Theater

Oorlog in Utrecht

Theater Een totale Entführung

65 jaar geleden, in 1941, werd in Utrecht de nieuwe en moderne schouwburg van Dudok geopend en direct bezet door de nsb, die om de hoek zijn hoofdkwartier had. In 2013 zal het driehonderd jaar geleden zijn dat het Vredesverdrag van Utrecht werd gesloten, dat een einde maakte aan honderd jaar Spaanse successieoorlogen. De stad Utrecht wil dat historische feit de komende zeven jaar onder de aandacht brengen. Beide jubilea worden nu ongemakkelijk samengevoegd in een zinnig, door schrijver en oud-Balie-directeur Chris Keulemans samengesteld en bijeengehouden programma: Kunst in oorlog, nog tot 30 september in Utrecht en Amersfoort.

Over de Vrede van Utrecht wordt niet veel gepraat, over de oorlog des te meer. Zo wordt er een poging gedaan de sfeer van clandestiene voordrachtsavonden tijdens de Tweede Wereldoorlog te laten herleven. Interessant is dat de zwarte kant van de schouwburg tijdens de oorlog niet wordt verdoezeld. We zien op foto’s hoe hoge nsb-functionarissen deftig op de eerste rij zitten en Paul Feld van toneelgroep Growing up in Public maakte een voorstelling over nsb-leider Anton Mussert. Het is een cabaretachtige onemanshow waarin Harm van Geel zowel een karikatuur van Mussert laat zien als de miskende patriot die hij ook is geweest. Maar vooral toont hij haarfijn de overeenkomsten van de nationaal-socialistische denkbeelden met wat nog altijd ‘het gedachtegoed van Pim Fortuyn’ wordt genoemd.

De actualiteit was in de eerste dagen van het festival nooit ver weg. De opening begon met acteur Carol Linssen die een passage uit de Ilias van Homeros voordroeg: de oude Trojaanse koning Priamos komt de Griekse held Achilles smeken hem het lijk van zijn zoon Hektor terug te geven. Drieduizend jaar geleden, maar het rijmde met de woorden van de Israëlische schrijver David Grossman bij het graf van zijn zoon Uri, gesneuveld als tankcommandant in de laatste uren van de oorlog in Libanon. Judith Herzberg las een brief voor uit haar boek Tussen Amsterdam en Tel-Aviv over de Israëlische aanval op Libanon in 1982, een brief die helaas ook vorige maand geschreven had kunnen zijn.

Hoogtepunt was de Nederlandse première van Een totale Entführung, de bewerking door Ramsey Nasr van Mozarts beroemde Singspiel. Het werd geen intellectueel vertoog over Oriëntalisme en Occidentalisme maar een aangename mix van allerlei verwarrende vragen. Wie zijn de grootste ploerten, de Westerlingen of de Oosterlingen? Wat is beschaving, wat is barbarij? Gaan mannen uit het Westen wel zo verlicht om met hun vrouwen? Het mooie is dat deze vragen heel impliciet ook in Mozarts opera verscholen liggen. Ramsey Nasr heeft ze aan de oppervlakte gehaald en verhevigd en relativeert ze daarmee ook weer. Het is geen cultureel drama en geen cultureel blijspel, maar een uitvergroot beeld van de culturele verwarring waar we allemaal aan onderhevig zijn. Doordat de hoofdpersonen worden verdubbeld in een zanger en een acteur kunnen al die vormen van verwarring theatraal gestalte krijgen. Er is een jonge Belmonte (tenor Christian Baumgärtel) en een oudere (acteur Jan Decleir). Terwijl Rena Granieri (sopraan) als Konstanze haar eeuwige trouw aan Belmonte bezingt, vrijt haar alter ego actrice Els Dottermans met de oosterse Bassa Selim. Aan het einde vechten de twee acteurs, terwijl de zangers zingen dat ze bereid zijn voor elkaar de dood te trotseren. Overigens, er wordt door de jonge zangers prachtig gezongen en er is een klein, lenig orkest, gedirigeerd door Koen Kessels. Sultan Bassa Selim blijft aan het einde alleen over, iedereen is vertrokken, zelfs de orkestleden. Hij zingt een door bewerker Wim Henderickx gecomponeerd woordloos Arabisch lied, prachtig om te horen, maar de humane Oosterling Bassa Selim is door de Westerlingen teruggeworpen in zijn benauwde etnische identiteit.

Een totale Entführung. Tournee tot en met 26 oktober in België en Nederland.

www.transparant.be. Kunst in Oorlog: www.kunstinoorlog.nl