Zadie Smith, The Autograph Man

Onnodige roman

Met haar eerste roman vestigde Zadie Smith in één klap haar naam. Haar tweede, ‹The Autograph Man›, maakt de hooggespannen verwachtingen op geen enkele manier waar.

Haar debuutroman White Teeth (2000) werd, niet ten onrechte, bedolven onder de literaire prijzen. Het was een woest en soapachtig verhaal over drie Engelse families met wortels tot in het Bengaalse en de Cariben. Een woeste postkoloniaal-culturele verstrengeling van sterke verhalen en halve mythen, een web van af en toe bijtende vertellingen. «Dit was de eeuw van vreemden, bruin, geel en wit. Dit was de eeuw van het grote immigrantenexperiment.»
Maar Zadie Smith (1975) haalde met haar tweede roman The Autograph Man niet eens een Booker Prize-nominatie. Terecht. Wat in White Teeth vaak uitgroeide tot effectieve slapstick over de moeizame multiculturele samenleving in het Londen tussen 1975 en 2000, wordt in The Autograph Man slap, flauw, sentimenteel en verhaaltechnisch zo stevig als los zand.
De zwakste steen in Smith’ woordenbouwwerk is hoofdpersoon Alex-Li Tandem, een Noord-Londense verzamelaar van handtekeningen van beroemdheden met een Chinese vader en een joodse moeder. Hij is zowel kind als filosoof, emotioneel infantiel en wijs. Die grote, welhaast onmogelijke karaktertegenstelling maakt het hele verhaal ongeloofwaardig en zelfs potsierlijk. White Teeth leed al onder schematische personages, die van het ene op het andere moment fundamentalist, zelfmoordenaar, Jehova’s getuige, minnaar, zelfbevlekker, pleegouder of overspelige huisvader konden worden. Maar de vaart van het verhaal camoufleerde Smith’ psychische bokkensprongen. In The Autograph Man wreekt zich het trage verhaaltempo.
Noem Alex-Li maar een «wandering jew». De enige geschiedenis «is de geschiedenis van Hitler». Hij is een fanatieke collectioneur en Hollywood-filmkenner op zoek naar Helden en Heldinnen, naar de ultieme Diva van het Witte Doek, in zijn geval de bijna in vergetelheid geraakte actrice Kitty Alexander (haar achternaam en zijn voornaam vloeien in elkaar over): «Er is een exodus gaande, woonkamers uit en de wereld in: vaders en hun jongens zijn in beweging.» The Autograph Man is een overvol en chaotisch boek over vaders en zonen, over vergane roem, over vervalsing en authenticiteit, over geldzucht en altruïsme. En zo’n omschrijving klinkt nog veel te mooi. Want niet alleen de wereld ligt in stukken, zo herhaalt Smith zich om de luie lezer bij de les te houden — ook haar volgepropte verhaal. Het knipoogt al te nadrukkelijk en modieus naar Zen, Zohar en Kabbala.

De openingszin van The Autograph Man belooft wel iets: «Hij kan zichzelf zien als een ongelukkige in het leven van anderen.» Alex raakt op twaalfjarige leeftijd in het Noord-Londense Mountjoy — niet Het Beloofde Land — zijn vader kwijt aan een hersentumor. Die vader was getrouwd met «onzichtbaar judaïsme», omringd als hij is door jeugdvrienden van wie er één later rabbi wordt. Alex-Li’s vaderverlies vormt de proloog van The Autograph Man, waarna het verhaal een sprong van vijftien jaar maakt en we hem terugzien als handtekeningenjager, vriend van hartpatiënte Esther en hartstochtelijk brievenschrijver aan zijn Hollywood-heldin Kitty Alexander, die nooit terugschrijft. Heeft handtekeningen verzamelen te maken met vrouwenjachtneigingen en angst voor God? «Handtekeningen zijn een kleine knettering in het netwerk van verlangens, historisch wrakhout.»
Wat is Alex’ verlangen dan? Wat wil hij, deze sentimentele, drankzuchtige en gelovige ongelovige die tegenover de door hem geadoreerde Hollywoodster zo wijsgerig uit de hoek kan komen? Hij is bezig aan een boek — meer een lijstenverzameling — waarin de verschillen tussen jood en goj worden uitgewerkt. Zijn grote voorbeeld is Lenny Bruce, de scherpe Amerikaanse stand-up-comedian uit de jaren zestig die geen blad voor zijn mond nam en talloze politieke en culturele taboes doorbrak. Maar zo is Alex niet, en zijn boek bloedt dood in Smith’ boek.

«Als een man haast heeft, vergeet hij om te beginnen zijn tandenborstel en zijn God.» Is dat geestig? Er zitten heel veel van deze oneliners in The Autograph Man verborgen. De beste zijn verwerkt in de kattebelletjes aan Kitty Alexander, de ex-actrice die Alex uiteindelijk in New York (de beloofde stad in dat andere beloofde land?) ontmoet. Hij troont haar na een reeks onwaarschijnlijke gebeurtenissen mee naar Noord-Londen, alwaar hij enige oude brieven van haar op een veiling te gelde maakt. Uit geldzucht én uit de behoefte zijn Heldin een vrije en reislustige oude dag te bezorgen. Kitty Alexander, in haar New Yorkse appartement gevangen gehouden door impresario Max, heeft vlak voor Alex’ verschijning ontdekt dat hij haar juweeltjes van brieven heeft gestuurd. Sommige daarvan kent ze uit haar hoofd. Bijvoorbeeld deze: «Lieve Kitty, Ze hoopt alleen op lekker weer en een oplossing. Ze wil fatsoenlijk aan haar einde komen, als een goede zin. De jouwe, Alex-Li Tandem.»
In Londen — weer min of meer opgesloten, in haar verleden en op een bovenverdieping in een buitenwijk — spreekt zij, die zijn grootmoeder kan zijn, haar bezorgdheid uit over zijn brievenschrijverij. Heeft hij dat gedaan omdat zijn leven «seksueel drama» ontbeert? Ergens in hem zit een mankement. Zijn zelfmedelijden is zo groot dat hij desnoods over lijken gaat. Liever naar New York dan naar het Londense ziekenhuis waar vriendin Esther een nieuwe pacemaker krijgt.

Alex-Li Tandem is permanent bezig de werkelijkheid als een handtekening te vervalsen. Hij is escapist, een en al vals sentiment en theatraliteit, bordkarton opgetrokken uit filmzinnetjes en Hollywood-gebaren. Zadie Smith weet hem maar niet tot leven te brengen, ondanks haar grote detailkennis van Hollywood-klassiekers als Casablanca en Sunset Boulevard.
Zadie Smith’ vrouwenfiguren zijn overtuigender dan haar jongens en mannen. Ruzie met Esther? «Zeg alsjeblieft niet iets dat je op de tv hebt gehoord.» Problemen met Kitty Alexander, die haar eigen doodsbericht in de krant moet lezen? Alex ontloopt haar en laat zich in een pub vollopen met drank. Met enkele grootmoederlijke zinnen zet ze de kinderlijke hoofdfiguur met een mond vol tanden in de hoek.
Het pseudo-religieuze einde is wee en vals. Alex-Li biddend aan het slot van The Autograph Man? Kaddisj zeggen is niet voor de sjoel bestemd, zegt een rabbi, het is een informeel gebed dat uit een behoefte voortkomt. The Autograph Man is een roman waarvan je geen moment denkt dat die noodzakelijk is. Het boek ontbeert Lenny Bruce’ bijtende sarcasme. Marilyn Monroe, levend in de schijnwereld van Hollywood, verbeeldde zich eens dat Clark Gable haar vader was. En Kafka schreef in zijn beroemde brief aan zijn vader: «Het leven is meer dan een Chinese puzzel.»
Nergens in The Autograph Man botsen zonen dramatisch op vaders of groeien moeders uit tot loeders. De puzzelstukjes passen niet, op de laatste bladzijde valt het verhaal voor de zoveelste keer in loze brokken uiteen.

Zadie Smith
The Autograph Man
Uitg. Hamish-Hamilton (Penguin), 420 blz.,
€ 24,50 (de Nederlandse vertaling verschijnt eind november bij Prometheus)