links: Gerard van Honthorst, Amalia als jachtgodin Diana, ca. 1632. Olieverf op doek © Koninklijke Verzamelingen Den Haag

In het Prinsenhof te Delft is Willem de Zwijger indertijd achterbaks neergeschoten en dus is het bij uitstek de plek waar je anno 2022 nog eens een ronduit orangistische tentoonstelling kunt verwachten. Amalia is dat: Amalia van Solms (1602-1675) wordt hier geportretteerd als de stammoeder van de Oranje-dynastie en bovendien als het soort ‘zelfbewuste, assertieve vrouw’ dat wij tegenwoordig graag zien.

Deze Amalia viel omhoog uit een Duits vorstendommetje naar het gevolg van de Winterkoning en -koningin, die na één jaar regering uit Bohemen werden verdreven en vervolgens de rondreizende risee van de Europese vorstenhuizen werden. In Den Haag viel het oog van stadhouder Frederik Hendrik, twintig jaar ouder, verstokt vrijgezel, op het hofdametje Van Solms. Ze kreeg negen kinderen.

Terwijl haar echtgenoot zich vermeide op het slagveld ontpopte Amalia zich als een bevorderaarster van de glorie van het Oranjehuis, haarzelf incluis. Het echtpaar mat zich grote allure aan. Ze bouwden liefst drie nieuwe paleizen: Huis ten Bosch, Honselaarsdijk en Ter Nieuburg, met alles erop en eraan, menagerieën (met olifant), tuinen, fonteinen; ze verbouwden het Oude Hof in Den Haag tot Paleis Noordeinde en een groot deel van het stadhouderlijk kwartier aan het Binnenhof tot hoofdkwartier. Dat gebeurde met smaak. Amalia en Frederik hadden een voorkeur voor het meer Europees georiënteerde Van Campen-classicisme, ze liefhebberden in exotisch materiaal, en ze moeten een schilderijencollectie van zo’n duizend stuks hebben bezeten, waaronder een tiental Rembrandts. Van die duizend schilderijen was de helft portret, wat weer een indicatie is van Amalia’s dynastieke ambities: zij schiep daarmee de context van een werkelijk koninklijk huis. Aardig wat daarvan is in Delft te zien, het is zelfs bijna een minitentoonstelling van Gerard van Honthorst, een van de productiefste portrettisten. De zelfpromotie is typisch zeventiende-eeuws, maar in de hang naar bling heeft deze Amalia onmiskenbaar ook iets van Imelda Marcos. Je vraagt je af hoeveel paar schoenen ze bezat.

Centraal in de tentoonstelling is de aanname dat Amalia in de rare verhoudingen binnen de Republiek daadwerkelijk macht bezat, of agency, met een eigen ‘vredespolitiek’, en daar kun je vragen bij stellen. Het is waar dat buitenlandse ambassadeurs haar verwenden met geschenken; de tentoonstelling ziet dat als teken van een invloedrijke positie. Tegelijkertijd schreven die ambassadeurs naar huis dat Amalia maar grillig was, en met alle winden mee woei. De tentoonstelling maakt niet duidelijk waar die invloed dan uit heeft bestaan. Het lijkt erop dat zij zich toch vooral bekommerde om de toekomstige status van haar (klein)kinderen, en om de vormgeving van het koninklijk aureool, dat zij zich aanmat. Het slotakkoord, een fotografische reconstructie van de Oranjezaal in Huis ten Bosch, laat zien hoe opgefokt die ambitie wel niet was, en het is frappant dat de tentoonstelling eindigt met een foto van de huidige kroonprinses in diezelfde zaal. Dat zou Amalia van Solms de kroon op haar werk hebben gevonden.

Amalia:Ambitie met allure. Museum Prinsen- hof, Delft, t/m 8 jan. 2023