Opgegraven waarheden ii

Probleemstelling: Mag de doelman op veel werk hopen als hij het beste met zijn team voorheeft?

Probleemstelling: Als voetbal oorlog is, waarom moest Duitsland zich dan kwalificeren?
Stelling 1: Wij Nederlanders hebben een zeer scherpe neus. Iedere keer als ze bij de buren wereldkampioen worden, ruiken wij de overwinning.
Stelling 2: De bal is rond, maar laten we daar vooral niet te veel op hopen.
Stelling 3: Hoe langt duurt het nog voor kinderen het vertikken om gratis te spelen?
Stelling 4: Iedere keer dat een vrouw wordt gedekt, is er kans op een nieuw leven. Iedere mandekking leidt tot blessures.
Stelling 5: Als we werkelijk van verlies zouden leren, waren we allang aan elkaar gelijk.
Stelling 6: Het is de fout van de verliezers als de winnaars naast hun schoenen lopen.
Stelling 7: Het volk is er dol op miljonairs te zien zweten, daar heeft het graag de laatste centen voor over.
Stelling 8: De verschillen tussen topsporters en hun publiek worden steeds schrijnender.
Stelling 9: Om het publiek de kans te geven zich met topsporters te identificeren, zijn er in de stadions geen spiegels aanwezig.
Stelling 10: Er zijn twee soorten mensen. De ene soort hangt zijn helden boven het bed, de andere boven de werktafel.
Stelling 11: De nachtmerrie van een keeper is buitenspel te lopen.