwe opperbevelhebber is aangetreden.