FILM: Meek’s CUTOFF

Ongrijpbare tekens

‘This was written long before we got here (…) we’re all playing our parts now.’ _Mysterieuze tekst uitgesproken op een cruciaal moment in het verhaal van de minimalistische western _Meek’s Cutoff. In deze vervreemdende, poëtische vertelling trekt een groepje pioniers in 1845 langs de Oregon Trail westwaarts op zoek naar nieuw land en nieuw leven.

Medium film meek s cutoff

Maar tijdens de reis worden ze geconfronteerd met gevoelens van angst en paranoia, ondanks de aanwezigheid van een leider, ‘Meek’ genaamd, woudloper en man van de bergen die zegt te weten waar de weg naartoe leidt, hoewel ook hij uiteindelijk op ongrijpbare tekens in het landschap stuit.

De film, geregisseerd door de onafhankelijke Amerikaanse cineaste Kelly Reichardt, draait eindelijk in Nederland nadat het werk drie jaar geleden al op festivals in première was gegaan. Waarom het zo lang heeft geduurd? Te weinig commercieel misschien. Meek’s Cutoff valt wat betreft toon het best te vergelijken met Cormac McCarthy’s Blood Meridian (1985), een roman die de toegankelijke, geromantiseerde geschiedenis van het Amerikaanse Westen ondermijnt onder meer door lyrisch taalgebruik in de stijl van het vrije vers, of met de films van de Texaan Terrence Malick, bijvoorbeeld Days of Heaven (1978), waarin de mythologie van het landschap het belangrijkste visuele stijlelement is.

Reichardt brengt vernieuwing in de taal van de western door de vrouwelijke blik te laten overheersen. Meek (Bruce Greenwood) is een bruut van een man die onherkenbaar is vanwege zijn dikke baard en hoed met brede rand. Hij draagt een fel rood shirt dat zijn geweld­dadige aard benadrukt. Hij is nauwelijks verstaanbaar, hij kreunt als een dier. Ook wanneer hij met de andere mannen in het gezelschap overlegt is er een bepaalde, geforceerde afstand tussen kijker en personages. Deze afstand delen we met de vrouwen in de groep die aanvankelijk als geesten gekleed in lange jurken en met hoofddoekjes op achter de door paarden en koeien getrokken wagens aan schuifelen. De camera blijft dicht bij de vrouwen die eerst onzichtbaar zijn, maar die langzaam centraal in het verhaal komen te staan, vooral Emily Tetherow (Michelle Wil­liams) die openlijker verzet tegen de mannelijke leiding laat zien naarmate duidelijk wordt dat de gekozen weg misschien niet de juiste is.

Met de komst van de indiaan, die meteen gevangen wordt genomen en vervolgens de dood in het gezicht staart, wordt duidelijk dat de reis westwaarts alleen maar meer ellende en geweld brengt. De indiaan personifieert de angst voor het landschap die in alle personages gebakken zit en die intensiveert naarmate de trektocht vordert.

De film beeldt regressie uit: de mens als willoos wezen dat geen andere keus heeft dan meegaan in een spiraal van verdoemenis. Opnieuw echoot McCarthy: het gevaarlijke, duistere landschap in zijn roman als een revocatie van Miltons Pandemonium. In Meek’s Cutoff gaat de neergang gepaard met gedempt geluid. Eerst is er chaos, ontbering en geweld, maar dan komt er steeds meer stilte. Men fluistert bang over de gevaarlijke, vreemde tekens in het landschap: onleesbare schetsen op rotsen, stenen onverklaarbaar opgestapeld op een plek waar geen mens geweest kan zijn. Een vrouw prevelt: we kunnen nog terug, we kunnen ervoor kiezen…

Uiteindelijk heeft Stephen Meek het laatste woord. De westerner zonder gezicht, het enige personage in deze film dat ooit echt heeft bestaan. Hij kent zijn rol, hij is zich terdege bewust van zijn plaats in deze mythe.


Te zien vanaf 9 augustus