De dieren gaan gedeeltelijk in hun blote vel, gedeeltelijk in hemd en broek gekleed en Aertssen tekent ze enigszins karikaturaal. Dat heeft het mooiste effect bij het bolle varken, dat slechts een kanten kraagje om haar speknek draagt en de olijke rijst-met-krentenhond, die zich met zijn wapperoren ontpopt als een geboren brood-artiest. De lol van de clown en zijn vrienden met het kunstjesbrood overheerst gelukkig de boodschap dat ouders met hun kind moeten ontbijten, ook al hebben ze als tweeverdieners nog zo'n haast. Ook Wat staat daar? van Rindert Kromhout en Annemarie van Haeringen lijkt zich af te spelen in een circustent. Het blijkt een feesttent, waar Feestvarken een smulpartij aanricht voor haar alfabetisch geordende vrienden Aap, Bok, Cavia, Das en Ezel. Dat alfabet is niet toevallig, want wij betreden de wereld van de beginnende lezer. Aap ontvangt een brief, kan nog niet lezen en zoekt hulp bij Bok. ‘Er staat geen maan’, stelt deze vast, maar hij ziet wel Bok staan: ‘Dat ben ik! Die brief gaat over mij!’ En zo rijgt het kettingverhaaltje zich aaneen via de verschillende beginnelingen en de eerste woorden uit de methode Veilig leren lezen. Cavia ziet dat er geen maan en geen roos staat, Das kan maan, roos noch vis herkennen enzovoort. Onder aan de bladzijden ontrolt zich een chaotisch subplotje tussen Gans en Haas, die de leeskunst ook nog niet machtig zijn. Achter in het boek is de uitnodigingsbrief opgenomen in handschrift op een braaf schriftblaadje en na het eten leest Feestvarken voor uit een boek, waar de wederwaardigheden van haar gasten nog eens in staan. Zo speelt Kromhout een ingenieus en aanstekelijk spelletje met zijn verhaalfiguren en zijn beoogd publiek. Annemarie van Haeringen geeft hem schitterend partij met haar aandoenlijke dieren, in losse, speelse lijnen, een quasi-slordig kleurtje hier en daar en overal koffiepotten, als was dit boek opgedragen aan Klaas Gubbels. Het beestenvolk dartelt in wonderlijke feestkledij over de pagina’s, om uiteindelijk in een verstilde avondsfeer tevreden te luisteren naar het voorlezen. Dat levert een perfect slotbeeld voor een origineel prentenboek over de ontluikende geletterdheid.