Circa 1957 – 2 juni 2012

Oliver

Aap Oliver keek treurig, dronk graag een slaapmutsje bij het tv kijken en besprong zijn baasjes. Was hij soms de ‘missing link’?

Het is een raar gezicht. Een chimpansee die loopt als een mens, op twee benen, weliswaar een beetje schommelend, maar wel heel rechtop en een heel eind achter elkaar. Net zo goed als het raar is zo’n aap rustig op een stoel te zien zitten, alsof hij ergens op theevisite is.

De chimpansee Oliver, die op 2 juni overleed, prikkelde dan ook de menselijke verbeelding. Hij is op talloze foto’s en filmpjes te zien, wandelend, rechtop zittend aan tafel, een beetje onderuitgezakt in een luie tv-stoel, in een tv-show in smoking, vlinderdasje om de nek. Hij ziet er menselijker uit dan gewone chimpansees, met zijn kleine hoofd, platte gelaat, spitse oren en smalle neus.

Vandaar dat de populaire media met graagte over hem berichtten en hem als een hybride betitelden, een ‘humanzee’, een wezen tussen mens en chimpansee. En als je Oliver beschouwt als de ‘missing link’, de ontbrekende schakel tussen mens en aap waar we sinds Darwin al door zijn gefascineerd, dan kijk je opeens ook anders naar zijn foto’s. Zeker naar die van zijn gezicht. Met zijn gladde schedel en verfijnde neus heeft hij inderdaad mensachtige trekken. En dan zijn ogen, die kijken je onmiskenbaar aan, en hebben een uitdrukking waar je niets anders dan verdriet in kan zien. Haast menselijk verdriet.

Het is allicht fijn om te weten dat Oliver menselijke eigenschappen had. Bijvoorbeeld dat hij van koffie hield en ’s nachts graag een slaapmutsje dronk bij het tv kijken. Dat drankje mixte hij zelf – een flinke scheut whisky waar hij wat Seven-Up bij goot; volgens andere verhalen brouwde hij zelf zijn martini. Of dat zijn lievelingskostje kokos­ijs was, dat hij sigaren rookte en kon huilen. Minder gezellig was dat hij geen belangstelling had voor vrouwelijke chimpansees en toen hij volwassen was zijn seksuele driften op zijn bazin en haar vriendinnen probeerde uit te leven. Hij kon het hoe dan ook niet echt vinden met andere chimpansees.

Maar die weetjes zijn heel wat minder fijn als je over zijn verdrietige levensloop leest. Oliver werd begin jaren zestig, toen hij nog jong was, gevangen in Congo en naar Amerika verscheept. Daar wisselde hij vaak van eigenaar en werd hij ofwel ingezet in circusachtige programma’s ofwel onderworpen aan wetenschappelijk onderzoek. Zijn eerste eigenaars, dierentrainers van honden, pony’s en apen, verkochten hem toen zijn hormonen begonnen op te spelen en hij hen ging belagen.

De volgende eigenaar, een advocaat in New York, zag vooral dollars in hem en trok met hem over de wereld, onder meer naar Japan, waar 26 miljoen Japanners zich aan de ‘aapmens’ vergaapten. Daarna kwam hij in handen van verschillende dierentrainers, die hem als freak tentoonstelden. In 1986 kwam hij terecht bij een onderzoekslaboratorium, waar geen proeven met hem werden gedaan, maar waar hij wel dag in, dag uit in een kleine kooi zat. Ten slotte belandde hij in een apentehuis in Texas, waar hij eindelijk met rust werd gelaten.

Een paar jaar geleden nog vertoonde Discovery Channel de documentaire Humanzee over Oliver, waarin weer eens beweerd werd dat hij de ‘missing link’ was. Hij zou 47 chromosomen hebben, één meer dan de mens en één minder dan chimpansees.

Er werd kortom opnieuw voeding gegeven aan het idee dat Oliver een tussenwezen was. Waarbij ook werd gespeculeerd wat de reden daarvan was: misschien was hij een kruising van een gewone chimpansee met een dwergchimpansee; misschien was hij inderdaad half aap, half mens. Volgens geruchten hadden er in China, Italië en Amerika jarenlang experimenten rond dit taboe plaatsgevonden. Was Oliver het resultaat van clandestiene genetische alchemie?

Al die speculaties waren bij het uitzenden van Humanzee al als onzin ontmaskerd. In 1996 waren Olivers chromosomen bestudeerd door een geneticus van de Universiteit van Chicago. Hij bleek gewoon 48 chromosomen te hebben en ook zijn schedelomvang, fijne gelaatstrekken, puntoren en kaalheid vielen binnen de normale variëteit van chimpansees. Hij was kortom een gewone aap. Dat was ook al lang zwart op wit gepubliceerd in de American Journal of Physical Anthropology.

Maar de motor van de menselijke verbeelding draait niet op feiten. Oliver bleef tot zijn dood de fantasie aanjagen. Er ontstonden bands met namen als The Humaneez en Oliver and the Humaneez en in de film Rise of the Planet of the Apes werd het personage Caesar op hem gebaseerd, de superintelligente primaat die de opstand van de apen tegen de mensen leidt.

Oliver zette niet alleen aan tot fictie, ondanks het wetenschappelijke bewijs van het tegendeel bleven mensen ervan overtuigd dat hij een aapmens was. Zoals dr. John J. Ely, bioloog aan Trinity University en een van de onderzoekers van het dna van Oliver, koeltjes schreef: ‘Voorzover ik tot nog toe heb gezien, zullen degenen die werkelijk willen geloven in hoog intelligente, tweevoetige Afrikaanse man-apen niet ontmoedigd raken door welk bewijs ook. De vasthoudendheid van dit diep gewortelde geloof is als psychologisch feit een interessant fenomeen op zichzelf.’

‘Degenen die werkelijk willen geloven in

hoog intelligente, tweevoetige Afrikaanse man-apen zullen niet ontmoedigd raken door welk bewijs ook’