Commentaar: Politiek correct

Omzien in verwondering

Bij het parlementaire onderzoek naar het integratiebeleid doet zich iets lastigs voor: er wordt door een eigentijdse bril teruggekeken naar een beleid dat sterk door ideologie werd gestuurd. Dit onderzoek lijkt neer te komen op een vorm van «if-history», een retrospectief vanuit een actuele agenda. Aangezwengeld door de politieke retoriek van Pim Fortuyn, het essay Het multiculturele drama van Paul Scheffer en vele andere opinieleiders is zo ongeveer heel Nederland de afgelopen tijd ervan doordrongen geraakt dat er tussen droom en daad veel bezwaren in de weg hebben gelegen.

Bewoners van oude wijken wisten dat natuurlijk al lang, maar hardop uiting geven aan de minder zonnige kanten van het maakbaarheidsideaal leek tot voor kort een taboe. Het realisme van Bolkestein belandde tien jaar geleden nog op het schavot.

Thans is het omgekeerde het geval. Het is politiek correct om genadeloos af te rekenen met het illusoire concept voor de nieuwe arbeidersklasse — de gastarbeiders en asielzoekers (nieuwkomers of medelanders geheten) — die zich middels beleid konden verheffen. De agenda wordt niet meer beheerst door juichend optimisme maar door woedend pessimisme.

Door deze radicale cultuuromslag werd het mogelijk om op initiatief van de SP een openbaar onderzoek te starten naar het vermaledijde integratiebeleid. In het licht van dit veranderde geestelijke klimaat klonken de woorden van oud-minister Hedy d’Ancona van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur (WVC), gehoord op de eerste dag, stuitend naïef. Opvallend en veelzeggend was hoe ze als voormalige eindverantwoordelijke steevast in de «we»-vorm sprak: «Ik heb geloof ik het gevoel dat we goed bezig waren om instrumenten te ontwikkelen om de veelkleurige samenleving vorm te geven.» Of: «Iedereen was enthousiast, we vonden het hartstikke leuk.» En nee, ze deden niet aan evaluatie van de geïnvesteerde miljoenen, want «we hadden ons immers geen doelen gesteld».

Zij en vele anderen uit het beleidscircuit handelden in hun tijd ongetwijfeld met de beste bedoelingen. Ze deden dat vanuit een algemeen geaccepteerd vooruitgangsdenken waarin de sociale vernieuwing en de kneedbaarheid van de mens centraal stonden. Maar dat dit nu klinkt als een valse bezweringsformule is een antihistorische conclusie. Zo was het destijds. Dat het niet goed heeft gewerkt is niet terug te draaien. Omzien in verwondering, dat leveren de verhoren vooral op. Aantonen dat fietscursussen voor Turkse vrouwen of lessen in de eigen taal mensen isoleren en dom houden, daarvoor is dit onderzoek niet nodig.