Onstilbare honger

De ineenstorting van Rupert Murdochs Britse mediarijk is als een klassiek drama. Nauwelijks een paar weken geleden was hij, hoewel altijd op de achtergrond, een van de machtigsten in de natie. Vandaag iemand over wie schande wordt gesproken.

News of the World, zijn grote, gevreesde en gretig lezen schandaalkrant heeft hij zelf opgeheven. Onder druk van het parlement heeft hij zijn bod tot overname van de grootste televisiezender, BskyeB, ingetrokken. Een van zijn belangrijkste vertrouwelingen, Rebekah Brooks, de hoofdredacteur van NotW, werd gearresteerd en intussen weer vrijgelaten. Een van zijn natuurlijke vijanden, The Guardian, heeft een groot aandeel in zijn nederlaag, onder meer door te onthullen dat NotW meer dan drieduizend telefoongesprekken heeft afgeluisterd. Een pr-adviseur, Max Clifford, is voor een miljoen pond omgekocht, om een eis tot schadevergoeding tegen NewsCorp te laten vallen. Nog veel meer treurigheid. Over de hele affaire zal volgende week een extra debat in het Lagerhuis worden gehouden. Was dit allemaal de concurrentie overkomen, dan hadden de media van NewsCorp er niet genoeg van kunnen krijgen. Hoe voelt die man zich?
Als je het objectief bekijkt, zit er iets tragisch in. Maar, het leedvermaak van Murdochs tegenstanders in aanmerking genomen, ook iets rechtvaardigs. Murdoch heeft zijn succes en fortuin te danken aan de onbarmhartige, jarenlange uitbuiting van de nederlagen, schandalen, misère waarin talloze anderen terecht waren gekomen. En dan is er die andere component: de onstilbare honger van wat we ‘het grote publiek’ noemen, de vraatzuchtige nieuwsgierigheid naar andermans ellende. Het is dus niet zo'n wonder als hij nu van hetzelfde laken een pak krijgt en dat veel van zijn tegenstanders daar plezier in hebben.
The Economist wijdt deze week vijf pagina’s aan het grote nieuws. Uitvoerig wordt ingegaan op de intriges, de invloed op de Britse media, de financiële gevolgen. Maar bescheiden is het weekblad over de invloed op het journalistieke panorama. Murdoch heeft ook met groot geduld kapitalen geïnvesteerd in de 'kwaliteitspers’, de Londense Times en The Wall Street Journal. In dit laatste geval ging het er vooral om zijn rivaal The New York Times dwars te zitten. Hij beschouwt die liberale krant als een aartsvijand. Een van zijn andere Amerikaanse dagbladen, The New York Post, heeft een aparte rubriek waarin de fouten en vergissingen van deze tegenstander aan de kaak worden gesteld.
En dan heeft The Economist nog een politieke alinea. Over advertentie-inkomsten hoeft Murdoch zich geen zorgen te maken. Na de recessie trekt de Amerikaanse economie weer aan. Binnenkort beginnen daar de campagnes voor de presidentsverkiezingen. De spotjes van dertig seconden waarin de kandidaten worden aangeprezen of zwartgemaakt, brengen veel geld op. Binnenkort zal Murdochs Fox News Channel, ultraconservatief en zeer winstgevend, nog meer ruimte geven en geld verdienen aan alle adverteerders en sprekers die president Obama een zo diep mogelijke nederlaag willen bezorgen. Zo slecht ziet het er voor hem ook weer niet uit.
De ups en downs van NewsCorp en de lotgevallen van het personeel worden vrijwel overal behandeld als een overwegend ethisch en juridisch schandaal. Dat is het natuurlijk ook. Afluisteren en omkopen tot je dagelijks werk maken, het is niet netjes, zeker niet als je er een gewoonte van hebt gemaakt om dat zeven dagen per week te doen. Maar Murdoch heeft zich door het succes van zijn media op de achtergrond ook als een politieke kracht ontwikkeld, misschien van doorslaggevende betekenis. In 2002 en 2003, toen president George W. Bush met de trouwe hulp van de Britse premier Tony Blair de voorbereidingen tot de aanval op het Irak van Saddam Hoessein trof, waren de media van NewsCorp dag in, dag uit de propagandamachine. Tijdens een groot deel van dit voorspel was ik in New York, en ik heb nauwkeurig gevolgd wat Fox News en The New York Post toen ten beste hebben gegeven. Het is waar, veel media van gematigder signatuur dachten er ook zo over. Maar Murdoch zette de toon. In feite draagt hij een regelrechte medeverantwoordelijkheid voor deze oorlog die tenslotte aan meer dan honderdduizend Iraakse burgers en zesduizend Amerikaanse soldaten het leven heeft gekost. Daarvoor zal hij nooit ter verantwoording worden geroepen. En The Economist, die op zijn manier niet minder aanvalslustig was, trouwens ook niet.
Blijft de vraag die opnieuw niet wordt gesteld. Wat is het verband tussen de schandaalpers en de rechtse politiek? We kunnen De Telegraaf niet op één lijn met News of the World stellen, al zijn de Nederlandse collega’s niet afkerig van een schandaaltje, en er trots op rechts te zijn. Ik ben het niet met de dames en heren eens, en verder heb ik er in dit verband geen oordeel over. Het gaat hier over de politieke macht. Die komt ook voort uit het getal. In de jaren zestig droomden linkse actievoerders van een linkse Telegraaf. Was toen al onbestaanbaar. Nu: uitgesloten.