Ook Amerikaanse rechters verhogen campagnebudget

New York – Een van de opmerkelijkste politieke tv-spotjes in de aanloop naar de tussentijdse verkiezingen (midterms) van afgelopen dinsdag was gericht tegen ene Robin Hudson. ‘Wij willen dat rechters ons beschermen’, zo begon het spotje.

Over beelden van spelende kinderen verkondigde een voice-over vervolgens dat Hudson, in een door kinderverkrachters aangespannen zaak tegen elektronisch surveilleren, ‘de kant van de roofdieren had gekozen’. Behalve dat het spotje feitelijk onjuist was – Hudson had slechts geoordeeld dat de bewuste surveillancewet niet met terugwerkende kracht kan worden toegepast – was het spotje bijzonder omdat het geen landelijke politicus, maar een rechter in de staat North Carolina aanviel.

In de Verenigde Staten worden rechters op federaal niveau benoemd door de president; op staatsniveau worden ze echter gekozen. Voorheen voerden de gerechtelijke kandidaten bescheiden verkiezingscampagnes, gefinancierd door lokale contributies. Sinds 2010, toen het Hooggerechtshof in de zaak-Citizens United het aanzienlijk makkelijker maakte voor bedrijven en rijke particulieren om zich met geld in campagnes te mengen, speelt geld echter ook in judiciële verkiezingen een grote rol. Bovendien is dit geld vaak afkomstig ‘van buiten’, dus niet uit de eigen staat. Zo was het anti-Hudson-spotje gefinancierd door de organisatie Justice for All NC, die haar geld grotendeels krijgt van het Republican State Leadership Committee, die weer gefinancierd wordt door industriëlen als de Koch-broers en conservatieve groepen als Americans for Prosperity en American Crossroads.

De toename van de uitgaven aan rechterlijke verkiezingen is sinds ‘Citizens United’ aanzienlijk. In 2010 bedroegen die uitgaven volgens New York University School of Law nog 38,7 miljoen dollar, in 2012 was dit al 56,4 miljoen. De verwachting is dat dit jaar de honderd miljoen zal worden gepasseerd.

Los van de vraag of het überhaupt een goed idee is om het electoraat, dat grotendeels bestaat uit juridische leken, hoge rechters te laten kiezen, zijn er sterke aanwijzingen dat de toegenomen instroom van campagnegeld invloed heeft op de rechtspraak. Zo ontdekte Joanna Shepherd, hoogleraar aan Emory University School of Law in Atlanta, dat ‘hoe meer tv-spotjes worden uitgezonden, des te minder rechters geneigd zijn om uitspraak te doen ten faveure van verdachten’. Voor die conclusie bestaan twee hypotheses, zo lichtte Shepherd toe in The New York Times: ‘Rechters zijn bang dat hun uitspraken munitie verschaffen voor de spotjes of de spotjes dragen ertoe bij dat bepaalde rechters worden gekozen. In beide gevallen verandert de uitkomst.’