Ook wel leelijk

Stelt u zich bij deze tekst een plaatje voor dat vrijwel niets voorstelt. Ik bedoel, waarop vrijwel niets te zien is. Niets opvallends, een plaatje dat je nergens op aanspreekt; een beeld dat je altijd wel ergens kunt aantreffen zonder dat je er warm of koud van wordt. Een gemeenplaats zogezegd, die je alleen serieus aandacht geeft omdat je haar toevallig tegenkomt in een mooie witte zaal, met een keurige lijst er omheen en vergezeld van een aantal soortgelijke beelden die verraden dat het om een tentoonstelling gaat. Een tentoonstelling in het Museum Boijmans-Van Beuningen, die loopt tot en met 25 mei.

Echt alleen maar daarom? En wat denkt u dan van de titels bij de tentoongestelde foto’s. Bijvoorbeeld deze:
Christopher Williams The Archives of the History of Art, The Getty Center for the Humanities 4503B Glencoe Avenue Marian del Rey, California 90292 TEL 213 822-2299 FAX 821-9409
Met daarbij dan nog feitelijkheden als de productiedatum (1990) en:
Gelatin silver print Edition: 1/8 11 x 14 inches (28 x 35.5 cm) Framed: 25 3/8 x 29 3/8 inches (64.5 x 74.7 cm) Thomas Borgmann, Cologne.
(Die laatste naam, dat zal de bruikleengever zijn.)
Een gemeenplaats, maar een waar dus nog heel wat over te zeggen valt. Wat je over zo'n foto niet allemaal kunt melden: onderwerp, plaats en datum van opname. Hoe de verantwoordelijken voor deze plaats te bereiken. Gebruikte afdruktechniek. Angelsaksische en decimale maten. Hoe vergankelijker het onderwerp, de kunst en niet te vergeten de leidraad in het zelfbeeld van fotograaf Williams, hoe neurotischer de poging concreet te zijn, bestaansbewijzen te vergaren.
Goed, dat Hasselbladmoment is dan maar een flits in het licht der eeuwigheid, ergens in het universum, maar Williams zal laten zien dat ook van zo'n futiel flitsje nog heel wat te maken valt. En omdat hij dat zo goed kan, zoekt hij expres de meest futiele onderwerpen en momenten op. Hij houdt vast wat het leven als irrelevant heeft verordonneerd. Om zich zo te meten met het allesverpestende betekenisverlies in een vervliedende tijd.
Deze fotografie is niet van iemand die het leven anders voorstelt; hij stelt het leven gewoon voor zoals het hem uitkomt. Als er op deze wereld te weinig aandacht is om alles, altijd en overal van aandacht te voorzien, dan moet je daar kunstwerken over maken. Die kunst over de veronachtzaming neemt voor alles wat veronachtzaamd wordt de honneurs waar, brengt het, hoe vergankelijk en willekeurig ook, alsnog in het domein van de eeuwigheid. Lichtheid die zo alsnog te dragen is. En die dus toch nog wat weegt.
Williams doet dat door er almaar scheppen bovenop te gooien. Technisch perfecter, maar semantisch nietszeggender worden zijn foto’s. En wat bijvoorbeeld te zeggen van de titel van deze expositie: For Example: Die Welt ist schön (Final Draft). Een titel die erom vraagt hineininterpretiert te worden. De Duitse fotograaf Albert Renger-Patzsch publiceerde onder de naam Die Welt ist schön in 1928 een boek over alles. Toen bestond er nog iets als De Wereld. Nu is alles zo ‘complex’ dat De Wereld slechts een element is uit een veel grotere verzameling. Williams kan dan ook niet meer encyclopedisch documentair zijn. Hij kiest voor het exemplarisch documentaire. Zelf verder denken, a.u.b…
Zoals Slauerhoff dichtte: 'Het leven is wel mooi en ook wel leelijk/ 'k Neem wat ik vind en wat ik heb, dat deel ik.’