Peter Bieri, Het handwerk van de vrijheid

Op eigen houtje

Peter Bieri
Het handwerk van de vrijheid: Over de ontdekking van de eigen wil
Uit het Duits (Das Handwerk der
Freiheit, 2001) vertaald door Frans van Zetten
Wereldbibliotheek, 415 blz., Euro 34,90

Een goed boek over een woord dat meestal louter gezwatel oplevert, dat is al iets zeldzaams, en ook nog eens een filosofisch boek, wat een verademing, dat nu eens niet begint met eerst op te lepelen wat er over het onderwerp sinds Plato geschreven is. In Nederland wordt filosofie nogal eens verward met filosofiegeschiedenis. De schrijver van dit boek, dat in Duitsland furore maakte, is een Berlijnse filosofieprofessor, afkomstig uit Bern (1944), en onder de naam Pascal Mercier schrijver van romans. (Onder beide namen is hij eind mei in Nederland: op 1 juni houdt hij een lezing in het Goethe-instituut).

Bieri besteedt, zoals een analytisch taalfilosoof betaamt, vooral aandacht aan het denken en spreken over vrijheid. Daarin is hij een goed didacticus, maar soms heeft hij veel zinnen nodig: een geconcentreerd essay was misschien effectiever geweest. Hij maakt het goed door zijn elegante schrijftrant en hij vertelt vlot; geen wonder dat hij graag voorbeelden uit de literatuur aanhaalt, uiteraard Schuld en boete.

Centraal staat de tegenstelling absolute wilsvrijheid versus determinisme. Voor Bieri is die oppositie minder schematisch dan soms wordt verondersteld. Het eerste deel heet niet voor niets: voorwaardelijke vrijheid. Vrije wil is een vaardigheid die verbeterd kan worden om wil en wens op het oordeel af te stemmen, terwijl normaal, ongemerkt, meestal het tegendeel het geval is. Wat is er voor nodig de auteur of regisseur van het eigen leven te zijn? Als dat een centrale vraag is, spreekt het bijna vanzelf dat Bieri voor zijn eigen gedachten hierover bij voorkeur niet van begrippen maar van ervaringen uitgaat. Vandaar ook de ondertitel van het boek: «de ontdekking van de eigen wil».

Het begrip «vrije wil» is ingekapseld in onontwarbare kluwens drogredeneringen – denk maar aan begrippen als verantwoordelijkheid, individualiteit, kansen en mogelijkheden, niet alleen in de voetbal, innerlijke vrijheid in dwangsituaties enzovoort; om nog maar te zwijgen over de (schijn)problemen die de neurobiologie op dit gebied lijkt op te werpen.

Ontrafeling kost zoals gezegd veel ruimte. Bieri denkt op eigen houtje, heeft het niet nodig zich in elke paragraaf op een autoriteit te beroepen, maar is eerlijk genoeg om op het laatst zijn bronnen te noemen, veel Engels. De roman die Bieri daarna rond dezelfde thema’s schreef, deed mij althans terugverlangen naar deze filosofische studie.