Een Ander Joods Geluid

Op de zevende dag

Kan de Israëlische vredesbeweging met hulp van joods Nederland worden gereanimeerd? De actiegroep ‘Een ander joods geluid’ van Anneke Mouthaan en Harry de Winter doet er alles aan. Zij worden beschuldigd van «verraad van het joodse volk».

Aan kritiek zijn ze wel gewend, de leden van de actiegroep Een ander joods geluid (EAJG), vorig jaar mei opgericht teneinde «het taboe te doorbreken dat joden vinden dat zij geen kritiek op Israël mogen uiten en dat ook van anderen niet accepteren». Ze zijn al «de vijfde colonne van Hamas» genoemd, de «echo van het Palestijns Gezag», joden met zelfhaat, en nu zelfs «verraders van het joodse volk». De laatste kwalificatie is afkomstig van rabbijn Lilienthal van de liberaal-joodse gemeente en was afgelopen week te lezen in het Nieuw Israelietisch Weekblad (NIW). «Ik vind dat de EAJG’ers de verraders van het joodse volk zijn», aldus de rabbijn in het NIW. «In het morele dilemma waar we allemaal in verkeren, kiezen ze de kant van de Palestijnen. Als je ruzie hebt binnen de familie blijf je toch je eigen familie steunen. Als je je met de vijand identificeert, plaats je je buiten de familie.»

Directe aanleiding tot de rabbinale banvloek was de oproep van EAJG aan minister van Buitenlandse Zaken Van Aartsen om over te gaan tot een boycot van producten uit de joodse nederzettingen in de bezette gebieden, zoals wijn en cosmetica. Dit zou moeten gebeuren door het eenzijdig opschorten door de Europese Unie van het Associatieverdrag met Israël. Zo zouden de meer dan driehonderd Israëlische soldaten die weigeren te vechten in de sinds de Zesdaagse Oorlog door Israël bezette gebieden in de Gazastrook en op de Westoever een hart onder de riem worden gestoken. Deze dienstweigeraars, van wie woordvoerder Yishai Rozen-Tzvi onlangs verklaarde dat «ons leger in de bezette gebieden een broeikas van ellende, armoede en hopeloosheid onderhoudt, waar de planten van het terrorisme de ideale omstandigheden vinden om te groeien», vormen een steeds invloedrijkere pressiegroep binnen de voor de rest zo weinig florissante vredesbeweging in Israël.

Van Aartsen ontving de actiegroep EAJG — met in de Raad van Advies klinkende namen als Hedy d’Ancona, Ed van Thijn, Harry de Winter en Dieuwertje Blok — al enige maanden na de oprichting op zijn ministerie. Inmiddels hebben 450 «Nederlanders met een joodse achtergrond» de beginselverklaring van de stichting onderschreven. Daarin wordt Israël onder meer opgeroepen tot volledige terugtrekking van kolonisten en militairen uit de bezette gebieden, het realiseren van een Palestijnse staat naast Israël met Jeruzalem als hoofdstad van twee staten en een evenwichtige oplossing van het probleem van de Palestijnse vluchtelingen. «Een voorwaarde is dat Israël zijn medeverantwoordelijkheid voor het ontstaan van dit probleem erkent», aldus EAJG. «Pas dan kan worden onderhandeld over de vraag hoe Israël een bijdrage kan leveren om het onrecht te herstellen, zonder zijn eigen bestaan in gevaar te brengen.»

Voor de banvloek van rabbijn Lilienthal was het schrijver Leon de Winter die de leden van EAJG in felle bewoordingen aanviel. De Winter zocht de ontstaansreden van Een ander joods geluid in «een behoefte bij het links-liberale establishment in de smaak te vallen». Volgens de literator gaat het EAJG’ers maar om één ding: «Hoe voorkom je dat de gojiem je met wegblokkades, liquidaties en rakettenvurende F16’s associëren?», en vandaar dat zij zouden komen met «politiek correcte verhalen» als zou «alles de schuld van Israël» zijn. De Winter over «de Anderen»: «Ze voelen zich ongemakkelijk bij de omstreden beslissingen en daden van de Israëlische regering, want als joden worden ze door hun niet-joodse omgeving aangesproken op hun joodse medeverantwoordelijkheid.»

Coördinatrice Anneke Mouthaan van Een ander joods geluid is niet onder de indruk van die kritiek. «Leon de Winter verwijt ons cynisme, terwijl hij zelf lijkt te berusten in een soort apathische overtuiging dat het toch nooit meer goed komt tussen de joden en de Palestijnen. Dat vind ík nou pas echt cynisme.» Mouthaan (72) is samen met tv-producent Harry de Winter initiatiefneemster van Een ander joods geluid. Ze is een veteraan in het vredeswerk ten aanzien van Israël. Twaalf jaar geleden richtte ze het Steuncomité Israëlische Vredesgroepen en Mensenrechtenorganisaties (Sivmo) op, dat in nauw contact staat met Israëlische vredesgroepen als Gush Shalom van Uri Avneri. Ze stelt vast dat de lijst van ondertekenaars van het EAJG-manifest de laatste, voor Israël zo dramatische weken nog steeds groeit, hoewel ook enkele mensen hebben bedankt. Onlangs trokken enkele ondertekenaars, onder wie journaliste Hella Rottenberg, zich terug uit de werkgroep uit onvrede over de mediastrategie van de groep, die te veel zou zijn bepaald door Harry de Winter. «Hij wakkert de discussie binnen de joodse gemeenschap niet inhoudelijk aan, maar bedient zich te veel van kretologie», aldus Rottenberg in Vrij Nederland van 2 februari, kennelijk geschrokken door uitspraken van de televisiemaker als zou Israël op weg zijn naar «een fascistische politiestaat». Cabaretier Raoul Heertje verzocht EAJG ook zijn naam van de lijst van sympathisanten te halen — niet omdat hij van mening is veranderd, maar omdat hij er zo vaak over werd aangesproken dat het hinderlijk werd. Daarnaast waren er bekende joodse Nederlanders uit de journalistiek die wel wilden tekenen, maar dat niet mochten van hun chef.

Mouthaan voelt zich niet geroepen te reageren op de harde uitspraken van rabbijn Lilien thal: «Kennelijk huldigt ook Lilienthal het principe ‘My country, right or wrong’. «Als je kritiek hebt, hoor je er niet meer bij. Persoonlijk vind ik dat kritiek juist noodzakelijk is. Binnen een familie behoort men elkaar toch te corrigeren? Ik bekritiseer Israël juist omdat ik me er als Nederlandse jodin mee verbonden voel. Is het uiteindelijk niet harteloos om blind achter Sharon te staan, terwijl Israël steeds verder verstrikt raakt in een politiek die tot zelfvernietiging leidt? Er wordt in Israël al gesproken over het Massada-complex, over de ondergang van de staat Israël die gepaard zou gaan met de inzet van de atoombom. Om dat soort apocalyptische ontwikkelingen tegen te gaan, is het van levensbelang dat de Israëlische vredesgroepen die het de laatste maanden zo moeilijk hebben gehad steun krijgen uit het buitenland. De dialoog tussen joden en Palestijnen moet weer worden op gevat. Pressie uit het buitenland is daarbij essentieel. Volgens een enquête van twee weken geleden vindt maar liefst 49 procent van de Israëlische bevolking dat Sharon nog harder tegen de Palestijnen moet optreden dan hij nu al doet.»

De boodschap van eajg heeft ook buiten joodse kring indruk gemaakt, aldus Mouthaan. «Er zijn reacties binnengekomen uit christelijke organisaties die blij waren met ons initiatief. Zij zeiden zelf ook al lang rond te hebben gelopen met zorgen over de politieke koers van Israël, maar dat ze daar niet voor uit dorsten komen.»

Minister Van Aartsen en premier Kok spraken de afgelopen weken in opvallend harde bewoordingen hun afkeuring uit over de ramkoers van Sharon tegen de Palestijnen. Kok stelde Sharon verantwoordelijk voor het «escalerende geweld». Van Aartsen probeerde de Europese Unie en Amerika tevergeefs te bewegen tot een gezamenlijke reprimande aan Is raël. Voormalig Europese Commissie-lid Hans van den Broek haalde in Buitenhof Israëlische stemmen aan die Sharon vergelijken met keizer Nero en zelfs Adolf Hitler. Daarna beloofde een woedende Ronny Naftaniel van het Centrum voor Informatie en Documentatie over Israël (Cidi) Van den Broek «de oren te wassen».

Mouthaan: «Natuurlijk zit er ook een dosis cynisme in de huidige westerse druk op Israël. Bush zoekt Arabische steun voor zijn oorlog tegen Irak, die hij desnoods met de inzet van nucleaire wapens wil voeren, en daarbij fungeren de Palestijnen als politiek wisselgeld. Over twee weken komt de Arabische Liga bijeen om te praten over het vredesvoorstel voor Israël van de Saoedische kroonprins Abdullah. Bush ziet dat als een kans om inzake Israël eindelijk tot een vergelijk te komen met de Arabische wereld en tegelijkertijd een coalitie te vormen tegen Saddam Hoessein. Niettemin dienen zich nu kansen aan die met beide handen moeten worden aangegrepen. Israël bevindt zich in een diep economisch dal. Het bestaan wordt er overheerst door angst; de samenleving is volledig gemilitariseerd. Er schijnen al de nodige Israëli’s te zijn die een huis hebben gekocht in Oost-Europa voor het geval dat het helemaal misgaat. Nu is er een opening om uit de vicieuze cirkel van steeds maar meer geweld en tegengeweld te geraken.»

Ondertussen spreken ook steeds meer hooggeplaatste Israëli’s in deze termen. Oud-procureur-generaal Michael Ben-Yair verklaarde in de krant Ha’aretz van 3 maart dat het de hoogste tijd is dat Israël zich daadwerkelijk terugtrekt van de Westoever en uit de Gazastrook. «De Zesdaagse Oorlog is ons opgedrongen. Maar de zevende dag van die oorlog, die op 12 juni 1967 begon en die nog steeds niet ten einde is, komt voort uit onze eigen keuze. Wij hebben met enthousiasme gekozen een koloniale samenleving te worden. Een samenleving die internationale verdragen aan haar laars lapt, die zich onrechtmatig land toe-eigent, die kolonisten uit Israël naar de bezette gebieden overbrengt, die zich aan diefstal schuldig maakt en die dit alles nog tracht goed te praten ook», aldus Ben-Yair.

Mouthaan: «Met de Oslo-akkoorden van 1993 hebben de Palestijnen een belangrijke stap gezet: in ruil voor de Westoever en de Gazastrook, slechts 22 procent van het Palestina van voor 1948, waren ze bereid hun aanspraken op 78 procent van het land op te geven. Tijdens de Camp David-onderhandelingen met Arafat in juli 2000 heeft Barak een grote fout gemaakt door ook nog eens te eisen dat tien procent van de Westoever onder Israëlische militaire controle zou blijven, plus dat de nederzettingen op de Gazastrook voor onbepaalde tijd zouden voortbestaan. Op die manier zou er natuurlijk nooit een levensvatbare Palestijnse staat kunnen komen. En dat durfde Barak dan nog een 'edelmoedig aanbod’ te noemen. Het was trouwens Barak die voor de grootste uitbreiding van de nederzettingen heeft gezorgd. Het is maar de vraag of hij echt de prijs voor de vrede wilde betalen. Uiteindelijk kwam Barak ook uit het leger, net als Sharon. Wat dat betreft heeft Baraks Arbeiderspartij laten zien dat ze alleen geïnteresseerd waren in een vrede waarbij Israël de baas blijft over de grenzen en de Palestijnen in afsluitbare reservaten worden opgeborgen.»