Onmetelijk

Het idee dat je met losse hand en een enkele inval een schilderij in elkaar kunt flansen, doet groot onrecht aan de ernst en toewijding van het kunstmaken.

Het landschap De rode wolk van Mondriaan is niet vierkant maar ziet er wel iets vierkanter uit dan De witte wolk van James Ensor. Ook ligt de horizon wat hoger, bijna tegen het midden aan en hangt de wolk naar links van het verticale midden – zeker de meest rood-oranje helft ervan. Daardoor lijkt ze naar links te drijven. Maar omdat het schilderij zo naar een vierkant neigt, is er links in de blauwe lucht nog weinig ruimte zodat het eigenlijk lijkt dat de wolk stil hangt, als een vreemde vorm. Links en rechts en boven en onder zijn vage aanduidingen en vermoedelijk is de kijker zich van zulke relatieve verschillen, in een vlak dat niet eens vierkant is, nauwelijks bewust. Maar hij ziet ze wel, zoals je in een kamer iets vluchtigs ruikt dat er wel is, ook zonder dat je het kunt thuisbrengen.

In heel zijn werk is te zien dat Mondriaan een bedachtzaam kunstenaar was. Toen hij dus dit schilderij maakte heeft hij geduldig gekeken (en met zijn oog gemeten) hoe laag boven de horizon, bijvoorbeeld, die wolk moest komen en hoe ver naar links in de lucht, en verder hoe grillig de wolk gevormd moest zijn, en hoe rood (of donker oranje) tegen het strakke hemelsblauw van de lucht. Hier en daar heeft hij dat blauw met dun vlokkig wit iets levendiger gemaakt. Rechts van de wolk is het blauw iets lichter waardoor het rood wat gewichtiger lijkt. Direct onder de wolk echter is het blauw, vlak boven de horizon, strakker geschilderd. Op de plek precies daaronder is het blauwe grijsgroen van het land ook voller neergezet – alsof de wolk, zelfs in de lucht, een vage, transparante schaduw zakken laat. Met hoeveel aandacht de schilder aan de werking van de kleuren heeft gewerkt, zien we aan de zon waarvan hij, toen het schilderij al bijna klaar was, met een paar penseelstreken toch nog de helderheid van het rood getemperd heeft. Die korte toetsen aan de onderkant van de wolk, dun over het rood heen gezet, zijn bij benadering zo olijfgroen blauw als de los geschilderde voorgrond waar een gebogen pad het landschap in gaat. De kleur van het land (het licht daarvan) straalt terug tegen de zon.

In een serieus schilderij is niets ooit toevallig. Het idee dat je het met losse hand en een enkele inval zo in elkaar kunt flansen, doet groot onrecht aan de ernst en toewijding van het kunstmaken. Misschien dat mensen vanwege de losse, impulsieve manier van schilderen van de impressionisten zo zijn gaan denken. Maar een Monet is net zo precies als een Vermeer. In zijn beroemde uitspraak ‘ik rotzooi maar wat aan’ drukte Karel Appel op zijn manier alleen maar uit dat hij ook niet kon uitleggen wat kunst­maken nu is, waarbij voor je ogen iets ontstaat dat daarvoor onvoorstelbaar was.

Maar waarom begint Mondriaan of Ensor aan zulke schilderijen? Juist, stel ik me voor, vanwege dat onvoorstelbare. Omdat de marine van Ensor wat breder is dan Mondriaans landschap zien we in die wijdere ruimte ook net iets anders: we zien wolken voorbij drijven. Het motief in dat schuivende, bevende beeld is de grote witte wolk die, bollend als schuim, over de rustige zee komt aanglijden en voorbij zal trekken. Uit de plaatsing van de schuine slierten en vlekken wolk in de lucht boven de witte wolk, kunnen we opmaken dat het hemelgebeuren van links naar rechts gaat. De grote James Ensor werkte ongeveer zijn hele leven in Oostende – de wolk werd dus voortbewogen door een zuidwestenbries, uit het kanaal. Omdat de wolk naar rechts toe ook voller wordt en witter, wordt de indruk gewekt dat die in zijn vlucht naderbij komt.

De wolk van Mondriaan staat steviger in de lucht. Daarentegen laat de witte wolk van links naar rechts een donkere schaduw over de zee neerdalen en meeglijden. Ook in de zachte tussenruimte tussen de wolken en de grauwe, kabbelende Noordzee is het licht grijzig schemerachtig – alsof de witte wolk gedragen wordt op een bed van schaduw. Ook zien we in die donkere zee een of twee zeilschepen summier aangegeven. Zo klein zijn die dat, bij contrast, de ruimte van zee en lucht onmetelijk gaat lijken. Dat alles heeft Ensor gezien en getekend misschien en onthouden. Van Mondriaan is er een houtskoolschets van een wolkenpartij boven weilanden van welk motief het latere schilderij een verdichting is. Beide kunstenaars werkten in de concentratie van hun atelier. Van wat ze gezien hadden, moest alleen nog het onvoorstelbare gemaakt worden.


PS Ensors schilderij hangt, met veel andere werken van zijn hand, in het schitterende Koninklijk Museum voor Schone Kunsten in Antwerpen. Voor Mondriaan moet je in Den Haag zijn