Ontwenningskuur

Voor iemand wiens leven voornamelijk bestaat uit lezen, schrijven en zo nu en dan daarover praten, zou het heilzaam kunnen zijn enkele weken per jaar geen boek aan te raken.

Medium la divine marie ndiaye

Ik ben er echter nooit in geslaagd die hypothese op haar werkzaamheid te beoordelen, want de afgelopen halve eeuw heb ik als lezer geen dag verzuimd. Ook deze zomer ontkom ik er niet aan. Zoals gewoonlijk is de stapel nog te lezen boeken onafzienbaar.

Bovenop ligt The Origins of the World’s Mythologies (Oxford 2012), een ruim zeshonderd pagina’s tellend werk van E.J. Michael Witzel, hoogleraar Sanskrit aan Harvard, die met behulp van de modernste wetenschappelijke methoden betoogt dat alle bestaande mythologieën teruggaan op verhalen die onze voorouders elkaar honderdduizend jaar geleden op de Afrikaanse savannen vertelden.

Omdat ik me als classicus intensief bezighoud met de Late Oudheid, ben ik benieuwd naar De afvallige van Jan van Aken, waarover ik nogal verschillende berichten heb gehoord. Ik deins er trouwens nooit voor terug een boek dat me niet pakt na een paar hoofdstukken terzijde te leggen. Het leven is te kort om tijd te besteden aan slechte literatuur.

Ik zie ook uit naar All That Is van James Salter en naar Ladivine van Marie NDiaye (ze kreeg in 2009 de Prix Goncourt voor Trois femmes puissantes, en de Europese Literatuurprijs voor de vertaling daarvan, Drie sterke vrouwen). En dan ligt hier nog Het boek der koningen: De verhalen van Rostam, het elfde-eeuwse epos uit Iran, vorig jaar vertaald door Marjolijn van Zutphen (Bulaaq). Maar het is best mogelijk dat ik op het laatste moment totaal andere boeken meeneem. Een ding is zeker: ik lees een maand lang geen poëzie, bij wijze van ontwenningskuur. Om daarna weer ongeremd aan mijn verslaving toe te geven, uiteraard.