Ongelukkig China

Peking – Het zit China allemaal vreselijk tegen. Dat is tenminste wat een groepje vooraanstaande ultranationalistische auteurs luidruchtig beweren. Van hun boek Ongelukkig China werden al honderdduizenden exemplaren verkocht sinds het twee weken geleden verscheen. Zomaar een quote: ‘Uit de geschiedenis van de menselijke beschaving blijkt dat wij het meest gekwalificeerd zijn om leiding te geven aan de wereld; westerlingen zouden op de tweede plaats moeten staan.’

1-0 voor Peking. Wat is er loos? Want objectief gezien is het China nog nooit zo voor de wind gegaan als nu en er lijkt weinig reden tot klagen. Na die van Amerika en Japan is de economie nu al de grootste ter wereld en tegen veler verwachting in zijn de Olympische Spelen toch behoorlijk geslaagd. Peking stuurde onlangs kruisers naar Somalië om mee te helpen in de internationale strijd tegen de piraterij aldaar en het land begint zich met horten en stoten te voegen in de internationale gemeenschap.

Maar dat is lang niet genoeg, zo schrijven de vijf auteurs. Want de hele wereld spant wel degelijk samen om China haar rechtvaardige plek onder de zon te ontzeggen en tegen die onophoudelijke vijandelijkheden dient dan ook een stevige positie te worden ingenomen. Dan vooral natuurlijk in de eerste plaats tegen Amerika, maar ook zeker tegen Frankrijk onder Nicholas Sarkozy. Die had vorig jaar het lef om de Dalai Lama te ontmoeten. Een onderwerp waar Chinezen volgens het boek trouwens helemaal niets meer over hoeven te horen. Als het op Tibet aankomt is er te lezen: ‘Je kunt een oorlog beginnen als je dat durft. Anders moet je je mond houden.’

Klare taal natuurlijk, maar hoe serieus is dit nu allemaal? Het boek is een echo van ‘China kan nee zeggen’, een controversieel werk dat in 1996 uitkwam en destijds uitvoerig in deze krant werd besproken. Een van de schrijvers van Ongelukkig China werkte ook aan het eerdere boek mee.
Nationalisme in China kan krachtige vormen aannemen, dat is bekend. Gedreven door buitenlandse invasies en een onderwijssysteem dat nog altijd is geobsedeerd door dat tijdperk van nationale zwakte komt geen Chinees van school zonder een gefrustreerd gevoel van diep nationalisme. Onrecht is aangedaan, en dat dient de wereld te weten. Weinig hoeft dan ook maar te gebeuren om die latente woede aan de oppervlakte te brengen. De verstoorde Olympische fakkeltocht door Parijs vorig jaar en de internationale protesten na het neerslaan van de rellen in Tibet zouden dan ook niets anders zijn geweest dan een internationaal complot om China te vernederen.

Toch kunnen we niet beweren dat Ongelukkig China heel serieus wordt genomen in eigen land. Media maken het boek veelal belachelijk en noemen het een brutaal gevis in troebel water. Volgens een criticus van de toonaangevende China Jeugdkrant is het niets anders dan hengelen naar de portemonnee van de radicale jeugd en maoïstische bejaarden.