De digitale leestafel

Oorlog à la Obama

‘Obamamania’, zo wordt het Europese enthousiasme voor een door Barack Obama bewoond Witte Huis al genoemd. De Democratische presidentskandidaat zal breken met de desastreuze buitenlandse politiek van de neoconservatieven. Dat is althans de hoop – sleutelwoord in zijn campagne – van zijn aanhangers in binnen- en buitenland. Daar plaatst het opinieblad The Nation, opgericht in 1865 en huisorgaan van links Amerika, na uitvoerig onderzoek naar Obama’s standpunten en tal van gesprekken met zijn adviseurs en deskundigen de nodige kanttekeningen bij.
Obama belooft niet alleen de troepen terug te trekken uit Irak. Hij wil ook luisteren naar Amerika’s bondgenoten. Bovendien pleit hij voor een herwaardering van de diplomatie, zelfs met schurkenstaten als Iran of Cuba. En toch kan de breuk met het beleid van zijn verguisde voorganger wel eens minder groot blijken dan gedacht, schrijft The Nation. Zo zal Obama de uit de klauwen gegroeide budgetten van het leger met rust laten. Sterker nog: hij wil 65.000 soldaten en 27.000 mariniers extra. In Irak zullen mogelijk ook na de officiële terugtrekking Amerikaanse troepen actief blijven. Misschien wel 80.000, als het aan sommige van Obama’s adviseurs ligt. De Amerikaanse aanwezigheid in Afghanistan zal sowieso worden uitgebreid.
Niet voor niets sprak Obama in een speech over ‘een 21ste-eeuws leger dat in het offensief blijft, van Djibouti tot Kandahar’. Ook de nieuwe eeuw kan een Amerikaanse worden, beloofde Obama in dezelfde toespraak. Hij hekelde de ‘cynici’ die beweren dat Amerika niet nog eens honderd jaar ‘de wereld kan leiden bij het bestrijden van concrete kwaden en het bevorderen van het goede’.
Dat klinkt verdacht veel als de neoconservatieve luchtspiegelingen over een strijd tegen ‘de as van het Kwaad’. Obama zal in elk geval niet breken met de politiek van het interventionisme. Mobiele wederopbouwteams moeten onder zijn regime overal ter wereld failed states te hulp schieten. Sommige van zijn adviseurs bepleiten humanitaire interventies, desnoods buiten de Verenigde Naties om. Dat is niet zo vreemd als het lijkt. Het was de Democratische president Clinton, niet Bush, die zich hier in 1999 met de Navo-aanval op Servië voor het eerst aan waagde. Blijkbaar is de scheidslijn tussen idealisme en neoconservatisme dun. Een twijfelachtige geruststelling: voordat de ‘obamamanics’ met die ongemakkelijke waarheid geconfronteerd worden, moet Obama eerst een heel lastige verkiezing zien te winnen.

Lees het artikel ‘Obama’s Evolving Foreign Policy’ inThe Nation: