Onderbroekisme

Tien jaar geleden begon de commerciële onderbroek aan een ongekende opmars in het audiovisuele landschap. Tien jaar later stel ik vast dat deze destijds als risicovol beschouwde onderneming een daverend succes is geworden. Applaus! Maar verbaasd hierover ben ik niet. Nederlanders zijn gek op onderbroeken. Omdat in dit bescheiden kledingstuk het verborgene heer en meester is. In de onderbuikregio spelen zich geheimzinnige taferelen af die vaak het daglicht niet kunnen verdragen. Primaire emoties en verlangens, vuilspuiterij, verboden fantasieën. De Nederlander is niet bepaald geporteerd voor wat verborgen, verboden of geheimzinnig is. Als legendarische taboevreter wil hij alles open en bloot aanschouwen. Ook al is dit primair of vuil. Bovendien is hij erachter gekomen dat met onderbroeken heel wat geld te verdienen valt.

Sinds 1989 zijn er veel commerciële onderbroek-zenders bij gekomen. Sindsdien geuren tv-toestellen naar schaamharen en menselijke sappen. Het fenomeen had een krachtig tegenwicht kunnen ontmoeten van de kant van de niet commerciële niet onderbroekzenders maar de zuigingkracht was te intens. Langzaam is er een verschuiving opgetreden van hersenen naar onderbuik. Het meest recente voorbeeld hiervan is de maximale duikeling van het NOS-Journaal in de prinselijke slip van de troonopvolger. Men is er zelfs niet voor teruggedeinsd om keurige dames van rijpe leeftijd als Maartje van Weegen aan te stellen om met eigen handen in die koninklijke schaamlap naar nieuws te gaan graaien. Ook in de taal die op televisie wordt gebezigd heeft een verschuiving plaatsgevonden. Als Mart Smeets de massale deportaties en de concentraties in opvangkampen van Albanese Kosovaren van commentaar wil voorzien zegt hij niet: ‘En al die mensen moeten in erbarmelijke omstandigheden en slechte hygiëne leven’, maar: 'En al die mensen moeten ook pissen en poepen.’
Ook op het gebied van reclame heeft het onderbroekisme toegeslagen. De boodschappen zijn veel explicieter dan voorheen. Als reclame voor een zakje noedels bij het late ontbijt, verschijnt een ongeschoren en pas wakker geworden jongeman op het scherm die eerst naar het andere zakje grijpt en zijn delen hevig beroert om van een alleszeggende jeuk verlost te worden.
Vanochtend las ik onder de titel verpaupering, wat een andere woord is voor onderbroekisme, een interessante tv-recensie in de Volkskrant van de hand van Cornald Maas. In een door hem verzonnen commercieel tv-programma liet hij de vier bekendste onderbroekisten van het moment aantreden: Van Gogh, Frequin, Ratelband en Buch. De dialogen waren gelardeerd met geestige trouvailles als 'kut’, 'piemel’ of 'schijt’. Maar wat Maas nog niet helemaal door heeft, is zijn eigen positie. Hij schrijft stukjes over slipjes vanuit een Volksonderbroek. Want zijn eigen krant is ook aan het glijden geslagen. Ik zal hier niet op de gore jacht naar de tanga van Maxima terugkomen. Er zijn meer recente voorbeelden, zoals het laatste kleurmagazine van die krant. Daarin staat een prachtig verhaal, geïllustreerd met zes foto’s onder de kop 'Go, girl, go!’ Het gaat om een meisje die voortdurend moet bukken om haar fiets te repareren. De tekst luid: 'Vooral als ik buk, heb ik, na het vrijen, dat ’t steeds nog een beetje uitloopt. Niemand merkt er iets van, maar aan het einde van de dag, vooral als ik veel gebukt heb, is mijn onderbroek behoorlijk nat. Gek dat je daar nooit iets over hoort.’ Nu wel! Dankzij de Volkskrant weten wij nu alles van natte onderbroeken en lekkend sperma. In hetzelfde nummer vertelt stringcolumniste Manon Uphoff over een meisje dat pijn aan haar 'reetje’ heeft. Ze moest plots gaan 'kakken’ maar hield er toch een zeer 'poepertje’ en pijnlijke 'sluitspier’ aan over.
Het is grappig om die arme hoofdredacteur Pieter Broertjes op televisie, dag in dag uit, te zien uitleggen dat zijn krant heus geen Panorama is geworden. Maar net als Habibie in Jakarta heeft Broertjes al lang geen greep meer op het scatologische legertje dat de Herengracht bevolkt. Ik kom nu dagelijks mensen tegen die me verzekeren dat ze de Volkskrant gaan opzeggen. Ikke niet! Al twintig jaar ben ik een trouwe abonnee en ik hoop dat het onderbroekisme ooit zal overwaaien. Voor deze overgangsperiode heb ik wel een zak wasknijpers aangeschaft.