Op het grootste literatuurfestival van Azië, deel 2

Een van de aanlokkelijke kanten van het Jaipur Literature Festival is het bataljon historici van wereldklasse dat ieder jaar wordt opgetrommeld. Dat is vooral te danken aan de goede connecties van de organisator van het festival, William Dalrymple.

Medium bw outlook 0011382568181

Deze ver-Indiaaste Schot schreef het boek dat in mijn lijstje ‘beste geschiedenisboeken van 2013’ op plaats 1 staat: Return of a King: The Battle for Afghanistan 1839-42. Dit is geschiedschrijving zoals je het wilt lezen: met een scherp oog voor de waanzin en tragiek van een koloniale macht die, dol van zelfvertrouwen, een land onder de voet denkt te kunnen lopen en vervolgens keihard de tanden stukbijt.

Dag twee van het festival bracht een ontdekking in de categorie geschiedenis: Rana Mitter, China-deskundige aan Oxford. Hij is hoogleraar maar ziet eruit als een eerstejaars. Hij oreert alsof hij bij de Oxford Debating Society is. Mitter herschrijft haast eigenhandig de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog. Zijn nieuwste boek Forgotten Ally: China’s World War II, 1937-1945 vertelt de geschiedenis van de Chinese oorlog tegen Japan die tussen de veertien en twintig miljoen Chinezen het leven kostte en tachtig tot honderd miljoen vluchtelingen op de been bracht. Deze oorlog betekende de entree van China op het geopolitieke wereldtoneel van de tweede helft van de twintigste eeuw en legde de basis voor de communistische revolutie na 1946.

Het wordt gemakkelijk vergeten in Europa, maar tijdens de oorlog gold China als onderdeel van de geallieerden. Hun strijd met de Japanners scheelde de Verenigde Staten, Groot-Brittannië en Rusland heel wat kopzorgen in de vroege oorlogsjaren. Net zoals de militaire inspanningen van de Sovjet-Unie langzaam hun plek in de geschiedenis van de oorlog hebben verworven, is het werk van Mitter het begin van recht doen aan de rol van China in de allesbepalende Tweede Wereldoorlog.

Mitter spreekt vloeiend Chinees en is behalve historicus ook een uitstekend commentator op het hedendaagse China. Tijdens een panel over de vraag ‘Who will rule the world, India or China?’ somt hij het rustig op: een bnp per hoofd van de bevolking van achtduizend dollar in China tegenover 1500 in India, de strategische ligging aan de Stille Oceaan en een cultureel-economische arm die tot diep in Afrika en Latijns-Amerika reikt: het is wel duidelijk dat we ons geld op China moeten zetten volgens Mitter. Binnenkort in De Groene een interview met hem.

Ook die andere oorlog, The Great War, speelt een rol op het LitFest. In verschillende sessies trad Rana Chinna op. Nu de Eerste Wereldoorlog haar honderdste verjaardag viert, is deze met tulband getooide militair historicus op zoek naar de lotgevallen van een vergeten strijdkracht: het Indiase leger, dat een pion was van de Britten. De Indiase troepen waren het grootste vrijwilligersleger dat ooit op de been was gebracht. Ze vochten in de loopgraven bij de Somme maar vooral in Mesopotamië. De namen van de gesneuvelden zijn te lezen op de India Gate, de monumentale triomfboog in hartje Delhi. Het is een plek bij uitstek voor Indiase toeristen om een familiekiekje te schieten. Niemand weet waarom het ding er staat. Nog vijf jaar, aldus Rana Chinna, en dan herdenkt ook India de Eerste Wereldoorlog.