Economie

Oogarts

Rutte’s gekokketeer met visieloosheid begint pathologische trekken aan te nemen. Afgelopen zondag bij Buitenhof was het weer zo ver. Met een zelfgenoegzaam lachje herhaalde hij de boutade van Helmut Schmidt: wie visie heeft, moet naar de oogarts.

De ideologie van de reactie die hier te lande voor politiek doorgaat en die in Rutte zijn welhaast perfecte belichaming heeft gekregen, gaat de Nederlandse burger nog lelijk opbreken. Een dag ervoor was namelijk bekend geworden dat de christen-democraten van Merkel en de sociaal-democraten van Schulz overeenstemming hadden bereikt over een beginselprogramma dat ter accordering wordt voorgelegd aan de respectievelijke achterbannen.

Wat daarin staat is geen sinecure. Het rommelt al maanden in Parijs, Brussel en Berlijn. De Europese politieke elite is er heilig van overtuigd dat de crisis voorbij is, dat dit komt door eigen voortreffelijkheid en dat de terugkeer van economische groei het perfecte alibi is voor het zetten van snelle schreden richting Europese federatie. En dus regent het plannen, voorstellen, ideeën en vergezichten.

De begrotingscontrole moet worden aangescherpt; de tijdelijke voorzitter van de eurogroep moet worden vervangen door een vaste minister van Financiën; de Europese Commissie moet eigen belasting kunnen heffen; er moet een Europese vennootschapsbelasting komen; het Europese stabiliteitsmechanisme moet worden uitgebouwd tot een volwaardig Europees monetair fonds; er moet Europees buitenlands beleid komen; er moet een Europees leger komen – en meer van dit soort federale wensen. Alles waar verstokte eurofielen als Guy Verhofstadt al jaren van dromen en dat tot voor kort door realo’s als Merkel, Rutte en Schäuble als luchtfietserij werd weggehoond, wordt sinds enkele maanden serieus in de drie belangrijkste hoofdsteden van Europa bediscussieerd.

Rutte is een politicus zonder visie en waait mee met alle winden

Tot afgelopen weekend dachten eurosceptici als ondergetekende de mazzel te hebben dat Macron en Merkel niet dezelfde federatie voor ogen stond. Als Macron een Europese minister van Financiën wilde, vond Merkel een tijdelijke voorzitter van de eurogroep voldoende. Als Merkel meer Europese begrotingscoördinatie voorstond, wilde Macron juist minder. Als Macron een apart eurozone-parlement wilde, wees Merkel dat van de hand. En als Merkel het Europees stabiliteitsmechanisme intergouvernementeel wilde houden, zag Macron juist een communautaire entiteit voor zich die verantwoording verschuldigd was aan het Europees Parlement.

Tot afgelopen weekend. Schulz is er namelijk in geslaagd zijn Europese droom tot vlaggenschip van de nieuwe ‘grote coalitie’ te maken. Het voorlopige regeerakkoord maakt verdere Europese integratie tot Duitslands absolute prioriteit. Europa is het eerste onderwerp en heeft liefst vijf pagina’s gekregen. Verontrustender is het dat de verschillen met Macron zo goed als zijn verdwenen. Als het aan Duitsland ligt, komt er inderdaad een Europese minister van Financiën, wordt het Europese stabiliteitsmechanisme inderdaad een communautaire entiteit, krijgt de Commissie inderdaad haar eigen inkomsten, wordt de democratische controle op het bestuur van de eurozone vergroot, komt er een Europees leger en krijgt Europa zijn eigen migratiebeleid en zijn eigen buitenlandse politiek.

Toegegeven: het zijn nog geen voldongen feiten. Sommige sociaaldemocraten hebben laten weten niet blij te zijn met het voorlopige akkoord en vragen zich af waarom zij het europisme van Schulz moeten ruilen tegen nog meer christen-democratisch ordoliberalisme binnenshuis. Neem van mij aan dat de druk op de achterban om toch door de pomp te gaan groot zal zijn. Een voorproefje kwam ik maandag op Twitter tegen van Franziska Brantner, Kamerlid voor de Duitse Groenen: lieve sociaal-democraten, schreef ze, willen jullie in een tijd van Brexit, Trump en opkomend nationalisme in hemelsnaam stemmen voor nog meer neoliberaal Europa. Het is politieke chantage van de ergste soort.

Als Merkel en Macron de handen ineenslaan kan het snel gaan. De Europese Unie is nimmer een unie van gelijken geweest. Inwonertal en bruto binnenlands product bepalen al decennia de stemverhoudingen. Dat wil niet zeggen dat dwarsliggers de boel niet flink kunnen verstieren. Zeker als de dwarsligger Nederland heet, de vijfde economie van de unie, de grootste van de kleintjes en een van de oprichters van het Europese samenwerkingsproject. Financial Times-columnist en Europa-watcher Wolfgang Münchau vroeg het zich afgelopen maandag expliciet af: gaat Nederland akkoord met de federalistische oprispingen van Merkel en Macron?

Bij Buitenhof zei Rutte luid en duidelijk nee. De vraag is wat het voorstelt. Zes jaar Rutte heeft mij geleerd dat hij een politicus zonder visie is en meewaait met alle winden. Politiek overleven is het spel dat Rutte speelt. De rest interesseert hem niet.