Ontdekkingsreizigster

De nieuwe lijsttrekker van het CDA moet compassie als centraal woord hebben, weg willen van het overheersende machtsdenken en niet wars zijn van oppositievoeren. Een vrouw, dus.

DAT CDA-VICEPREMIER Maxime Verhagen een politiek dier in hart en nieren is, bewees hij vorige week weer een keer. In de nieuwsluwe eerste week van het nieuwe jaar, een goede twee weken voor een belangrijk partijcongres, kondigde hij zelf aan dat hij bij nieuwe verkiezingen niet de CDA-lijsttrekker zal zijn. Waarmee hij zijn partij verlost van hemzelf en alles waarvoor hij terecht én onterecht is gaan staan.
Het zou overigens pas echt nieuws zijn geweest als hij had aangekondigd wel de nieuwe lijsttrekker te willen zijn. Dan had hij het CDA helemaal kapotgemaakt en daarvoor is Verhagen te veel aan zijn partij gehecht. Ook dat is tekenend voor hem.
Staat zijn partij nu dan niet aan de rand van een nog dieper dal? Jawel, maar dat heeft Verhagen niet alleen gedaan gekregen. Dat is het gevolg van een conglomeraat aan factoren, zoals onder meer de algemene trend dat kiezers minder honkvast zijn dan vroeger en de meer specifieke fout dat de partij in de jaren van de kabinetten-Balkenende de band met de kiezer compleet heeft verloren. Dat laatste mogen veel meer mensen in het CDA dan alleen Verhagen zich aanrekenen.
Het gaan regeren in het minderheidskabinet met gedoogsteun van de PVV van Geert Wilders is wel de laatste, fatale zet geweest. Het was na de desastreuze verkiezingsnederlaag in 2010 een gok van Verhagen en van tweederde van zijn partij, een gok voortgekomen uit het machtsdenken waar de christen-democraten in uitblinken, maar wel de verkeerde gok. De angst voor de oppositiebankjes, maar ook het welhaast hoogmoedige verantwoordelijkheidsgevoel voor de regeerbaarheid van Nederland en de verleiding die van regeren met de VVD uitgaat, waren groter dan de nederigheid die logischerwijs op het pak rammel van de kiezer had moeten volgen. De kiezer ziet de partij daardoor inmiddels helemaal niet meer zitten. Van opiniepeilingen die de eens zo machtige partij reduceren tot de zesde partij van het land, wordt geen enkele CDA'er vrolijk.
En toch heeft het CDA goud in handen. Die uitspraak is niet van mij, maar van Jacobine Geel, de televisietheologe die door de partij is ingehuurd om de christen-democratische boodschap te hertalen. Dat hertalen is meer dan het verzinnen van andere woorden bij oude begrippen. Dat bleek wel tijdens het partijcongres afgelopen najaar. Daar sprak Geel, die overigens geen partijlid is, over de te ver doorgeschoten economische dominantie waardoor het altijd maar gaat over wat iets kost en niet of iets van waarde is. Ze had het over vrijheid die moet gaan over de inhoud van keuzes, dat je moet blijven debatteren over die keuzes, hetgeen iets anders is dan de VVD-vrijheid die zich beperkt tot lekker kiezen wat je zelf wilt. Ze brak een lans voor compassie hebben met jezelf en elkaar, een houding die volgens haar overwoekerd is geraakt door machtsdenken en pragmatisme. Ze pleitte voor zorg voor de aarde, de hertaling van het CDA-begrip rentmeesterschap. En ze zette zich af tegen de PVV door verschillen in de samenleving te zien als rijkdom.
De zaal was enthousiast. En ook buitenstaanders zagen wat goud gloren. Wie voor dat congres nog zo naïef was te denken dat Verhagen bij nieuwe verkiezingen wel de lijsttrekker zou kunnen zijn, moet toen toch duidelijk zijn geworden dat in dit door Geel voorgespiegelde nieuwe CDA voor hem geen plek is, dat eigenlijk het hele door hem ondertekende regeringsbeleid niet bij dat nieuwe CDA past en dat dat een keer moet gaan wringen.
Behalve op zoek naar een nieuwe taal, is het CDA na de nederlaag van 2010 ook op zoek gegaan naar een nieuwe strategie en een nieuwe organisatie. Ook dat maakte de kans klein dat daar een man bij zou passen die zo geassocieerd wordt met het oude CDA als Verhagen.
Dus is de partij ook op zoek naar een nieuwe leider, hetgeen na Verhagens boodschap nu echt hardop mag worden gezegd, en eigenlijk sowieso op zoek naar nieuwe mensen. In NRC Handelsblad pleitte CDA-lid Pieter-Gerrit Kroeger voor ontdekkingsreizigers die Nederland weer willen ontdekken. Met name de stad moet het CDA weer zien te vinden, want vooral daar is de partij haar kiezers massaal kwijtgeraakt.
Mocht voormalig staatssecretaris van Defensie Jack de Vries, de vertrouweling van voormalig premier Jan Peter Balkenende, ook maar één seconde denken dat hij zo'n ontdekkingsreiziger is, dan heeft Kroeger daar in dat interview korte metten mee gemaakt. Een ontdekkingsreiziger moet moedig zijn en niet alles tevoren willen dichttimmeren, garanties zijn er niet, maar hij moet wél kunnen rekenen om goed uit te komen. Dat kan De Vries blijkbaar niet. In het recente verleden heeft hij volgens Kroeger gedacht dat de partij het verlies in de stad goed kon maken in de provincie. Kroeger rekent in het interview voor dat het CDA in de provinciegemeentes dan 58 procent van de stemmen had moeten halen, een percentage dat de partij in hoogstens twee kleine gemeentes nog haalt. Mede onder druk van De Vries bleef de campagne van 2010 zich echter concentreren op de regio.
Wie de nieuwe lijsttrekker moet worden? Als het het CDA ernst is met compassie als nieuw centraal woord en de partij echt weg wil van het overheersende machtsdenken, dan zou de keuze voor een vrouw geen gekke zijn. Vrouwen zijn over het algemeen beter in het eerste en niet zo bezig met het laatste. Zij moet een ontdekkingsreizigster zijn, met enige ervaring, want zonder kom je niet ver als je de stad wilt ontdekken. Ook moet ze niet wars zijn van oppositievoeren. Want het CDA mag dan goud in handen hebben, de vraag is of de kiezer dat tijdig weet te ontdekken.