Onzekere tijden

LOTTE JENSEN
DE VERHEERLIJKING VAN HET VERLEDEN: HELDEN, LITERATUUR EN NATIEVORMING IN DE NEGENTIENDE EEUW
Vantilt, 272 blz., € 22,50

Het zou wel eens een reactie kunnen zijn op het polderdenken van de jaren negentig, dat werd weerspiegeld in de uit zware klei gemodelleerde gelaatstrekken van Wim Kok en het fletse rijstepapsmoeltje van Ad Melkert, en op het beschamende niet-optreden in Srebrenica, maar het lijkt erop dat er bij velen inmiddels weer behoefte is aan helden. Vorig jaar werd in de Nieuwe Kerk in Amsterdam een tentoonstelling gewijd aan het fenomeen, de nieuwe directeur van het Niod heeft aangegeven dat er meer aandacht aan helden moet worden besteed, en de media doen niets anders dan het aan de lopende band creëren van nieuwe instant-helden (‘just for one day’).
Het is typisch iets voor tijden van grote onzekerheid, van gebrek aan vertrouwen en zelfbewustzijn. Vandaar dat het ook niet vreemd was dat er in de eerste helft van de negentiende eeuw een grote behoefte was aan Nederlandse helden. Na de ineenstorting van het particularistische ancien régime, het fiasco van de Bataafse Republiek en de Franse overheersing volgde het experiment met het Koninkrijk der Nederlanden. Evenals in andere Europese landen was er tijdens dit proces van natievorming grote behoefte aan nationale helden en mythes. Niet alleen had het economisch en militair zwakke Nederland behoefte aan een glorieus verleden, ook was het zaak dat de oude tegenstellingen tussen Holland, Zeeland, Friesland en de andere gewesten zo veel mogelijk werden afgezwakt.
In De verheerlijking van het verleden laat Lotte Jensen zien hoe de literatuur haar steentje bijdroeg. Niet alleen werden onomstreden helden als Willem van Oranje en Michiel de Ruyter bejubeld, ook werden nieuwe helden gecreëerd. Niet dat figuren als Montigny, Kenau Simonsdochter Hasselaar en Jan van Schaffelaar helemaal verzonnen waren, maar de tamelijk schaarse gegevens werden zo overvloedig aangelengd met fantasie dat je gerust kunt spreken van spiksplinternieuwe helden.
Overigens was het niet zo dat er sprake was van een eenduidig, wrijvingsloos proces. Juist uit de vele gedichten, toneelstukken en romans over het nationale verleden kwamen allerlei actuele spanningen tot uiting, zoals bleek in de literaire werken die waren gewijd aan Johan van Oldenbarnevelt en de gebroeders De Witt. In min of meer ‘liberale’ kringen waren deze slachtoffers van de Oranjes helden, terwijl dat in de jonge monarchie toch wat moeilijk lag. Ook werd in protestantse en katholieke kring vaak heel verschillend aangekeken tegen bepaalde helden. Vandaar dat sommige literatoren alle nadruk legden op helden die zich in het verleden verzoeningsgezind zouden hebben opgesteld.