Opeens is een groot deel van de Oekraïners rechteloos

Kiev– Oekraïne houdt z’n adem in. Maandag stemde het parlement in met invoering van de krijgswet: in tien van de 24 Oekraïense oblasten mogen president Porosjenko en de regering nu zonder democratische controle reservetroepen mobiliseren, een noodklok instellen, bezit confisqueren, demonstraties verbieden en media censureren. Dertig dagen lang.

Aanleiding: de entering, afgelopen zondag, van twee Oekraïense patrouilleschepen en een sleepboot door de Russische marine, waarbij 23 Oekraïners gevangen werden genomen. Het incident vond plaats in de Straat van Kertsj, een smalle zee-engte die de enige aanvaarroute naar de Oekraïense havens in de Zee van Azov vormt. En die Rusland sinds de annexatie van de Krim volledig controleert. Sinds de Krimbrug af is maakt Rusland het Oekraïense schepen geleidelijk aan moeilijker om te passeren. Met de entering als voorlopige climax.

Dat een dergelijk incident zich zou voordoen, voorspellen experts al maanden. De vraag is alleen: waarom ineens de krijgswet? Oekraïne is al bijna vijf jaar in conflict met Rusland, een strijd die ruim tienduizend mensen het leven heeft gekost. ‘Dit is de eerste openlijke daad van Russische agressie’, zei president Porosjenko in een toespraak tot het volk, ‘zonder groene mannetjes, zonder zogenaamde opstandelingen’. Point taken, maar is dat reden om Oekraïense burgers hun rechten te ontnemen? ‘We moeten onmiddellijk de krijgsmacht versterken’, vervolgde de president, ‘om in het geval van een invasie zo snel mogelijk te kunnen reageren.’ Echter: er zijn geen aanwijzingen dat dit de opmaat is voor een Russische invasie.

De kromme logica achter de maatregel wekt bij sommige Oekraïners argwaan. Voor maart 2019 staan de presidentsverkiezingen gepland en Porosjenko doet het belabberd in de peilingen. Wil hij de verkiezingen opschorten? Daar lijkt het niet op. Hij ging akkoord met de eis van het parlement om de tijdsduur van de krijgswet in te korten, zodat de verkiezingen door kunnen gaan. Verlenging is alleen mogelijk middels een nieuwe parlementaire stemming. Er is ook een andere reden denkbaar, minder gevaarlijk maar minstens even verontrustend. Porosjenko’s critici beschuldigen hem al jaren van zwak optreden tegen de Russische agressie. Heeft hij deze provocatie aangegrepen om een vuist te maken, vier maanden voor de verkiezingen? In dat geval lijkt zijn stunt te werken: op de sociale media wordt de krijgswet toegejuicht als krachtig gebaar. Maar het is spelen met vuur, want wat als Rusland de provocaties blijft opvoeren?