Operatie- bodenplatte de vrienden van het derde rijk 1

Oudejaarsnacht 1944 lag ik met mijn buikje dik en rond - niet alleen van oliebollen, maar van allerhande versnaperingen - in mijn bedje op de zolder van de familie Bekhuis in Denekamp, waarnaar ik dat najaar vanuit het Gooi met opkomend hongeroedeem was overgeheveld. Ik werd wakker van een diep, dof gezoem. Vliegtuigen! Maar die zag en hoorde je alleen overdag als ze op hun gemak en voor de zoveelste maal Nordhorn bombardeerden! Ik hoorde gestommel beneden. Mijn pleegouders waren op. Ik liep in mijn rode hansopje, met voorop Jezus en achterop Maria en Josef (door mijn zusjes geborduurd), naar beneden. De pleegouders zaten naast elkaar knielend op de koude vloer op die onvergetelijke eerste januari 1945. Er flakkerde nog een kerstkaarsje. Buiten grauwde vroeg ochtendlicht.

De pleegouders baden een rozenhoedje. Ik ging naast mijn pleegmoeder zitten. Zij streelde even mijn wang. Ze had gehuild en huiverde in haar nachtpon. Pleegvader was lijkwit. Uit zijn hemd krioelden zwartgrijze haren. Hij bad, verstijfd als een pagode, in zijn lange witte onderbroek. Ik bad mee, terwijl het vliegtuiggeronk nu oorverdovend was. Gingen ze Denekamp soms aanvallen? We stopten even met bidden. Plechtig sprak de pleegvader: ‘Het zijn de moffen, moeder, het zijn Duitse jagers. Ze vliegen naar het westen, ze gaan aanvallen. We kunnen de oorlog nog steeds verliezen.’
We wisten van het verschrikkelijke Ardennenoffensief. Goebbels sprak in zijn Kerstboodschap triomfantelijk: 'Onze vijanden is het lachen vergaan. Ze hebben het niet meer over een wandeling naar Berlijn. Integendeel. Onze dappere divisies die deelnemen aan de winterslag in het westen hebben ze met harde aanvallen weer onverbiddelijk met beide benen op de grond gezet.’
Maar niemand geloofde dat het de Duitsers toch nog zou lukken.
Om vijf minuten voor twaalf kwam Hitler op Oudjaar zelf nog eenmaal aan het woord om zijn leger en volk een goed, gelukkig en gezond 1945 te wensen. Een stormjaar 1945. Want dreigend klonk het: '1945 zal het jaar zijn van een historische ommekeer. Ons volk is vastbesloten onder alle omstandigheden te blijven vechten tot de overwinning is behaald. We zullen iedereen vernietigen die niet deelneemt aan de gezamenlijke inspanningen voor het land of die een werktuig van de vijand wordt. De wereld moet weten dat dit land nooit zal capituleren. Duitsland zal als een feniks herrijzen uit zijn verwoeste steden en dit zal in de geschiedenis worden geboekstaafd als het wonder van de twintigste eeuw.’
De daad werd meteen bij het woord gevoegd. Nog eenmaal leek Hitler in zijn oude slagvaardigheid toe te slaan. In de Elzas begon, midden in de Oudjaarsnacht, een geweldig nieuw Duits offensief van de jonge, fanatieke SS-elite, gesteund door nieuwe pantserdivisies.
Met Kerst leek de Russische verovering van Boedapest en de doorstoot naar Oostenrijk nog maar een kwestie van dagen te zijn. Maar op nieuwjaarsavond barstte ook hier het eerste van drie grote Duits-Hongaarse tegenoffensieven los. De fascistische Pijlkruisers, die de laatste joden van Boedapest achtervolgden en vervolgens afslachtten, beloofden een heroverde stad als nieuwjaarsgeschenk voor de Fuhrer. Zelfs Mussolini kreeg het weer op zijn heupen. Samen met de Duitsers ontketenden zijn laatste milities een kerstoffensief dat de herovering van Barga opleverde.
Maar het ging Hitler voor alles om de door hem persoonlijk maandenlang voorbereide Start im Morgengrauen: de Operatie- Bodenplatte. Tot op de bodem, inderdaad. Door een machtige aanval van minstens duizend Duitse jagers - nieuwe typen Focke Wulf, Messerschmidt en Junker - wilde Hitler, gokkend tot vijf minuten over twaalf, in een klap de geallieerde luchtmacht aan de grond verpletteren. Ondanks het mooie weer zouden de Anglo- Amerikaanse luchtgangsters althans een paar weken, desnoods een week, uitgeschakeld zijn. De pantsers in het westen zouden alsnog kunnen doorbreken en binnen twee weken verwachtte Hitler dat zijn nieuwe straaljagers het hele Europese luchtruim zouden heroveren.
Vanaf 36 horsten vertrokken de bijna duizend vliegtuigen van de zich nog eenmaal oprichtende Lufwaffe in het morgengrauw. Zij kregen van Hitler een boodschap mee: 'Mannen van de Luftwaffe! Uw grote uur is gekomen. Onze legers zijn opnieuw in de aanval tegen de Anglo-Amerikanen. Aan u de heilige plicht om veel meer dan menselijk mogelijk is te geven voor ons vaderland.’
De merendeels met zeer jonge piloten (een kwart van hen kwam voor het eerst in actie) bemande Duitse jagers kregen het al op de heenweg zwaar. De zestienjarigen op de grond, die het 88m-Flak bedienden, wilden getuigen van hun waakzaamheid en namen hun laag overscherende landgenoten onder vuur. Dit gebeurde ook op de terugweg; tientallen toestellen werden door eigen vuur neergehaald. Toch was het verrassingseffect op die heldere nieuwjaarsmorgen geweldig. Het merendeel van de geallieerde bewaking worstelde nog met een hang over. Voor men in actie kon komen waren al tientallen geallieerde vliegtuigen geraakt en/of vernietigd en vele hangars gingen in vlammen op. Van sommige vliegvelden (Brussel- Evere, Gent, Eindhoven) bleef een ruine over. Overal brandden de Spitfires, Typhoons en Mustangs. Op het vliegveld Brussel-Evere, waar zelfs Montgomery’s prive- Dakota werd verpulverd, leek de geallieerde luchtmacht gereduceerd tot blik en schroot. Tenminste 27 vliegvelden, tot in Frankrijk toe, werden matig tot zwaar getroffen. Minstens 350 vliegtuigen gingen geheel verloren, enkele tientallen werden voor lange tijd uitgeschakeld. De Duitsers hadden, ondanks hun verliezen van bijna de helft van hun inzet, een big blow uitgedeeld.
De vrienden van het Derde Rijk, de collabo’s in een tiental door Hitler veroverde of met Hitler collaborerende landen, achtten de oorlog nog niet verloren. Toch was ook Operatie- Bodenplatte slechts uitstel van hun ondergang.
De komende weken zullen wij hun lotgevallen volgen op het doodsbed van het Derde Rijk.