Onverantwoordelijk kind

Cesare Pavese, Het huis op de heuvel. Vertaling Martine Vosmaer. Uitgeverij De Bezige Bij, 336,60. Henk Pröpper, Cesare Pavese kleine biografie). Uitgeverij De Bezige Bij, 319,50.
De kunst van het leven beheersen, zorgen dat ‘de dingen naar je toe komen’, zoals Cesare Pavese (1908-1950) het formuleert in zijn schitterende èn ontluisterende dagboek Leven als ambacht (1952), is iets wat de een komt aanwaaien en de ander altijd zal ontberen.

De personages en vertellers in Paveses romans behoren steevast tot de ploeteraars, de buitenstaanders, de eenzamen. Zelden is hun blik op het heden gericht. Altijd kijken ze, vanuit een stad als Turijn, met een schuin oog naar het verleden op het platteland - de heuvels van de Piemonte rond Turijn - en zien zij zichzelf weer als jongeling rondspringen en ravotten. In Het huis op de heuvel 1948) vlucht de leraar Corrado tijdens de Tweede Wereldoorlog de heuvels rond Turijn in. Het liefst is hij alleen, zonder verplichtingen, zodat hem allerlei kletspraat ‘wie babbelt … is een tante betje, geen man’) bespaard blijft. De zelfmoord is dichterbij dan het echte leven, dat hij als louter toeval en dus als betekenisloos beziet.
De oorlog, het verraad, de bombardementen op Turijn, Mussolini’s val, de landing van de Engelsen, de Duitse invasie - alles lijkt onwerkelijk. Het lot doet hem Cate tegenkomen, een jeugdliefde die hij in de steek heeft gelaten. Hij ontmoet haar zoontje Dino, die in werkelijkheid Corrado heet. Is hij de vader van het kind? Hij doet geen moeite om erachter te komen. Hij is zelf nog een jongen. Vrouwen hebben hem altijd geïntimideerd. De manier waarop Corrado over vrouwen denkt, en ook Pavese, zo blijkt uit Henk Pröppers uitstekende levensschets, heeft alles van een koele handelstransactie. 'Bij haar kon je rustig zeuren zonder het initiatief te verliezen. Het was een beetje als wanneer je iets te drinken bestelt in een goedkoop restaurant: je verwacht geen fantastische wijn, maar je weet dat je iets krijgt.’ In Het huis op de heuvel is Corrado echter initiatiefloos. Hij weet het maar al te goed: 'Wie alles zijn gang laat gaan en daarmee genoegen neemt, is al een fascist.’
Je kunt niet zeggen dat Corrado zichzelf niet streng beoordeelt 'ik ben een boer’), maar zijn ex-geliefde Cate kijkt dwars door de angstige, afwachtende, ijdele hoop koesterende Corrado heen.'Jij bent in staat niets te weten, niet in staat van iemand te houden.’ De enige inspanning die Corrado zich getroost is de zorg voor zijn eigen hachje. Hij wil verdwijnen. Niet zozeer omdat de Duitsers hem zoeken, maar omdat hij de afzijdigheid, de troost van een wijkplaats van nature nodig heeft. 'Ik had willen verdwijnen als een rat.’ En dat doet hij ook. En hoewel Dino zich bij hem voegt in het klooster, gaat hij er andermaal vandoor, terug naar huis, naar het platteland waar het aardse leven vol dialect sprekende, bijgelovige mensen nog betekenis voor hem heeft. Hij wil geen vader zijn, hij wil geen verantwoordelijkheid dragen, al spiegelt hij Cate iets anders voor. Hij is 'een onverantwoordelijk kind’ gebleven. Onderduiken op het platteland, dat doet Corrado uiteindelijk. Het leven als ambacht, Paveses hoofdfiguren leren het maar niet. Ze vluchten ervoor, vol spijt en pijn. Ze koesteren illusies, terwijl het leven om hen heen doorgaat. In Het huis op de heuvel gaat het niet zozeer om de oorlog, maar om de burgeroorlog in jezelf, het verraad dat je permanent pleegt. 'Dat is mijn illusie: ik vind hier in huis een oude werkelijkheid, een leven los van mijn leeftijd, van …) Cate, Dino en de school, los van iets dat ik als man heb gewild en waar ik op heb gehoopt, en ik vraag me af of ik ooit in staat zal zijn me eruit te redden.’
Pavese heeft het niet gered. Op 27 augustus 1950 doodt hij zichzelf in een hotelkamer in Turijn. Zijn afscheidswoorden: 'Ik vergeef iedereen en ik vraag iedereen vergiffenis. Akkoord? Klets niet te veel.’