Cultuur van consensus

Op een bankje met Ninotchka

Large la la land 2016 1
Emma Stone in La La Land, 2016. Regie Damien Chazelle © Independent Films

In onze huidige cultuur is geen plaats meer voor zelfstandig denken, verbeelding, intuïtie, opstandigheid en de bereidheid om risico’s te nemen. De almachtige markt heeft elk artistiek verzet gebroken.

1.

Laat ik beginnen met een heel recent en banaal voorbeeld, de film La La Land uit 2016 van Damien Chazelle. Deze kreeg het afgelopen jaar alle prijzen of nominaties die er maar te krijgen waren en bracht alle miljoenen op die een film maar zou kunnen opbrengen. Bij de uitreiking van de Academy Awards begin dit jaar werd er een begrijpelijke vergissing gemaakt: aangezien La La Land in veel categorieën een Oscar kreeg, twijfelde niemand eraan dat er ook een zou komen voor de categorie beste film. Daarom was het geen wonder dat Faye Dunaway door een bizarre samenloop van omstandigheden aankondigde dat La La Land de winnaar was, maar na een paar chaotische minuten bleek dat dit niet juist was. De Oscar voor de beste film van 2017 ging naar Moonlight.

Op YouTube is een filmpje te zien van Saturday Night Live (snl), het heet La La Land Interrogation en maakt kort en krachtig duidelijk wat de essentie is van de cultuur die we in de loop van de jaren hebben opgebouwd, waar we mogelijk zelf voor kozen en waarin we nu als winnaars en verliezers rondstrompelen. Er wordt een jonge man het politiebureau binnengebracht omdat hij in een café tegen een vrouw zou hebben gezegd dat hij betwijfelde of La La Land echt wel zo’n goede film is als iedereen zo eendrachtig beweert. Hij had echter niet in de gaten dat het gesprek met een verborgen camera werd opgenomen. Nu wordt de arme jongen op een hardhandige manier verhoord door twee agenten die hem willen dwingen toe te geven dat La La Land de allerbeste film is.

***

2.

Het Russische schrijversduo Ilf en Petrov schreef in 1932 een kort satirisch verhaal getiteld ‘Hoe Robinson werd geschreven’ (‘Kak sozdavalsja Robinson’), en wie Russisch kent, kan op YouTube een korte verfilming bekijken die in 1961 door Eldar Rjazanov werd gemaakt. (1 & 2) Waar gaat het verhaal over? De redactie van een pas opgericht tijdschrift probeert jonge lezers te winnen en te behouden die geen zin meer hebben in de ‘snotterige ernst’ die ze in zo veel stukken tegenkomen, en de hoofdredacteur vraagt aan de schrijver Moldovantsev of hij het tijdschrift met een avonturenfeuilleton een wat levendiger aanzien kan geven. Zou hij een sovjetversie van Robinson Crusoe willen schrijven?

De schrijver kan niets anders dan daarmee instemmen. Als de eerste versie klaar is, komt de redacteur met talloze aanvullende eisen, bijvoorbeeld dat niet alleen Robinson aanspoelt, maar ook de leden van een plaatselijk partijcomité, compleet met een secretaresse, en het duurt niet lang of het onbewoonde eiland (dat om de contacten te vergemakkelijken intussen een schiereiland moest worden) wordt bevolkt door veel mensen uit het sovjetproletariaat die op een of andere manier schipbreuk hebben geleden. En het is nog maar de vraag of het verhaal werkelijk een sovjetversie van Robinson is of niet.

Het is frappant hoe sterk de korte schets van Eldar Rjazanov en het snl-filmpje op elkaar lijken. Hoe kan dat? De perioden waarin ze ontstonden hebben niets met elkaar gemeen, de systemen en culturen al evenmin, en ook ontstonden ze elk binnen een heel andere context. Zoals gezegd dateert het verhaal uit 1932 en de verfilming uit 1961, terwijl La La Land Interrogation een recente, parodiërende voetnoot is bij een film die in de hele wereld nog maar een paar maanden draait. Laten we ons realiseren dat in 1932 de befaamde Conferentie van Charkov plaatsvond, waar het socialistisch realisme tot de officiële, toonaangevende doctrine werd verklaard. Dat jaar wordt in het algemeen beschouwd als het begin van het stalinisme, dat niet alleen in de Sovjet-Unie, maar ook in andere landen voor de komende twintig jaar de communistische cultuur radicaal zou veranderen. Het verhaal van Ilf en Petrov bleek – net als Het gouden kalf en De twaalf stoelen – duidelijk vooruit te lopen op wat nog komen zou. Maar de vraag blijft: hoe kom ik erbij om tussen het filmpje van snl en de satire van Ilf en Petrov enig verband te zien? Weet ik wel in welke eeuw ik leef?

***

3.

In New York kwam ik een kennis tegen met wie ik dikwijls vurig over literatuur discussieerde. ‘Wat vind je van het nieuwe boek van XY?’ vroeg hij. Maar voordat ik iets kon zeggen, vervolgde hij: ‘Briljant, vind je niet?’

‘Ja, inderdaad’, zei ik een beetje mat.

Waarom deed mijn kennis, die heus niet dom is, bewust zo’n nietszeggende uitspraak, die voor alles en iedereen kon gelden en op elk moment en elke situatie van toepassing kon zijn? Ineens kreeg ik het gevoel dat ik niet iemand tegenover me had die ervoor had gekozen de ongeschreven regels te respecteren van wat literair gezien als fatsoenlijk geldt, maar een exemplaar van de homo sovieticus, van homo duplex, die in de communistische tijd, schijnt het, de dominerende mensensoort was en gekenmerkt werd door huichelarij en een fundamentele achterdocht, die geneigd was elk conflict uit de weg te gaan en – niet als gevolg van een psychische stoornis, maar als levensstijl – een paranoïde manier van denken had. Het was niet alleen veilig om conflicten te vermijden, het getuigde ook van een fundamenteel wantrouwen in de medemens. Daarom gaf ik zo snel toe, en de consequentie was dat elk verder gesprek zinloos was, dat we allebei niet de waarheid spraken en dat ook niet zouden doen.

Wat is de oorsprong van deze door niets gerechtvaardigde huichelarij, die niet alleen een gedragscode is, maar ook de drijvende en vormende kracht achter onze cultuur, die we gerust een cultuur van consensus mogen noemen? Is het misschien angst? Loop je echt, net als in dat grappige snl-filmpje, het risico opgepakt te worden als je zegt dat je op de boeken van Elena Ferrante niet zo dol bent als de meeste anderen zijn?

Mijn Amerikaanse kennis en ik, elk aan onze eigen kant van de wereld, met onze eigen ervaringen en van verschillende leeftijd, leven binnen een cultuur waaraan we ons, of we dat willen of niet, hebben geconformeerd. Deze cultuur wordt geregeerd door geld, en uiteraard door consensus. En om je dan te verheffen en publiekelijk te verklaren dat je La La Land een slechte film vindt, staat bijna gelijk aan zelfuitsluiting, wat in feite neerkomt op zelfmoord. Want ontelbare mensen zullen voor de waarde van deze productie opkomen omdat ze bij het maken ervan betrokken waren, voor de verkoop verantwoordelijk zijn of eraan moeten verdienen en vinden dat het geld dat erin gestoken werd er in honderdvoud weer uit moet komen.

Waarom deed mijn kennis, die heus niet dom is, bewust zo’n nietszeggende uitspraak, die voor alles en iedereen kon gelden?

De cultuur van consensus is een product van de almachtige markt. Het is een spel waaraan ook mensen meedoen die er financieel niet beter van zullen worden, want er zijn nog andere manieren om iets te winnen. Cultuur is namelijk een vorm van socialisatie. Literatuur, film, beeldende kunsten, architectuur, musea, opera’s en galeries zijn terreinen waar zich de socialisatie voltrekt. De digitale markt en de nieuwe digitale genres (of sociale netwerken) leveren elk hun bijdrage aan de algemene, mondiale markt. In het digitale tijdperk zijn de klassentegenstellingen binnen de cultuur praktisch verdwenen. Onder het communisme gebeurde dat bij de gratie van de officiële propaganda, het cultuurbeleid en de dagelijkse werkelijkheid. Nu is het de digitale revolutie die de democratisering van de kunst mogelijk maakt. Cultuur is tegenwoordig van iedereen, en dankzij de digitale revolutie kan iedereen eraan deelnemen.

In het vliegtuig naar Zagreb praatte ik met een jonge medepassagier, ze was een wiskundelerares uit Singapore en ze vertelde dat ze met twee vriendinnen naar Zagreb ging (dat ligt toch in Kroatië?) om het Museum van Verbroken Relaties te bezoeken. Op dat moment realiseerde ik me hoe riskant en moeilijk het kan zijn om te zeggen dat dit museum wellicht niet de meest opwindende culturele en toeristische attractie is die dat deel van Europa te bieden heeft. Zonder het zelf te weten, waren deze drie jonge vrouwen, elk met hun eigen iPhone, typische kinderen van de cultuur van consensus. Zonder het zelf te weten – dat is een van de fundamenten waarop deze cultuur berust.

In de bijna klassieke filmkomedie Ninotchka uit 1939 verwerpt een jonge vrouw uit de Sovjet-Unie het totale waardensysteem van het communisme – niet zozeer uit liefde voor de charmante graaf Léon d’Algout, als wel uit fascinatie voor de welhaast klassieke, ‘kapitalistische’ cilinderhoed. En wat Ninotchka betreft komt deze hoed uit de ideologische strijd tussen communisme en kapitalisme als overwinnaar te voorschijn.

4.

Wij zijn niet gezwicht voor een mode-gebonden hoofddeksel, maar hebben bewust gekozen voor een nieuwe, almachtige en diep ingrijpende vorm van huichelarij. We zijn deel van een moderne cultuur van consensus die wij zelf creëren en consumeren. De cultuur van consensus kwam door een achterdeur stiekem ons leven binnengeslopen en lijkt vooralsnog niet van plan om weer te vertrekken. We leven momenteel in een keurig, maar weinig opwindend cultureel milieu waaruit alle gevaarlijke en verontrustende elementen van het artistieke leven zijn verdwenen: zelfstandig denken, verbeelding, integriteit, intuïtie, polemiek, opruiende (ja, echt opruiende) kunstenaarsacties, authenticiteit, soliditeit, opstandigheid en de bereidheid om persoonlijk risico’s te nemen.

Zoals Jevgeni Zamjatin ooit in een brief aan Stalin schreef, wordt ‘echte literatuur’ geschreven door gekken, kluizenaars, ketters, dromers, rebellen en sceptici. Tegenwoordig is de literatuur (want waar hebben we het over) in handen van ‘ijverige en dociele ambtenaren’, van goed getrainde lieden die eindeloos veel bladzijden vol kunnen schrijven, met succes weten te onderhandelen en zichzelf kunnen profileren; van auteurs die ervan overtuigd zijn dat hun boeken, die als heilige hosties worden verkocht, geneeskrachtige eigenschappen bezitten. Tegenwoordig is de literatuur in handen van schrijvers die in hun boeken personages neerzetten die nauwelijks een grammaticaal correct mailtje kunnen schrijven, die niet voor de volle honderd procent in een sadomasochistisch spel op durven te gaan (ook al pretenderen ze zowel het een als het ander te kunnen), maar hun moedeloos stemmende ongeletterdheid vol trots en in alle denkbare tinten grijs van het ene naar het andere boek meenemen.

Tegenwoordig is de literatuur in handen van schrijvers die vrijmoedig, intercultureel en mondiaal over het internet surfen en in hun boeken een Amerikaanse huisvrouw ten tonele kunnen voeren die zich naar Amsterdam spoedt om daar verliefd te worden op een zogenaamde soefi-leraar, die vervolgens, op zoek naar spiritualiteit, op een heel wat exotischer plek dan Amsterdam het leven laat. Tegenwoordig is de literatuur in handen van schrijvers die het in hun hoofd halen om ons door opgezette dieren als apen en ezels het verhaal van de holocaust te laten vertellen, om zo onze zogenaamd ingeslapen verbeelding moreel wakker te schudden en ons ter verantwoording te roepen…

***

5.

De almachtige markt (die niet zozeer de cultuur van onze tijd beheerst, maar veeleer zelf de cultuur van onze tijd is) heeft elk artistiek verzet gebroken, inclusief dat van de Russische avant-garde (en het Europese modernisme). De markt onderdrukte de cultuur van avant-gardistisch verzet door deze te vercommercialiseren, en ook Stalin en het stalinisme werden vercommercialiseerd. Daarom vind je de beul en zijn slachtoffers in dezelfde kraam en in dezelfde bak, daarom zijn alle verschillen verloren gegaan en werden alle ideeën over artistiek verzet en de dynamiek van de kunst uitgewist; niemand denkt er nog aan om alle versteende kunstvormen van het schip van de moderne tijd overboord te gooien, om zelf risico’s te nemen, de kunst te zien als een wederopstanding van het woord, als een vorm van verwondering, als een revolutie, of als een klap in het gezicht van de publieke smaak die de wereld zal veranderen omdat er anders geen kunst mogelijk is.

Waarom geloven we dat onze literair-esthetische waarden louter door smaak worden bepaald, en niet door iets anders?

Ninotchka zegt op een gegeven moment: ‘The last mass trials were a great success. There are going to be fewer but better Russians.’ De Russen zijn echter niet beter geworden, er zijn er alleen minder. En het werden er nog minder. De Russische avant-garde, de revolutionaire cultuur van verzet, werd vernietigd door het stalinisme. En wel in de meest letterlijke zin: in de kampen uit de Stalin-tijd kwamen naar schatting anderhalf miljoen kunstenaars en intellectuelen om. Na de rehabilitatie van de Russische avant-garde stierven ze opnieuw, maar deze keer was het een langzame en stille dood. Niet door toedoen van een beul met een grimmige bromsnor, maar door de komst van een democratische, vrije markt vol glamour, en vooral: vol verleiding.

***

6.

Een complete cultuur van artistieke subversie werd met ons goedvinden door de markt gereduceerd tot enkele losse citaten die als huisdieren om onze aandacht bedelen: een paar regels uit Ulysses van Joyce, afgedrukt op een schoteltje of een koffiekopje, of de befaamde Fountain van Duchamp op een zomers T-shirt. We hebben van de beroemde Sporters van Malevitsj figuren van papier-maché gemaakt waarvan de kleinste in de palm van je hand past en de grootste in een tuin niet zou misstaan. De markt heeft ons, met ons eigen goedvinden, gemaakt tot een erudiete kudde die de kunst adoreert. De kunst (literatuur, schilderkunst, film, muziek…) is ons favoriete pretpark geworden.

Medium greta garbo in ninotchka by ernst lubitsch 1939
Greta Garbo in Ninotchka, 1939. Regie Ernst Lubitsch © MGM

En zo kwamen we terecht op een eindeloze lopende band, waaraan geproduceerd wordt om aan een onverzadigbare behoefte te voldoen, en daarbij wordt elke gedachte aan continuïteit en de zin die onze inspanningen hebben totaal uitgewist. We weten nauwelijks in welke tijd we leven en hoeven die ook niet zo nodig een naam te geven. Wat men ook van het postmodernisme mag denken, het was een periode waarin men opkwam voor historische continuïteit, bijvoorbeeld door een strategisch gebruik van hommages aan bestaande en voorafgaande kunststromingen, van ontlening, parodie en reconstructie. De enige manier om de literatuurhistorische continuïteit – metaforisch gezien althans – nog in stand te gehouden, is het maken van kopieën. Hoezo dat? Leven we dan niet aan het einde van de geschiedenis? Wie heeft er nog enige belangstelling voor continuïteit?

De cultuur van het digitale tijdperk is een chaotisch mengsel van ontelbare, meestal toevallige ‘ontleningen’. Kopiëren en overschrijven markeren het einde van elke kunst, we voelen het einde naderen en misschien is dat de reden waarom we alle kunstenaars en alles wat ze voortbrengen zo graag briljant noemen. Ferrante is briljant (de waarheid gebiedt trouwens te zeggen dat eindelijk een vrouw tot briljante auteur werd verklaard, iets wat voorheen was voorbehouden aan degenen die de literaire canon in stand hielden, dus aan mannen), Knausgård is briljant, en ook La La Land is briljant. Niemand zou nog het tegendeel durven beweren. En mocht dat wel het geval zijn, wie zal zich daar iets van aantrekken?

We zien steeds vaker voorbeelden van een collectieve en mondiale hysterie. Er hoeft maar een beroemdheid voor een goed doel een emmer koud water over zichzelf heen te gooien (ice bucket challenge) en er gaat een vloedgolf over de wereld van mensen die dat ook doen, al weten ze meestal niet waarom; ze doen het omdat anderen het doen, die het weer doen omdat bijna iedereen het doet. Als dat zo is, en als ons imitatiegedrag in onze genen verankerd ligt en onmisbaar is voor het voortbestaan van de menselijke soort, kunnen we maar al te makkelijk worden gemanipuleerd. Dan hoeft Hitler maar aan zijn oorlel te krabben en we doen dat bijna allemaal, zonder door te hebben dat Hitler daarmee het sein gaf om de gaskamers in werking te stellen, en dat wij, door aan ons oorlelletje te krabben, daaraan ons fiat hebben gegeven. Als men de meeste burgers van voormalig Joegoslavië ervan kon overtuigen dat ze anders leefden dan ze in werkelijkheid geleefd hebben, dat de geschiedenis die zij zich herinnerden niet de echte geschiedenis is en dat hun goede buren helemaal niet zulke goede buren waren – en dat was niet bedoeld om de geschiedschrijving op enkele punten bij te stellen, maar om te zorgen dat bepaalde personen rijk konden worden, waarom zouden we dan aannemen dat de wetten van ons imitatiegedrag op andere terreinen van menselijk denken en handelen niet gelden?

Waarom geloven we dat onze literair-esthetische waarden louter door smaak worden bepaald, en niet door iets anders? Wanneer we een boek kopen omdat miljoenen anderen dat ook deden, is dat dan niet hetzelfde als iemand nadoen die een emmer koud water over zichzelf heen gooit? In beide gevallen hebben we geen idee waarom we het doen, maar indien nodig zijn we bereid om onze keus met ons leven te verdedigen. Daartoe zijn we vooral bereid als we niet of nauwelijks weten waarom we een bepaalde keus gemaakt hebben. Misschien zijn onze literair-esthetische waarden ons door iets of iemand ingegeven, en geldt La La Land daarom als de beste muziekfilm op deze wereld.

***

7.

Samen met mijn New Yorkse kennis keek ik naar de film Manifesto van Julian Rosefeldt, met in de hoofdrol – een andere is er niet – Cate Blanchett. De verschijning, de maskers en het spel van deze onovertroffen actrice waren bijna nog indrukwekkender dan de betekenis en de kracht van de woorden die ze sprak. De film, gemaakt in de stijl van de voortreffelijke zwart-witreclames voor de modefirma Calvin Klein, is opgedragen aan all marvelous authors of these mind-blowing manifestos. Toen we de bioscoop uit kwamen was ik trots op mijn kennis: hij had zich uiteindelijk niet laten beetnemen, hij had niet gebeten in het aas waar je bijna in moest bijten. Want dat deden we vrijwel allemaal. Hij had zich slechts tijdelijk door zijn angst voor eventuele sociale uitsluiting laten hypnotiseren.

Langzaam en enigszins gerustgesteld gingen we van de voorstelling naar huis. We hadden weinig behoefte om iets te zeggen. We waren getuigen geweest van een briljant opgezet cultureel evenement. De maker van de film had ons gedwongen eer te bewijzen aan de cultuur van het manifest. Ik dacht weer even aan de tragedie die het was om tweemaal te moeten sterven, zoals zo veel grootheden van de Russische avant-garde overkwam: eenmaal tijdens de terreur van Stalin en nog een keer in onze eigen roemrijke, door de cultuur van consensus beheerste kunstperiode.

Ik zwaaide mijn kennis gedag, en onderweg naar het metrostation ging ik op een bankje zitten naast het miniatuurparkje bij het kruispunt van W Houston Street en 6th Avenue. Manhattan baadde in het zonlicht van een stralende dag. Ineens moest ik denken aan Ninotchka. Hoe zou het zijn als zij naast me kwam zitten? Hoe zou ze eruitzien? En wat zou zij, bekend om de meest vrijmoedige uitspraken in de filmgeschiedenis, dan zeggen? Misschien zoiets als ‘I should hate to see our country endangered by my underwear?’

Er kwam een oude, zo te zien dakloze vrouw naast me zitten en ze parkeerde naast het bankje een supermarktkarretje dat was volgeladen met rommel. Zo leek het althans. Toen ik wat beter keek, kon ik een aantal voorwerpen herkennen: een lege San Pellegrino-fles, een leeg Heineken-blikje, twee lege Martinazzi-flessen en een hele berg papieren zakjes van de warenhuisketen Macy’s. Allemaal merken met in hun logo een rode, vijfpuntige ster. De oude vrouw was blijkbaar seniel, of ze deed alsof, om niet met mij te hoeven praten. Terwijl ik de inhoud van haar karretje bekeek, begonnen de rode sterren ineens te knipperen…

Mijn gevoeligheid voor rode, vijfpuntige sterren is goed te verklaren. In Kroatië, de voormalige Joegoslavische deelrepubliek waar ik werd geboren en die tegenwoordig een zelfstandige lidstaat is van de EU, wordt momenteel strijd gevoerd om de rode ster definitief te verbannen en het hakenkruis voorgoed van elk stigma te ontdoen, en het ziet ernaar uit dat deze strijd in het voordeel van het hakenkruis zal uitvallen. Met de val van het communisme en de komst van de democratie is de rode ster uit het Kroatische straatbeeld verdwenen, om te worden opgevolgd door zwarte hakenkruizen die overal als kakkerlakken op de muren zitten. De oude vrouw die naast mij op het bankje zat, was waarschijnlijk vergeten waarom ze rode sterren verzamelde, maar haar gevoel voor de esthetiek van een ontwerp was nog onaangetast. San Pellegrino, Martinazzi, Heineken en Macy’s, en binnenkort de honderdste verjaardag van de Oktoberrevolutie… Ninotchka? Zou het kunnen? Nee, helaas, het was niet Ninotchka. Toen ik in mei 2017 bij dat New Yorkse parkje op een bankje zat, werd ik gewoon getroffen door een kortstondig, briljant falen van mijn artistieke verbeelding.


Dubravka Ugrešic (1949) werd geboren in het Kroatische stadje Kutina. Ze is auteur van romans, essays, toneelstukken en verhalen. Veel van haar werk verscheen in het Nederlands, waaronder Museum van onvoorwaardelijke overgave, Ministerie van Pijn en Niemand thuis. Dit najaar publiceert De Geus haar nieuwe roman De vos. Ze kreeg onder andere de Verzetsprijs, de Oostenrijkse staatsprijs voor literatuur en de Heinrich Mannprijs. Dubravka Ugrešic woont in Amsterdam.

Vertaling: Roel Schuyt