Na het failliet van Polare

Op zoek naar de toekomst van het boek

Vooral de commerciële bestseller heeft last van de crisis in het boekenvak. Voor de kwaliteitsroman blijft er nog volop ruimte. Zeker als kopers betrokken fans worden.

Medium hh 19121684

Wie zich dinsdag 28 januari 2014 geïnspireerd voelde door de die middag bekendgemaakte longlist van de Europese Literatuurprijs ving bot in ’s-Hertogenbosch. Daniel Kehlmanns F, Jesús Carrasco’s De vlucht, Michaïl Sjisjkins Onvoltooide liefdesbrieven: ze liggen niet bij de ako. Want dat is in ’s-Hertogenbosch, provinciehoofdstad, ruim 140.000 inwoners, twee grote theaters, drie bioscopen en een oude binnenstad, de meest algemene boekhandel als Heinen gesloten is. Die honderdjarige kruip-door-sluip-doorwinkel in een zeventiende-eeuws pand aan de Kerkstraat sloot die dag, net als Donner, Broes, de voormalige Scheltema – in totaal twintig grote boekhandels van de Polare-keten.

Rondom die sluiting verwezen de bestuurders van Polare regelmatig naar de beroerde marktomstandigheden, en ongelijk hebben ze niet. De boekverkoop zit al jaren in de min, in 2013 kromp de markt met 6,4 procent (alleen Portugal deed het in Europa slechter), waarmee de daling sinds 2008 op zo’n twintig procent komt. In het afgelopen halfjaar reorganiseerden bijna alle uitgeverijen, een enkeling moest een kwart van het personeel ontslaan. En er is nieuw verlies onderweg: Polare had zo’n tien miljoen euro schuld bij de uitgevers. Ook andere boekhandels leden onder de constante daling. Toen in 2012 bij de voorgangers van de keten, Selexyz en De Slegte, faillissement dreigde, was al een aantal zelfstandige boekhandels gesloten, in ’s-Hertogenbosch drie sinds 2008, landelijk zo’n zestig. Maar het totaal aantal boekhandels, inclusief ketenwinkels, blijft redelijk stabiel op 1500. Want er kwamen dus ook boekhandels en uitgeverijen bij, en tegen de stroom in werd er ook winst gemaakt.

Het zijn ontwikkelingen die ons, de lezers en boekenkopers, raken, ontwikkelingen waar we voor een deel invloed op hebben: de mate waarin we online kopen, e-books in plaats van papieren boeken, überhaupt minder kopen en lezen. Het effect ervan wordt nu zichtbaar. De logootjes op de ruggen van romans blijken voor bedrijven te staan. De winkels die we bezoeken of passeren zijn geen vanzelfsprekendheid meer. Wat verandert er bij boekhandels en uitgeverijen, en wat gaan we ervan merken? Blijft Heinen bestaan? Wat zal er te beleven zijn? Komen naast Allende en Murakami ook de Europese romans voor fijnproevers terug? Is er plek voor literaire romans als De laatste ontsnapping van Jan van Mersbergen of Merijn de Boers De nacht? Liggen er essays, dichtbundels, dikke klassiekers? Geeft iemand die nog uit? Is er na de crisis nog evenveel ruimte voor het kwaliteitsboek als daarvoor?

Bepaalde bestsellers zijn een te missen vanzelfsprekendheid, in bepaalde non-fictiegenres moet je maar geïnteresseerd zijn, en diversiteit is dan ook een kwestie van genoeg verschillende literatuur. Maar maakt ‘de markt’ het onderscheid tussen die categorieën ook? Zijn wij niet slechts ‘de klant’? Misschien toch maar als lezer beginnen. Met een schrijver. Aan het moment dat Jan van Mersbergens nieuwste in de winkels ligt, is twee jaar schrijven, en een stuk langer denken voorafgegaan. In die tijd leefde hij van de opbrengst van zijn vorige boek. De redacteurs van Cossee lazen mee. ‘Redactie is het ding bij uitgeverijen’, zegt Van Mersbergen. ‘Vier versies, herschrijven, een grondige bureauredactie.’

Of begin met een vertaler. Katrien Vandenberghe vertaalde met Katelijne de Vuyst de vorige winnaar van de Europese Literatuurprijs, Emmanuel Carrère’s Limonov, en schreef over de eerste zin van Mathias Énards Boevenstraat: ‘Grrr. Hondsmoeilijke zin, zoals de rest van de pagina. Voortjagend en toch snauwend. Nijdig van zich afbijtend met rauwe, bitse klanken en een onopgesmukte woordkeus. Geen katje om zonder handschoenen aan te pakken. De lezer moet bij de lurven worden gepakt zonder zich gebeten te voelen.’

Van Mersbergen en in het verleden ook Vandenberghe werden ook door het Nederlands Letterenfonds ondersteund bij hun werk. Noem het subsidie, noem het projectbeurzen. In 2013 vroegen 157 Nederlandse auteurs en 211 vertalers een beurs aan. Dat is een daling ten opzichte van de jaren ervoor, in 2012 vroegen 181 auteurs aan en in 2008 waren het er 249, maar het Fonds sluit niet uit dat het een tijdelijke dip is. Voor de vertalers geldt dat na een piek in 2008, 320 aanvragen, we weer terug zijn op het niveau van 2004. Het zijn cijfers die iets zeggen over de diversiteit van het literaire boek, maar ook over de keuzes die uitgeverijen maken: bij de aanvragen moet een uitgeefcontract of op z’n minst een intentieverklaring om het boek uit te geven.

De honderd hoogst genoteerde titels hebben in 2013 dertig procent minder omzet gegenereerd dan in 2012

De verklaring voor minder subsidieaanvragen ligt deels in minder ‘interne subsidiëring’. Annette Portegies is de uitgever van Querido en dus van Thomas Rosenboom en Annejet van der Zijl, maar ook van Merijn de Boer en longlist-auteurs Daniel Kehlmann en Michaïl Sjisjkin. Zij zegt: ‘De neergaande lijn treft de gemiddelde bestseller vele malen harder dan de meeste kwaliteitsboeken, die immers twintig jaar geleden óók niet bij de ako en de Bruna lagen, en bij de breed gesorteerde boekhandel toen ook al in kleine stapels, maar die nu, anders dan vroeger, wel online besteld kunnen worden. Dat de diversiteit onder druk kan komen te staan, komt dus niet zozeer door dalende oplagen van boeken als die van Merijn de Boer, maar door dalende oplagen van bestsellers, waardoor er minder interne subsidiëring plaats kan vinden.’

De honderd hoogst genoteerde titels hebben in 2013 dertig procent minder omzet gegenereerd dan in 2012, meldde verkoopanalist GfK, en juist die boeken ‘subsidieerden’ kleinere, minder rendabele genres. Uitgevers gaven in de jaren vóór 2013 evenveel literair-culturele boeken uit, ook poëzie, essays en korte verhalen, stellen de onderzoekers naar de Wet op de vaste boekenprijs vast. Maar nu?

Portegies zegt: ‘Door de algemene omzetdaling kunnen literaire uitgeverijen minder geld vrijmaken voor interne subsidiëring, en om die reden zullen ze in de nabije toekomst waarschijnlijk minder risico durven nemen.’ Maar dat proberen boekhandels ook, ze bestellen aanzienlijk minder boeken vooraf, ‘bij aanbieding’ – bedenk dan maar hoeveel exemplaren je moet drukken. Voor Carrasco en Van Mersbergen, of in het geval van Querido Sjijskin en De Boer, verschilt het risico overigens wel: bij tweeduizend exemplaren van een Nederlandse roman van gemiddelde omvang speelt een uitgever al quitte, tegen drie- à vierduizend voor een vertaalde roman, waar de vertaalkosten immers op drukken.

Uitgevers zoeken dus andere manieren om het risico te spreiden. Noem het externe subsidiëring: buiten de traditionele, redactionele romp van de uitgeverij inkomstenbronnen zoeken. Uitgevers slaan hun vleugels uit. Ze hebben hun eigen webwinkels, gekoppeld aan het systeem van leverancier Centraal Boekhuis, met ook de boeken van de concurrent. Ze zetten cursussen, leesclubs en workshops voor redacteurs op, en de Dag van de familiegeschiedenis. Ze sluiten een deal met Hema over het gebruik van Jip Janneke en Kikker voor gepersonaliseerde slabbetjes. Ze zetten een internationaal literair agentschap op, of een Engelse uitgeverij.

Natuurlijk, ze besparen. Uitgeverijen besteden al steeds meer uit, en schuiven op naar het model van een rompredactie met stagiairs en freelancers. Kleine uitgevers als Karaat (Zambra), Koppernik (Wessel te Gussinklo) en Xander (James Meek) werken al zo. Maar dat kun je ook voor anderen doen, dus is Singel Uitgevers voor de schrijvende lezers een andere samenwerking aangegaan, met Mijnbestseller.nl en bol.com: eigenbeheerbedrijf Brave New Books. De traditionele uitgeverijen, waaronder Querido, Nijgh en Athenaeum, bieden tegen betaling hun diensten aan: redactie, het mentoraat van een auteur, publiciteit – binnenkort zelfs vertalingen. Het biedt een mooie helpende hand bij het eenzame eigen beheer. Je krijgt voorschot noch werkbeurs tijdens je schrijfproces, en ook als je van al die diensten gebruikmaakt, lig je nog niet per definitie in de boekhandel. Wie zelf uitgeeft, moet wachten tot iemand hem tegenkomt op bol.com. Maar het systeem is eenvoudig en het basispakket kosteloos, en al zevenduizend schrijvers meldden zich aan en er zijn in een half jaar al zo’n 1500 (papieren en digitale) boeken gepubliceerd.

De uitgeverij gaat de markt op, en niet langer is de boekhandel de enige klant.

De traditionele uitgeverijen bieden tegen betaling hun diensten aan: redactie, het mentoraat van een auteur, publiciteit

Heinen ging medio februari weer open. Het is druk, mensen zijn opgelucht, en de winkelchef bereidt een bod voor op zijn winkel. Maar de drieweekse sluiting paste wel in een steeds vertrouwder en enger straatbeeld. Daarin pasten ook de gestripte panden van voorheen De Slegte waarin Polare ramsj voor nog lagere prijzen aanbood. Sluiting, leegstand en outlets: die fases kleuren winkelstraten door het hele land. Juweliersketen Siebel, een paar panden van Heinen vandaan, sloot ook in ’s-Hertogenbosch zijn winkel, twee onafhankelijke speelgoedwinkels gaan dicht, en in de handvol etalages die nu nog rood-wit-geel van carnaval kleuren, staat volgende week weer alleen het bordje ‘Te huur’. Het straatbeeld verandert, en niet ten goede.

Een opvallende spreker over dat onderwerp is Cor Molenaar, hoogleraar e-marketing en distance selling (Erasmus Universiteit Rotterdam), en auteur van boeken als Het einde van de winkel? en Red de winkels! Het ligt volgens Molenaar aan de verschuiving van koopgedrag naar internet. Hij combineert de verschillende verklaringen van de boekenmalaise: sinds 2008 is internet een belangrijker onderdeel van de vrije tijd van mensen geworden, uit het zolderkamertje met de pc via tablets en smartphones de woonkamer in, en daar werd de webwinkel ontdekt. 2008 was ook een piekjaar voor het Letterenfonds, en het jaar van het begin van de kredietcrisis. Molenaar werd in mei 2012 commissaris bij Polare.

Hoewel Molenaar als adviseur en auteur zijn analyse inzet om winkels te laten leren, en zich te onderscheiden, van hun online concurrenten, bekende hij zelf in een vraaggesprek met vakblad Boekblad vooral Amazon te gebruiken. ‘Ik denk dat consumenten bij internetboekhandels rationele aankopen doen en in fysieke boekhandels emotionele. (…) Amazon snapt mij.’ Voor wie weet wat hij wil kopen, en niet tussen twintig vertaalde romans hoeft te kiezen, is het probleem van de winkelstraat relatief. Je kunt altijd bestellen. Bij de ako of de Bruna, of online, bij een webwinkel van die winkels, van Libris, van de ongebonden boekhandel of van bol.com. Elk van die websites is net anders, maar ze bieden allemaal dezelfde service. Voor de meeste Nederlandse boeken geldt: op werkdagen voor 23.00 uur besteld, de volgende ochtend thuisbezorgd. De prijzen zijn bij elke website hetzelfde, want dat is in Nederland bij wet bepaald. En de bezorging is gratis, zij het vaak alleen als je meer dan twintig euro besteedt.

Over Molenaars favoriete webwinkel Amazon had George Packer in The New Yorker onlangs een treffende anekdote. Een boekverkoper kwam in 1995 in gesprek met oprichter Jeff Bezos. Wat was zijn businessmodel? ‘Bezos vertelde dat Amazon van plan was boeken te verkopen om data te verzamelen over vermogende, hoogopgeleide kopers. De prijzen van de boeken zouden dicht bij de kostprijs komen, zodat het verkoopvolume groter zou worden. Als het van miljoenen klanten data had verzameld, zou Amazon kunnen bepalen hoe het al het andere retegoedkoop op internet kon verkopen.’ Inmiddels is dat aardig gelukt, met algoritmen die jouw koopgedrag vergelijken met dat van anderen. Die boekverkoper toen: ‘Ik heb zojuist ’s werelds grootste handelaar in Haarlemmerolie ontmoet. Dat gaat erg slecht uitpakken voor boeken.’

Amazon.nl verwijst momenteel nog naar Amazon.co.uk, maar die site heeft ook al een Nederlands aanbod. Voor Sjisjkin, Allende en Saskia Noort geldt: ‘In stock but may require up to 2 additional days to deliver.’ Alleen de boeken van Jan van Mersbergen en Merijn de Boer zijn currently unavailable, en dat laatste boek heeft ook nog pech bij bol.com; als je zoekt op ‘boer’ en ‘nacht’ staat het boek onder Jubileumomnibus 120 (met onder meer Een roep in de nacht en Vrouw zoekt boer). ‘Liefhebbers van Merijn De [sic] Boer bestelden ook boeken van Kris Verburgh (van De voedselzandloper), Maartje Wortel, Haruki Murakami en (illustrator) Kirsten Quast.’

Medium hh 19529059
Niet alleen verkopen boekverkopers vaker e-readers, wijn en knuffels, ze bieden ook cappuccino aan, appeltaart, lunch, diner

Adviseren, dat kan een boekverkoper beter, en even snel. En snel leveren, dat ook. Bij een steekproef blijkt De Boer bij Heinen te liggen én nog bij ongeveer een derde van de algemene boekhandels. Dat zijn twee oppervlakkige verschillen tussen boekhandel en webwinkel; de grote overeenkomst is de plek waar die boeken vandaan komen: Culemborg. Wie met de trein vanuit ’s-Hertogenbosch naar Utrecht reist, ziet het enorme magazijn van het Centraal Boekhuis (CB) boven de skyline van het dorp uittorenen. De indrukwekkende boekentoren is maar één onderdeel van het coöperatieve logistieke bedrijf (gezamenlijk eigendom van boekverkopers en uitgevers), maar minstens zo zichtbaar zijn de blauw-witte vrachtwagens die de boekhandels (en tegenwoordig ook apotheken en modewinkels) in Nederland en België bevoorraden. CB verwerkte in 2012 66.840.000 boeken, in 2011 68.614.000.

Minder zichtbaar is het digitale systeem achter de logistiek, waar uitgevers informatie kunnen invoeren en boekverkopers hun bestellingen. Het wordt ook gekoppeld aan webwinkels voor de individuele bestellingen van klanten. CB zoekt de boeken op, stelt een pakket samen, en verstuurt het met Post.nl. Ook Nederlandse e-books komen uit een database van CB. Het minst zichtbaar is dat CB de facturen van uitgevers aan boekhandels afhandelt – en in die rol botste Polare met CB. Het is sinds het faillissement van Libridis in 2012 (dat uitgevers een kleine zes miljoen kostte, en een grote groep boekhandels in de problemen bracht) de enige grote leverancier van Nederlandse boeken in Nederland.

Dat wil niet zeggen dat – zoals het Polare-management suggereerde – alles door CB bepaald wordt. De meeste communicatie tussen boekhandel en uitgeverij is direct, bij inkoopbeurzen, tijdens individuele inkoopgesprekken (de uitgeverij komt bij de boekhandel of keten op bezoek), en veel correspondentie voor- en achteraf, waarbij tijdelijk hogere korting wordt aangeboden. Het gaat alleen stroever, en dat zal ook een reden zijn waarom uitgevers nu hun boeken live presenteren aan boekverkopers, met de auteurs erbij, in een prettige omgeving. Met als voorlopig hoogtepunt een avond in De Kleine Komedie van Harry Potter- en Ian McEwan-uitgever De Harmonie. Boekverkopers, uitgevers en schrijvers spreken elkaar nog altijd, op zulke avonden of op het Boekenbal, maar ook via de twee coöperatieve organisaties – het CB en de cpnb, waarin ook de bibliotheken meedoen, en dat het Boekenbal organiseert en de Bestseller-top-60 publiceert.

Ja, veel wordt minder: de totale boekenomzet daalt, en er verschijnen minder titels. In 2008 en 2009 lag het aantal nieuwe Nederlandse titels net boven de 21.000, in 2012 net boven de 17.000. Maar de infrastructuur is stabiel, de grote uitgeefnamen van vóór 2008 zijn er nog, zij het vaak in nieuwe constellaties, en met verlies van Coppens Frenks, een kleine uitgever van vertaalde juweeltjes. De onderzoekers naar de vaste boekenprijs zagen dat de diversiteit in productie, ook van de kwetsbaarder literair-culturele genres, op peil bleef. Het aantal boekhandels bleef ook bijna gelijk, ruwweg één op de duizend Nederlanders, tegenover één op de tienduizend in de Verenigde Staten. Bijna de helft ervan hield een breed assortiment aan, maar dat assortiment wordt wel smaller.

Dat is vast te verklaren door de niet-boekige artikelen in de boekwinkel. Niet alleen verkopen boekverkopers vaker e-readers, dvd’s en cd’s, wijn, spelletjes en knuffels op de kinderafdeling, ze bieden ook cappuccino aan, appeltaart van De Taartenkamer, lunch, diner. Ondanks of dankzij de waarschuwingen van Cor Molenaar en de zijnen innoveren en ondernemen boekhandelaars wel degelijk. Ze zoeken het contact met hun klanten nadrukkelijker in de vrije tijd waar boeken lezen een kleiner aandeel van is geworden: op sociale media, met lezingen, wandelingen, boekpresentaties, leesclubs en bandjes. Ze werken actief mee aan evenementen, participeren in Amsterdam en Middelburg zelfs in culturele centra. Ze zitten in historische panden of hebben een huiskamerinrichting, zijn een prettige plek om te verblijven. Ze pronken met specialisaties: judaïca, treinboeken, Franse literatuur, regionalia.

En ten slotte betrekken ze de klant ook steeds vaker bij de bedrijfsvoering. Vrijwilligers inzetten is een kostenbesparing; investeerders onder je vaste klanten zoeken een nieuwe inkomstenbron. Na de Antwerpse boekhandel De Groene Waterman, die al langer een coöperatie is, werd boekhandel Boomker in Haren in die bedrijfsvorm omgezet. In Amsterdam-Noord werd Over het water gecrowdfund. Voor de winkels van Polare, die nu individueel te koop staan, wordt ook gedacht aan zulke financieringsvormen. Dat is wellicht de manier om ‘markt’ en ‘klant’ te vervangen door één groep inhoudelijk betrokken fans.

Toch zal het kwaliteitsboek blijven. Er zullen er minder zijn, maar genoeg voor longlists in alle genres, ook vertaald

De vraag is of deze initiatieven, die sinds 2008 zijn ontwikkeld, de tijd hebben om tot volle bloei te komen. De val van Polare drukt de omzet van uitgeverijen nog meer door onbetaalde facturen en uitblijvende verkoop, en de miljoenenverliezen die CB op zich neemt, zullen via de eigendomsverhoudingen ook bij de boekhandel voelbaar worden. Twee grote dossiers, één technisch, één politiek, zullen los van de crisis daar een rol bij blijven spelen. Het technische dossier is dat van het e-book, de piraterij en initiatieven daartegen, die zich voor een deel buiten de keten van schrijver/vertaler, uitgever en boekverkoper afspeelt.

Volgens analisten is Nederland, met drie procent e-books op de totale boekenomzet, in het derde jaar van de digitale opmars, en zijn de Verenigde Staten in het zevende jaar met een zich stabiliserende 26 procent. Amazon kwam er daar als eerste mee, met een handzame, goed leesbare e-reader, de Kindle, en koos voor het ultieme middel om die hardware te verkopen: de software veel goedkoper maken. Voor ruim onder de inkoopprijs wilden Amazons klanten wel e-books kopen. De truc heeft gewerkt, en inmiddels zijn oudere e-books van Ian McEwan of Isabel Allende bijna net zo duur als de paperback.

De omstandigheden in Nederland zijn wat diffuser. Prijsverlagingen mogen gewoon, want de Wet op de vaste boekenprijs geldt niet voor e-books, maar gebeuren meestal in overleg tussen webwinkel en uitgever. De zorgen in Nederland gaan nu over de grote hoeveelheid gehackte e-books – veel meer dan gekochte – en de relatief hoge prijzen die het kopen ontmoedigen. Saskia Noorts nieuwe boek Debet, waarvan een gehackte versie meer dan 15.000 keer gedownload werd, kost bijvoorbeeld € 15,99 (als paperback € 19,95).

E-books kosten minder dan papieren boeken, maar leveren ook relatief minder op. Alleen de Belastingdienst, die een hoger btw-percentage binnenhaalt, profiteert van de nieuwe vorm. De rest van de keten verdient minder: de winkel (de helft), uitgever (tweederde) en schrijver (tien à twintig cent). Dat is een belangrijke gedachte bij opties als rigoureuze prijsverlagingen of streaming books met lage abonnementsgelden – die verdien je in de kleine Nederlandse markt niet terug. Zo’n Spotify voor boeken zou piraterij voorkomen, maar behalve de boekhandel stonden tot op heden ook vertalers en schrijvers buiten spel.

Het politiek dossier is dat van de Wet op de vaste boekenprijs. Die wet garandeert dat alle verkopers dezelfde, door de uitgever bepaalde, prijs aanhouden, zodat ook risicotitels worden uitgegeven en verkocht. De wet beoogt een breed en divers aanbod van boeken in het Nederlands en het Fries beschikbaar te houden, via een geografisch ruim gespreid net van boekhandels met een groot en gevarieerd assortiment. Dat lukt nog steeds aardig, stellen de opstellers van de recente evaluatie vast. Maar het strookt natuurlijk niet met het neoliberale ideaal van de zelfregulerende vrije markt, en daarom komt er regelmatig een motie uit die hoek om de wet af te schaffen, of tenminste voor specifieke titels. Studieboeken bijvoorbeeld.

Of die moties in samenhang met de evaluatie daadwerkelijk wet worden, moeten we afwachten, maar het is te raden dat de fysieke boekhandel niet zal profiteren van een (gedeeltelijke) afschaffing. Grote spelers zullen, zoals Amazon dat al in de VS deed, met veel lagere prijzen komen en kleinere concurrenten wegdrukken. De consensuscultuur van CB en cpnb – centraal, collectief, amper conflict – komt dan onder druk te staan. Als bovendien Amazon zelf, dat al in gesprek is geweest met CB, zijn intrede doet, veranderen het spel en de regels helemaal, ten koste van de fysieke boekhandel en de uitgeverij. Maar alles voor de klant.

De vraag is of Jeff Bezos’ data kloppen, en wij meer klant dan lezer zijn. Of het ons in de eerste plaats gaat om prijs of om waarde. De voorsprong die de boekhandel en de uitgeverij op webwinkel en eigen beheer hebben, is weliswaar romantisch, maar daardoor niet onzinnig: kwaliteit. Ze hebben een filterfunctie, ze kunnen selecteren en presenteren wat goed is. Dat is geen businessmodel, maar wel een verkoopargument voor een deel van de lezende klanten. Voor die groep is het belangrijk dat een boekhandel levendig is en dat boekverkopers deskundig zijn. Daar wil je een jonge schrijfster aan haar boek zien werken, en horen dat Jan van Mersbergen Cormac McCarthy leest en Merijn de Boer Evelyn Waugh, en dat je met andere jonge schrijvers als Joost de Vries en Maartje Wortel dichter in hun buurt komt dan met De Voedselzandloper. En dat McCarthy en Waugh uitstekend vertaald zijn.

Die overwegingen zou Cor Molenaar emotioneel noemen, en ze doen dan ook niet af aan de rationele: interne, en in toenemende mate externe subsidiëring is essentieel om een volgende klap op te vangen. Bedrijven worden gedwongen flexibeler worden, te krimpen, en ongetwijfeld ook te sluiten. Een deel van onze vanzelfsprekendheden op de ruggen van boeken en de hoeken van straten zal verdwijnen door de markt, onvermogen of pech.

Toch zal het kwaliteitsboek blijven. Er zullen er minder zijn, maar genoeg voor longlists in alle genres, ook vertaald. Er blijft een markt zolang er lezers zijn die boeken kopen. Want wat andere lezers dan die van managementboeken over retail willen, is een persoonlijke Geheimtipp krijgen, de gelegenheid krijgen zelf een ontdekking te doen. In ruil willen ze de boekhandel en uitgeverij wel blijven steunen. Boekverkopers en uitgevers die hen snappen, blijven bestaan.


Daan Stoffelsen is recensent en essayist. Hij is werkzaam bij de Athenaeum Boekhandel, waar hij verantwoordelijk is voor de website. Dit stuk is geschreven op persoonlijke titel

Beeld: (1) Amsterdam, 20 februari. Na drie weken sluiting is boekhandel Polare weer open (Paul van Riel/HH). (2) Culemborg. In 2012 verwerkte het Centraal Boekenhuis 66.840.000 boeken (Gerard Til/HH).