Menno Hurenkamp

Ondertussen in het Gooi

«Waar in ieder geval niets aan mag veranderen is het wegenonderhoud.» Wie dacht dat échte mannen, die rondrijden in een P.C. Hooft-tractor — zo’n Land Rover die in de Gooise bossen uitrust van het blokkeren van de hoofdstad — dat die echte mannen graag een ruig weggetje nemen, die komt bedrogen uit. De gemeente Baarn zit zonder geld. Om te bezuinigen zonder met iedereen ruzie te krijgen, raadpleegde de stad afgelopen januari de bevolking zelf. Betaalde die graag meer belasting of had men liever dat de prijzen van zwembad en theater wat omhoog gingen? Het keurige stadje in het Gooi liet — surprise! — massaal weten geen gemeentelijke belastingverhoging te willen; vooral te hechten aan goed asfalt; een stuk minder prijs te stellen op, om eens wat te noemen, gesubsidieerde muzieklessen en recreatieve voorzieningen als de VVV.

Het is een nieuwe gang van zaken. Bezuinigen was van oudsher een typische taak voor de politiek zelf: je moet kiezen uit kwaden. Juist daarvoor wijs je oordeelkundige mensen aan — die verwacht je niet terug op je stoep zodra het moeilijk wordt. Zij moeten bepalen wat te duur is, en dan bepalen wij straks of dat terecht was. Deze scepsis hebben de inwoners van Baarn niet, want bijna een derde van hen vulde de vragenlijst van de gemeente over de bezuinigingen in. Dat is meer dan in Amsterdam ooit mensen meededen aan een echt referendum. Misschien omdat de mensen in Baarn het idee hadden dat zij precies wisten waar het geld werd verspild?

Met de uitkomsten van het onderzoek gaat het bestuur de komende maanden de boer op. De stad gaat de bevolking vragen of ze nog specifieke ideeën heeft waar het geld te halen valt, en het bestuur gaat zelf ook nog voorstellen formuleren. Uiteindelijk neemt de gemeenteraad een beslissing over de posten waarin wordt gesneden. Het klinkt frissig, als «nieuwe politiek». En best mogelijk dat deze manier van interactief besturen, van tussentijds overleg plegen met je bevolking, uiteindelijk leidt tot tevredenheid alom.

Maar het onderzoek dat de stad liet doen, doet vermoeden dat niet de bevolking maar het bestuur zelf weinig goeds voor heeft met het welzijn en het culturele leven in de stad. De inwoners van Baarn (merendeels witte welvarende gezinnen, ouderen) kregen een lijst met alle gemeentelijke voorzieningen voor de neus en mochten vervolgens zeggen of ze liever bezuinigden op (onder meer) de vuilnisdienst of op de kinderopvang, het jongerencentrum en de muziekschool. Zo’n vraagstelling is nauwelijks serieus te nemen. Van de ondervraagden is honderd procent belanghebbende bij de vuildienst en drie tot tien procent belanghebbende bij de muziekschool. De onder de Baarnse bevolking breed gedragen wens om de problemen van de stad af te wentelen op de voorzieningen voor de jeugd lijkt afgezet tegen de alternatieven een nogal voorgeprogrammeerde uitkomst.

Wat hun onder meer niet werd geboden, waren de mogelijkheden te bezuinigen op: de onkosten gemaakt door het college van burgemeester en wethouders, door de gemeenteraad, door het ambtenarenapparaat, en de bedragen die de gemeente spendeert aan voorgekookt werk leverende onderzoeksbureaus. Voor de gemeentepoliticus die dit thuis ook wil proberen, valt aan te raden de eigen agenda beter te verbergen.