Ongewassen

Overvliegende horde mosselen die er met een gebraden eend vandoor gaan. Alle seizoenen zijn begonnen. Lamspoot vist achter het net.

Mosselen. Waarom is het altijd de saaiste aan tafel die zegt dat die mosselen toch zo doen denken aan … Zeker nog nooit een gewone … gezien. Mosselen, vooral het dozijn dat van de avond ervoor is overgebleven en ’s morgens onbeschoft gapend in hun verderfelijk sap liggen, lijken meer op hinderlijke mondjes van dolfijnen, met hun te strak gekamde achterhoofdjes. De gesloten mossel is zorgvuldig een gelegd ei van zeer asymmetrische vogel. Let op de binnenkant. Zilverblauw, dat zijn ze.
Waarom die plotselinge preoccupatie met mosselen? Omdat van dat ene bosje koriander, waarvan eerste helft over de geit ging en laatste deel bij jong schaap, nog acceptabele takjes over zijn.
Grote pan met stevige bodem. Laagje olijfolie. Gefragmenteerde teen knoflook, stukje rode peper plus groenten daarin. Alleen venkelknol, prei met weinig groen, dunne boschuien met veel groen. In schijven en schilfers. Wortel en huishoudui erbuiten laten. Vijf minuten roeren met houten lepel. Mosselen daarop. Vuur hoog en twee glazen Sauvignon Blanc daarover. Met de grote lepel de onderste mosselen boven halen. Nog twee glazen S.B. Zout (vers gemalen zeezout uit houten zoutmolen is een eis, kan worden bekostigd uit de post voor belachelijke self-made en confectie-sauzen). Deksel er weer op. Mosselen open, mosselen klaar, mosselen eten. Met brood en een door maagd met ongewassen hand van licht azijn, voldoende olie en de beste stukjes gebakken spek voorziene groene sla. Volgende dag het oude, deksels geregenereerde mosselnat met inhoud opwarmen en in elke kom die overgebleven halvevingerlengte korianderblad.
Brengt de Almêijoas à Bulhao Pato in herinnering. Gedichten worden vergeten, recepten leven voort. Kan er niets aan doen.