Porno: autobiografieen en studies

Op zoek naar geluk

Porno: autobiografieen en studies over de mengeling van lust en weerzin

Christy Canyon

Lights, Camera, Sex!

Eigen beheer, 298 blz., $ 16.96

Jenna Jameson

How to Make Love Like a Porn Star

Regan Books, 579 blz., $ 18.45

Traci Lords

Underneath It All

Harper Entertainment, 288 blz., $ 16.29

Linda Williams (red.)

Porn Studies

Duke University Press, 475 blz., $ 24.95

Larry Sultan

The Valley

In: Musée de l'Élysée te Lausanne van 21 april tot 12 juni

Autobiografieën van pornosterren wa ren er tot nu toe niet veel, omdat men zich in die wereld het liefst in duisternis hulde. De laatste jaren is daarin verandering gekomen. Kort na elkaar verschenen levensverslagen van drie gerenommeerde Amerikaanse vrouwelijke pornosterren. Je zou verwachten dat ze niet wat je noemt een «normaal» leven hebben geleid, en dat komt ook wel uit. Erg veel gelachen wordt er niet in deze boeken, wel veel gerationaliseerd over hoe het allemaal zo gekomen is.

Christy Canyon zet zichzelf in Lights, Camera, Sex! neer als een schuw meisje dat door omstandigheden in de «industrie» belandde. Haar ouders scheidden toen ze één was; haar moeder is in haar ogen een verwarde hippie die niet goed voor haar zorgde; haar stiefvader was veel te ruw en onbetrouwbaar, en langzamerhand ging het mis. Ene Greg «Rocky» Rome, blonde hunk met een mooie auto, haalt haar over te gaan poseren voor nudies en dan komt van het een het ander. Vooral het geld is aantrekkelijk. Canyon windt er geen doekjes om, je kon in de jaren tachtig met naaktfoto’s tussen de 500 en 1000 dollar verdienen voor een paar uur werk. En geld is bij haar een middel om zich los te maken van hemelschreiende omstandigheden: verwaarlozing, on macht en drankmisbruik. Canyon geeft een gedetailleerd verslag van haar eerste fotosessie en legt de nadruk op de eindeloze verveling op de set: het eindeloos lang durende opmaakritueel, het gewacht op andere modellen of op de fotograaf die eerst nog ergens anders moet wezen. Binnen de kortste keren staat ze in alle mannenbladen en dan schrijft ze: «My life felt so free and wonderful.» Dit is een terugkerend thema.

Je kunt vrijheid verdienen via het maken van naaktfoto’s en pornofilms, al zitten daar wel nadelen aan: het isolement en de psychische problemen die af en toe opduiken en die Canyon altijd alleen in verband brengt met haar ongelukkige jeugd. Veel nadruk legt ze op de onderlinge solidariteit binnen de porno-industrie, het was alsof ze een nieuwe familie terugkreeg. «This new found ‹family› accepted me, praised me, and boosted my deflated ego by telling me how beautiful I was.» Canyon gaat niet gemakkelijk over van naaktfoto’s op porno films. Ze vindt dat in het begin duidelijk een brug te ver. Zo vluchtte ze eerst huilend van de set toen ze per ongeluk geconfronteerd werd met twee acteurs die het boven een wc-pot stonden te doen. Maar geld blijkt alle rauwe bonen zoet te maken en dus vindt ze zichzelf een paar weken later terug op dezelfde set. Ze is dan net achttien.

Canyon beschrijft die eerste keer, doelbewust of niet, via een rare, afstandelijke scène die ze door de alledaagse setting ervan en haar taalgebruik verpletterend banaal weet te maken. Ze gaat gedetailleerd in op wat de acteurs eten, waar ze het over hebben en wie er allemaal bij zijn. Paul en Ron en Stevie en Rick en dan nog de cameraman, de make-upmensen en de geluidsman. Ze vertelt wie de broodjes haalt en waar de lampen staan en maakt een punt van de prietpraat die acteurs blijkbaar uitwisselen voor ze elkaar bespringen. «Hi, I’m Christy. Hi, my name is Ron Jeremy. Looks like we’ll be working together today.» Ook de seksuele acrobatiek brengt ze verbazingwekkend platvloers naar vo ren en die stijl handhaaft ze in haar hele boek. «Ron entered me doggie style for the first time in my life.» Ze moet het dus meteen doen met een grote ster uit de pornowereld, de fameuze Jeremy, die wel verbaasd is over haar jeugd maar daar verder geen punt van maakt: «You can do this honey, after all, it’s only sex.» Deze rationalisatie keert steeds terug: je kunt je er het beste niet al te druk over maken wat je voor de camera uitspookt, het is alleen maar seks. Canyon heeft de neiging de pornowereld uit te roepen tot een gezellig familiebedrijf waar je je heel goed thuis kunt voelen als je je maar niet te veel zorgen maakt over de gevolgen ervan voor je privé-leven. Die eerste keer lukt dat nog niet helemaal. Als het achter de rug is, ze doet het met een vrouw en twee mannen, besluit ze met een klassieke scène uit deze merkwaardige bekentenisliteratuur. Alles is de schuld van de ouders. «Oh God», why me?», roept ze vertwijfeld uit terwijl ze in bad ligt: «Why weren’t you there to protect me, Daddy?»

Het lukt me niet een traantje weg te pinken, omdat het er allemaal net iets te dik bovenop ligt. Het enige wat erop zit is geld verdienen en dat lukt aardig: eind jaren tachtig verdiende je als beginnende vrouwelijke acteur voor twee films minimaal 6000 dollar. Ik wil me achteraf nergens mee bemoeien, maar zo heel veel vind ik het niet eens.

Canyons boek bevat geen expliciete stills uit haar films, dat mag blijkbaar niet van de Amerikaanse censor. Raar is dat wel, aan de ene kant mag je in pornofilms acteren en kun je die in Amerika in speciale winkels in de meeste staten gewoon kopen, maar expliciete foto’s in dit soort boeken, dat mag niet. We zien Christy Canyon als kind, als meisje, met collega’s en in 1989 zo trots als een pauw met haar eerste Porsche. Ze maakte geen gebruik van een ghostwriter, wat goed te merken is, en ook de naam van een uitgever ontbreekt. Het boek ziet er armoedig uit, vrijwel iedere zin begint op een nieuwe regel, wat lezing ernstig bemoeilijkt. Regels wit en hoofdstuktitels ontbreken vrijwel geheel, zodat je soms het gevoel krijgt een experimentele roman van Bert Schierbeek te lezen. Haar oeverloze weergave van familiaire verhoudingen en pogingen het weer goed te maken met moeder, vader, stiefouders en de rest van de familie maakten me helemaal gek. En haar verhoudingen met verkeerde mannen, die eerst natuurlijk wél helemaal deugen, begonnen steeds meer op mijn zenuwen te werken.

Erg veel wijzer over de gang van zaken in de «industrie» word je niet van Canyons boek, al vertelt ze interessante anekdotes over haar collega’s. Zo mag je tijdens de seksscènes niet aan het haar van Peter North zitten omdat hij dan helemaal afknapt. En over collegaatje Traci Lords schrijft ze een paar snijdende roddelpagina’s. Uiteindelijk blijken haar niet-aflatende pogingen om met pornofilms te stoppen tevergeefs.

Jenna Jameson maakte gebruik van co-writer Neil Strauss bij het schrijven van How to Make Love Like a Porn Star, dat bijna 600 pagina’s telt. Jameson werd in 1974 geboren als Jenna Massoli, maar veranderde haar naam na haar eerste successen als fotomodel en stripteasedanseres. Vanaf 1994 tot nu maakte ze 85 pornofilms, behoorlijk veel als je erover nadenkt, maar zelf vindt ze het allemaal niet zo erg veel voorstellen. Ze deed het naar eigen zeggen maar met vijftien verschillende mannelijke acteurs, dus we moeten ons niet al te druk maken. En als je op internet de cast van haar films bekijkt, kom je inderdaad steeds dezelfde namen tegen: Peter North, Ron Jeremy, T.T. Boy, Tony Tedeschi, Tom Byron, Rocco Siffredi, Randy West en nog een beperkt aantal andere steeds terugkerende namen. Het is een kleine wereld en soms klinkt in haar boek ook wel iets van teleurstelling door: hè, verdorie, alweer met Randy West.

Een gemiddelde film wordt in twee dagen opgenomen en dus heb je zeeën van tijd als je er per jaar een stuk of zes opneemt. Toch mooi ruim 350 vrije dagen, rekent ze ons voor. «Of course, there’s always a lot of other work to do for collateral cash, whether it’s extra scenes or feature dancing in strip clubs around the country.»

Jamesons geschiedenis wijkt niet erg af van die van Canyon. Levensverhalen van pornosterren lopen gelijk, ze sluiten naadloos aan bij het literaire genre van de gevallen vrouw die op zoek gaat naar het geluk. En dat nog vindt ook. Ook Jameson maakte een ongelukkige jeugd door. Ze heeft als meisje duidelijk licht exhibitionistische trekjes en wordt daarin nauwelijks gecorrigeerd. Ze belandt in typische white trash-kringen, wordt verkracht door ene Mr Preacher en trekt vervolgens in bij Jack, eigenaar van een tattoowinkel die er voor zorgt dat ze in de stripteasewereld terechtkomt. In alle details schetst ze haar merkwaardig onderdanige relatie met deze engerd. Ik geloofde werkelijk, schrijft ze ergens, dat hij wel van me móest houden, anders kon hij toch niet in staat zijn me zo erg te mishandelen. Daarna komt van het een het ander, eerst foto’s waarbij ze er zonder al te veel nadenken toe overgaat ook «pink» te laten zien. Mooi is de opsomming op pagina 96 van het soort poses dat je als fotomodel aan moet kunnen nemen: «the standing bridesmaid, the piledriver, the cowgirl, the reverse cowgirl, the standing cowgirl, the sidesaddle, the doggie, the dirty doggie, the scissor, the scissor mish» en ten slotte ook nog «the American split».

Uiteindelijk maakt ze in 1994, on danks heftige tegenstand van Jack of misschien juist dankzij die tegenstand, haar eerste pornofilm (Up and Cummers # 11) met acteur Randy West. Ze maakt, net als Canyon, veel werk van die allereerste keer, het hele script zit in het boek, al lijkt dit niet erg geloofwaardig. Waren die scripts de moeite waard om te bewaren voor een later te schrijven biografie? Meer dan een hoop geklets in de richting van een expliciete seksscène valt er niet aan te ontdekken. Randy West blijkt gelukkig erg aardig te zijn en Jenna heeft talent: «I was fucking good at this. When the camera stopped rolling, everyone applauded.» Dit fragment zou je er bijna toe aanzetten je zelf in de pornowereld te begeven, maar het idee dat je dan als man vroeg of laat toch in staat moet zijn in aanwezigheid van een stuk of vijf anderen een «popshot» of «moneyshot» te produceren maakt het er niet aantrekkelijker op.

Ook bij Jameson blijft weerzin be staan tegen het maken van pornofilms, maar deze wereld is blijkbaar toch onweerstaanbaar. Ze raakt er ernstig van aan de drugs en moet soms bij haar vader afkicken, maar steeds keert ze terug. Geld is zoals altijd in deze duistere glamourwereld het grote glijmiddel. Ze legt er de nadruk op, net als de anderen, dat het haar allemaal is overkomen: het ging buiten haar om, als een onweersbui waar je verder ook niks aan kunt doen. Ze moet er niet aan denken haar eigen films ooit te bekijken. Hartverscheurend zijn haar rationalisaties wanneer ze toch maar weer aan de slag gaat. «I want to do it», zegt ze bijvoorbeeld tegen haar vader: «I really think this can be my life.» Echt overtuigend klinkt dit niet.

Op het einde van haar boek schetst ze in geuren en kleuren hoe ze samen met vriendin Nikki Tyler door Amerika trekt en shows verzorgt. Overmatig drugs gebruik, exhibitionisme en vecht par tijen zijn aan de orde van de dag. Erg netjes gedroegen we ons niet, zegt ze er gens, en dit mag rustig het understatement van de eeuw worden genoemd. Ten slotte maakt ook zij het weer goed met haar hele familie en trouwt ze met pornoacteur Jay, zodat je ook dit boek tot het genre kunt rekenen van de gevallen vrouw die uiteindelijk het geluk vindt.

Jamesons werk aarzelt af en toe tussen levensverhaal en voorlichtings circu laire. Het staat vol tips over hoe je pornoster kunt worden en wat je vooral niet moet doen. Hoe je je tong moet gebruiken, dat je goed moet kijken hoe de mannelijke acteurs masturberen, dan weet je wat ze echt lekker vinden, en dat je met grote zorg je handen moet gebruiken («try tickling his balls a little»). Voor aanstaande mannelijke acteurs heeft ze een hele rij tips in huis, waaronder deze: «prac tice your orgasm face».

Traci Lords, geboren als Nora Louise Kuzma, doet in Underneath It All haar uiterste best haar pornoperiode zo veel mogelijk te bagatelliseren. Ze schrijft er slechts 32 pagina’s over en zegt zich weinig te kunnen herinneren. Ze be landt al vroeg in de klauwen van Sonny, een motorbiker waar ze jaren mee op trekt en die haar regelrecht misbruikt, terwijl ze daar volkomen machteloos tegenover staat. «I was the moth, he was the flame», schrijft ze. Ook haar stief vader Roger speelt een kwalijke rol. Alles speelde zich in haar pornoperiode af in een «blur» of «fog» of «mist» van cocaïne en drank, beweert ze. De eerste keer werd ze «verleid» door de mannelijke pornoster Tom Byron, die haar tot seks bewoog: het ging zomaar, ze wist van niks en ineens werd het gefilmd. Toch wel raar als je bedenkt wat er allemaal bij zo’n verfiming komt kijken, maar Miss Lords merkte er niets van. Wel beseft ze dat het allemaal iets met macht te maken heeft: «And with that power came pleasure. I was blind to everything around me and I wasn’t acting for a camera. I was acting out.»

Elders beschrijft ze het ineens in heel andere termen: «At the ripe age of sweet sixteen, I was nothing short of a sexual terrorist.» Ze trad binnen zes maanden in twintig pornofilms op en verdiende daarmee niet meer dan 60.000 dollar. Je moet dit soort getallen en bedragen met een flinke korrel zout nemen. Op internet vind je alleen al uit 1985 meer dan tachtig titels van films met Traci Lords, een ongelofelijk aantal, vooral als je bedenkt dat ze pas op 1 oktober 1985 haar eerste film maakte. Daar zijn ook compilaties bij waarin men een stel losse scènes aan elkaar monteerde en er een nieuwe titel op plakte. Maar toch. Ze was een geweldig talent op dit gebied, de emoties liepen hoog op in de sekszaaltjes wanneer ze haar beroemde orgastische gekreun liet horen. De industrie melkte haar genadeloos uit, daaraan hoeft niemand te twijfelen. Op haar achttiende werd ze gearresteerd wegens overtreding van een sekswet, want je mocht onder de achttien niet naakt poseren. En dat was het einde van haar carrière en tegelijk het begin van haar nieuwe leven, dat er hoofdzakelijk uit bestaat haar porno-ervaringen te bagatelliseren en te verdringen.

Erg veel reflectie over de ontwikkelingen binnen de porno-industrie mag je in deze boeken niet verwachten. Wel rationalisaties en persoonlijke ontboezemingen. Vooral Canyon en Jameson geven genadeloze beschrijvingen van het mannelijke publiek bij de live-voorstellingen, maar ze wijzen niet met een beschuldigende vinger naar kopers en kijkers. Is het debat over pornografie alweer een gepasseerd station? Het lijkt er wel op.

Recent verscheen een bundel met essays over pornofilms en -video’s, Porn Studies. Met op het omslag een foto van Larry Sultan, die pornoacteurs in allerlei fraaie interieurs van Amerikaanse upperclass-huizen fotografeerde. Het bevat wel essays over de ontwikkelingen binnen de industrie, maar niemand lijkt geïnteresseerd te zijn in een debat over bijvoorbeeld juridische en ethische implicaties ervan. Geen artikelen over de «uitbuiting van de vrouw» of de al of niet overheersende «mannelijke blik». Dat maakt blijkbaar niks meer uit. Samenstelster Linda Williams schrijft in de inleiding dat belangstelling voor pornografie belangrijk is, omdat deze industrie een steeds groter aandeel heeft binnen de totale amusementsindustrie. Per jaar verschijnen in Hollywood 400 «legale» films, de porno-industrie maakt er ieder jaar 10.000 tot 11.000. Per jaar worden in Amerika zevenhonderd miljoen pornovideo’s of dvd’s in videotheken uitgeleend. Ze schat de totale omzet op ongeveer veertien miljard dollar per jaar, «more than professional football, basketball, and baseball put together».

In haar boek staan artikelen over de Japanse porno-industrie, over homo sterren en het lesbocircuit, over al of niet vermeende racistische tendensen en de ontwikkelingen van het genre. De op komst van het «amateurgenre» staat bijvoorbeeld centraal in een artikel van Minette Hillyer. Dit genre pretendeert een «realistischer» beeld van seks te geven dan de gestileerde circusacts van de bekende Amerikaanse sterren. Men speelt moeiteloos in op een verondersteld toenemend realiteitsverlangen van het publiek. Men heeft genoeg van de al te gestileerde films van de Amerikaanse seksindustrie en internet biedt enorme mogelijkheden. Daar bevinden zich honderden «amateursites» waarop armzalig georganiseerde filmpjes te zien zijn van «thuiswerkers». Echte mensen dus die je op straat zo kunt tegen komen, die naast je kunnen wonen. Van een verhaal is nog nauwelijks sprake, geen dokter-doet-het-met-verpleegster-act, of barones-met-stalknecht, maar rechtstreekse seksscènes. Al zou je kunnen zeggen dat in de volgorde van de seksuele handelingen toch altijd weer een verhaal te ontdekken valt.

Er is al met al in de pornowereld sprake van toenemend verhaalverlies. Misschien loopt dat gelijk op met een tendens in de literatuur. Boeken waarin schrijvers hun eigen leven centraal stellen vinden vaak een groter publiek dan verzonnen literatuur. Constance Penley meent in Crackers and Wackers: The White Trashing of Porn dat vooral de oudere pornografische film opgevat kan worden als een uiting van on machtig verzet tegen maatschappelijke overheersing. Ze meent dat veel films aanvallen bevatten op «every kind of social and intellectual pretension» van de bourgeoisie. Vaak zie je impliciete aanvallen op allerlei hogere professionele klassen (artsen, notarissen, schrijvers) of op instituties (de kerk, de staat).

In pornofilms staan alle maatschappelijke illusies van de machthebbers ter discussie. Penley vergelijkt de verhalen met die van komische sketches. Er zit veel in. Sketches van André van Duin verschillen in organisatie niet princi pieel van pornografische anekdotes: macht hebbers zijn in beide vertel systemen het mikpunt. Alleen de uitkomsten verschillen: bij sketches komt de bevrijding met de lach en bij de porno grafische film met het orgasme. Ze wijst er terecht op dat in veel oudere porno films de man uiteindelijk slachtoffer is of belachelijk wordt gemaakt.

De pornografische film verlaat op het ogenblik de underground. Pornoacteurs komen uit de kast en hun aanwezigheid in praatprogramma’s is niet langer strikt taboe. Ook de porno grafisering van de openbare ruimte neemt toe: popsterren dragen porno-outfits, popteksten staan bol van pornoclichés. Aan de andere kant zie je ook een tegengestelde beweging: een toenemende terugtrekking in een «alternatief» pornocircuit waarin men niets moet hebben van de gladde amerikanisering. Een voorbeeld hiervan is het extreme genre van de «gonzofilm» waarin de vaak jonge acteurs zelf de camera hanteren en zich toeleggen op sterke detaillering van de geslachtsdaad. Ook hier het ontbrekende verhaal, het gaat meestal om orgieën en er zijn weinig tot geen totaalshots. Vaak laten prostituées zich hiervoor inhuren. Canyon heeft het er minachtend over, al kun je er volgens haar wel veel geld mee verdienen.

De pornografische film heeft het tot nu toe altijd moeten hebben van het merkwaardige mengsel van wellust en weerzin waarmee de meeste kijkers de voorstellingen bekijken. Wellust om dat je er geil van wordt en weerzin omdat je gedwongen wordt voyeur te zijn van je seksualiteit en aldus geconfronteerd wordt met je illusies over je eigen uniciteit en sacraliteit. Wat dit laatste be treft wijkt het genre niet eens zo veel af van de voorstellingen binnen de literatuurindustrie. Ook daar word je keer op keer ertoe gedwongen voyeur te zijn van je eigen dromen.

De fotograaf Larry Sultan wordt in Nederland vertegenwoordigd door Reflex New Art Gallery