Kijken

Op drift

Het schilderij van Dan Walsh bestaat uit vormbewegingen en kleurvolumes en zit vol met wonderbaarlijke beeldrijmen. Onnavolgbaar is het, met kleuren die gaan zweven.

Het schilderij van Dan Walsh is vierkant – een vak van linnen strak opgespannen en beschilderd met acrylverf. Dat is een pigment op waterbasis. Als je die verf zo dun en regelmatig opbrengt als de kunstenaar doet, dringen de kleuren makkelijk in het linnen waar ze dan vrij snel drogen. Daardoor krijg je een geschilderd oppervlak waarvan de kleuren mat zijn en egaal. Dat blijft mijn eerste indruk van het schilderij. Anders gezegd: de kleuren klateren en glinsteren niet. Ze zijn ingetogen en gelijk van toon. De kleuren zijn een ijl, doorzichtig weefsel. Ik probeer voorzichtig te kijken: de kleur van het linnen vlak was wit, denk ik, dat zachter en matter werd toen de bleek het beige maakte. Om toen dat zwijgzame beige ruimte en vorm te geven werd er boven langs de rand, en ook langs de randen terzijde, een zoom langs gezet. Die zoom is roze getoond donkergrijs. De rand aan de onderkant van het doek was toen ook beige. Het lichte blauw kwam later.

De grijze zoom was vooreerst voldoende om het schilderij zijn eerste vorm te geven. Het vierkant kreeg nu een interieur. De donkere zoom was rondom een gelijkmatige aaneenschakeling van grijze cirkelronde vormen. De kleine driehoekjes die tussen de ronde vormen overbleven werden aan de buitenkant van de zoom gelijkelijk dichtgeschilderd. Aan de binnenzijde ontstond zo een patroon van bollingen dat eruitziet als een geborduurde rand van een laken. Die ruimte noem ik het interieur van het schilderij – door de gebolde zoom aan de binnenkant van de omtrek van het schilderij was de breedte daarbinnen smaller geworden. Het interieur was nu niet meer vierkant.

Misschien heeft Dan Walsh toen ook langs de onderrand van het schilderij een zoom gezet om een evenwicht terug te krijgen. De onderste zoom is lichtgrijs. Maar dat grijs is een vederlichte kleur en niet zwaar genoeg om tot een evenwicht te komen met het donkere grijs van de grijze zoom. Het kan dan wel zijn dat de formele vormgeving binnen het vlak (in het interieur) voornamelijk symmetrisch van karakter is – maar door de onnavolgbare werking van de kleuren, omdat die zo frêle zijn, gaat het symmetrische evenwicht toch wankelen. Dat is in dit schilderij ook het wezenlijke, en bij eigenlijk de meeste schilderijen: het eerst zijn het de kleuren die op onze ogen indruk maken omdat die het geheimzinnigst zijn en ons verleidelijk in de war brengen.

In dit schilderij worden kleuren gearticuleerd door vormgeving

In dit schilderij van Dan Walsh dat Benefit heet worden kleuren gearticuleerd door vormgeving en zien we kleuren die vorm vastleggen. De vormgeving bestaat uit die cirkelronde vormen die tot lijnen aaneen geregen worden en zich ook als kruisingen gaan gedragen. Ook kun je die ronde vormen volumineus samenvoegen zodat ze vierhoekige vlakken van kleur vormen. Hoe dan ook, kleuren raken verwikkeld met vormgeving. Dat is een gebeuren dat tegelijkertijd plaatsvindt.

Het schilderij bekijken, betekent het geduldige ontrafelen van een heldere verwarring. Het interieur wordt met lijnen van cirkelvormen drie keer horizontaal en ook drie keer verticaal gedeeld, wat de binnenruimte van het schilderij verdeelt in twaalf ongevere vierkanten. De negen kruisingen in de verdeling zijn beige cirkels met een grijze omtrek – de kleuren van de grondkleur en van de zoom die de proportie van het doek bepaalt. De cirkel is iets kleiner dan negen centimeter en is de maatmodule in heel het schilderij. De elkaar kruisende lijnen zijn zulke cirkelvormen, lichtgrijs, aan elkaar. We lezen die lijnen en de banen daartussen zowel horizontaal als verticaal. Horizontaal gezien hebben alle lichtgrijze cirkellijnen telkens vier bruine punten, onderbroken door de beige cirkels op de kruispunten. Die lijnen hangen daar stabiel in een rustige slinger. De lichtgrijze cirkelvormen met hun bruine punt zijn overal even groot. De verticale lijnen echter vertonen zich heel anders. Van bovenaf gerekend hebben de eerste vier lichtgrijze cirkelvormen een slanke omtrek in bruin. Dan volgt het beige kruispunt. Dan komen vier ronde grijze vormen met een dikkere bruine omtrek. Dan volgen, na het kruispunt, vier lichtgrijze vormen met de bruine omtrek nog iets dikker. Na weer een kruispunt zien we de laatste vier ronde vormen lichtgrijs met een zware omtrek in bruin. Dan nog zien we in de negen vierkanten tussen de kruisingen nog rechthoekige volumes van lichtgrijs. Dat zijn telkens twaalf cirkelvormen naast elkaar dichtgeverfd met een ronde kwast. Op hun beurt liggen die grijzige volumes op rechthoekige vormen rood – en zo dat vanaf de onderrand gezien het lichtgrijs het rood toenemend meer bedekt.

Het schilderij bestaat uit vormbewegingen en kleurvolumes die hooguit hier en daar op elkaar lijken. Het zit vol met wonderbaarlijke beeldrijmen en niet te vergeten al die kantige restvormen tussen de cirkelvormen. Maar wezenlijker zijn alle energieke verschillen en hoe die het schilderij onnavolgbaar maken. Kleurvolumes gaan zweven en raken op drift.


PS. Werken van Walsh hangen tot 30 maart op zijn tentoonstelling Apostrophe in Slewe Gallery, Amsterdam. Walsh exposeert de rest van het jaar ook nog in het Bonnefantenmuseum, Maastricht