Ook voor gewone mensen

‘Daarom bidden wij God dat wij van God leeg mogen worden…’ Het zijn gedurfde woorden, ook nu nog. Ze zijn afkomstig van Meister Eckhart (1260-1328), de middeleeuwse schrijver en filosoof. Bij het tegenwoordige publiek is hij nauwelijks bekend. Heeft hij ons nog iets te bieden? Ja, zo blijkt uit Eckhart nu, een verzameling 'visies’ op de meester. Daarin schrijven hedendaagse letterkundigen, schrijvers en filosofen over wat Eckhart voor hen betekent, en waarom. Het resultaat is een bundel die inderdaad maar één conclusie mogelijk maakt: Eckhart is nog levend, ook in het nu.
Eckharts tijd is een tumultueuze, vooral op religieus gebied. Met de verkoop van kerkelijke posities en belastingen probeert de kerk zijn rijkdom en macht te vergroten. Onder veel gelovigen leidt dat tot onvrede en een tegenreactie. Vooral religieuze vrouwen kiezen voor een leven van armoede en soberheid, in navolging van Jezus Christus. In de ogen van de kerkelijke autoriteiten ondermijnt die levenswijze het gezag, en velen worden veroordeeld voor ketterij. Eckhart, een beroemd prediker en theoloog met een glanzende carrière aan de Parijse universiteit, schaart zich aan de zijde van de bevlogen vrouwen. Dat wordt zijn ondergang. Hij wordt beschuldigd van ketterij, aangeklaagd door mensen uit eigen kring. Met alle mogelijkheden verdedigt hij zich. Tevergeefs, hij sterft voordat het proces is voltooid.
Eckharts oeuvre bestaat voornamelijk uit preken en verhandelingen, geschreven in het Latijn en het Duits, zoals de 'Levenslessen’ (Rede der unterscheidunge) of het traktaat 'Over afgescheidenheid’ (Von abgescheidenheit). De Latijnse werken zijn filosofisch van opzet en gericht op zijn universitaire collega’s, de Duitse zijn voor een breder publiek geschreven en waarschijnlijk door zijn toehoorders opgetekend. Dat Eckhart vooral bekend is door preken en meditaties kan de indruk wekken dat zijn geschriften vooral godsdienstig en belerend zijn. Dat zijn ze ook wel, maar ze zijn meer: het zijn prikkelende beschouwingen, prachtig gestileerd, scherp en ironisch, over de levenskunst.
In veel werken keert hetzelfde thema terug: hoe kan de ziel haar goddelijke oorsprong bereiken? Daartoe moet de mens volgens Eckhart de banden met het aardse bestaan verbreken, afzien van zijn eigenbelang en de ziel volstrekt leegmaken. De mens moet alles achterlaten wat hem lief is, 'met als resultaat een zielstoestand die slechts op het volstrekte niets, een volledige leegte is gericht’, zo schrijft Jef Jacobs in zijn bijdrage. Daarin schetst hij de historische context van Eckhart. Jacobs wijst op een karakteristiek element in zijn leer, een punt waarop hij sterk verschilt van veel mystici. Volgens Eckhart betekent onthechting van het aardse niet dat je de eenzaamheid moet zoeken. 'Niet in het isolement van de kloostercel is God te vinden, maar in het volle leven.’ Eckharts leer ademt een 'sfeer van geruststelling’, schrijft Jacobs. Het aardse leven is niet inherent zondig, integendeel. Voor Eckhart is de zonde - zo luiden zijn eigen woorden - 'een leed zonder lijden, zoals voor God al het kwade een leed is zonder lijden’. Met zulke uitspraken maak je je niet bij iedereen populair.
In de middeleeuwse literatuur werd Eckhart wel als een ware duivel neergezet, ook door Nederlandse schrijvers. Pas in latere tijden begon hij tot de verbeelding te spreken. Filosofen als Schopenhauer en Heidegger zagen in hem een inspirator. Vooral in de twintigste-eeuwse Nederlandse literatuur keert hij vaak terug, zo laat Jaap Goedegebuure in deze bundel zien. De dichter Paul van Ostaijen voelde zich verwant aan de mysticus Eckhart. Zijn weg van ontlediging vormde een aanknopingspunt voor Van Ostaijens eigen zoektocht naar zuivere lyriek. Ook Simon Vestdijk was gefascineerd door hem, zo blijkt uit de roman Het proces van Meester Eckhart. Daaruit komt een fraaie, maar onbetrouwbare beschrijving van Eckharts uiterlijk: 'Een rijzige grijsaard met diepblauwe ogen (…) Door eenzijdig verval van zijn gebit was zijn gezicht scheef, maar de articulatie van zijn woorden had evenmin te lijden gehad als het imposante van zijn verschijning.’ Zo'n uiterlijk valt evenmin bij iedereen in goede aarde.
Hoe weet Eckhart hedendaagse schrijvers nog te inspireren? Dat is de centrale vraag van deze bundel. Voor iemand als Oek de Jong ligt het antwoord in de betoverende 'allesontwrichtende’ zinnen. De Meister was een meester van taal. Van C.O. Jellema (1936-2003), dichter en vertaler van het werk van Eckhart, is een essay herdrukt, waarin hij wijst op de grote poëtische waarde van de traktaten. Eckhart raakt hem in zijn 'diepste verlangen naar ontheffing van elke vorm van gescheidenheid’. Je ziet hier hoe mystiek en poëzie elkaar raken. Dichters en mystici zijn blijkbaar loten aan dezelfde stam. Dat zie je ook mooi in het essay van zenleraar Nico Tydeman, die over de middeleeuwse denker stelt: 'Zijn woorden scheuren mij los van alles wat ik weet en wil.’ Eckharts 'lege zielstoestand’ is sterk verwant aan de staat van gelijkmoedigheid die in de oosterse leer als hoogst bereikbare contemplatieve staat geldt.
In sommige bijdragen in dit boek gaat het vooral om de ervaringen van de hedendaagse auteurs, minder om Eckhart. Stukken waarin de middeleeuwse schrijver op een afstandelijke wijze in zijn (literair-)historische context wordt geplaatst zijn in de minderheid. Maar die persoonlijke betrokkenheid is verfrissend. Van weinig middeleeuwse auteurs worden de werken nog zo intens gelezen als die van Meister Eckhart. Waarom? Dat is niet geheel duidelijk, ook niet na lezing van Eckhart nu. Misschien omdat hij schreef voor gewone mensen, en niet louter voor mystici, zelfs niet alleen voor gelovigen. Iedereen die zoekt naar een zinvolle levenshouding spreekt hij aan, met levenslessen in een schitterende, poëtische taal. Eckhart nu, hoewel fraai vormgegeven, voert de lezer mee naar een wereld waar luxe, verlangens, aardse zaken geen troost bieden. Het is verkwikkend om 21ste-eeuwse lezers daarover zo enthousiast te horen. De Meister mag tevreden zijn.


JAAP GOEDEGEBUURE EN OEK DE JONG (SAMENSTELLERS)
ECKHART NU: TIEN VISIES OP MEISTER ECKHART
Augustus, 252 blz., € 29,95

Dinsdag 17 mei, 20.00 uur, begint in De Balie (Amsterdam) een avond over De filosofie van Meester Eckhart, met Oek de Jong, Jan Bor e.a.