Onpeilbaar

De kei van Anya Gallaccio is een realistisch werk: de steen is echt, komt van een echte plek en heeft een echte, eigen geschiedenis.

Op de kale vloer van de kunstzaal ligt een zwerfkei met daar overheen een gebroken autoruit - van dat veiligheidsglas waarvan, vanwege de interne versteviging, de stukken aan elkaar blijven kleven en hangen. De ruit ligt dus als een gekreukelde deken van glas over de kei gespreid. Mij is verteld dat de kei afkomstig is uit het woestijngebied van zuidelijk Californië. Daar in de buurt is langs de highway ook het stuk autoruit gevonden. Het werk heet: rhymes of goodbye. Het is pas geleden gemaakt door Anya Gallaccio, een gevolg van een lange reis door het adembenemend weidse landschap van het zuidwesten van de Verenigde Staten. Ik stel mij voor dat zij, toen ze eens stopte langs de verlaten weg, een eindje het droge, stoffige land in liep en daar, tussen kleinere stenen en gruis, deze wat grotere kei zag liggen. Er woei een schrale, hete wind onder een hoge hemel. Er is iets aan de vorm ervan dat het ding een figuur laat zijn. In ieder geval heeft Gallaccio de gladde steen ook in brons afgegoten. Omdat die bronzen kei (die forever changes heet) dus hol is en ook nog zacht glanst, ziet dat volume er geheimzinnig lichter uit dan de kei van steen (een soort kwarts). Door die simpele transformatie van steen naar brons (een broze legering van koper en tin) lijkt het ding nu een huid en het omhulsel van een volume. De kei zelf is hard en compact maar zelfs die hardheid is niet onveranderlijk. In een ander materiaal ziet de vorm er weer anders en lichter uit. Zelfs als negatief behoudt de kei zijn eigen vormkarakter. Het werk remind me to remind me is een afdruk van dezelfde steen in het zand uit de woestijn waar die gevonden is en dan met fijnkorrelig beton vermengd en afgegoten. De afdruk herinnert ons aan de steen die er eerder was.
De oorspronkelijke kei is grillig van vorm maar ook rond en glooiend en zelfs aaibaar. Het is kennelijk een stuk steen dat niet abrupt, als gevolg van een explosieve kracht, uit een rotswand is losgebroken. Er zijn geen scherpe hoeken en kanten. Eerder lijkt het alsof het ding is komen aanrollen, als het ware voortbewogen door vulkanische activiteit of anders na een aardbeving. In ieder geval duidt de afgerondheid van het brok steen erop dat hij vaak in beweging is geweest. A rolling stone gathers no moss is in het Engels een gezegde (of misschien een lied). Dit is een zwerfkei die niet stil heeft gelegen - een stuk steen dus met een raadselachtige geschiedenis die je, door ernaar te kijken, je zou kunnen voorstellen.
Ik geloof niet dat Anya Gallaccio iemand is die stenen hoort fluisteren of met bomen spreekt. Zij hoort thuis in de moderne kunst. Ze is begonnen in het conceptuele en minimale idioom. Een werk in die sfeer, bijvoorbeeld van Lawrence Weiner (in de collectie van het Stedelijk) laat een houten tafel zien met daarop geplaatst een ruw, rechthoekig stuk natuursteen. Het heet: wat op de tafel is neergezet, staat op de tafel - en gaat dus over het maken van een constructie. Het ding is concreet en ook ironisch. In plaats van een steen zou er ook iets anders op die tafel neergezet kunnen zijn, een vaas bijvoorbeeld. Het werk zou ongeveer hetzelfde zijn en even matter-of-fact. Maar Anya Gallaccio is meer dan twintig jaar jonger dan Weiner. Zij had genoeg van die conceptuele abstractheid. Eigenlijk werd zij weer realist: haar zwerfkei is echt en komt van een plek en heeft geschiedenis en rakelt dus sentimenten op en vertelt, hoe ondoorgrondelijk ook, daarover een verhaal. Een abstracte vorm als een rechthoekig werk van Donald Judd laat zijn eigen absolute vorm zien. Daar kijk je dan analytisch naar, bijvoorbeeld, maar de kei van Gallaccio vertelt niet alleen (sprookjesachtig) over hoe onpeilbaar oud hij is en wat er sinds de aanvang van zijn tijd met hem gebeurd is. Tegelijkertijd is er ook nog die wonderlijke en zeer eigentijdse ontmoeting van de kei met die verfomfaaide, geplooide autoruit - een road movie op zich, in het kort.
Nog steeds is het ons instinct dat wij direct willen begrijpen wat we zien. Maar waarom eigenlijk, als we ons ook kunnen laten meeslepen? Lang geleden stond ik met mijn vrouw op de hoge, steile noordkust van Donegal. Beneden ons kolkten de grijze golven van de Atlantische Oceaan. Golven spatten tegen de glimmend zwarte rotsen met dof gedruis. De aanblik van dit spektakel van water en kust was onvergetelijk. We hebben bijna een uur staan kijken en luisteren, diep onder de indruk en in het ontroerende besef dat dit al duizenden en duizenden jaren zo toeging. De onpeilbaarheid van het beeld beweegt de gedachten. Ik weet ook niet wat die zwerfsteen te vertellen heeft. Dat moet ik zelf bedenken: en dat is een groot genoegen waar je je aan moet overgeven.


PS De tentoonstelling highway van Anya Gallaccio is nog tot 22 oktober in de Annet Gelink Gallery in Amsterdam te zien