Orbán gebruikt corona voor anti-transgenderwet

Boedapest – De Hongaarse transgender Ivett Ördög wacht al langer dan een jaar op de formele erkenning van haar vrouw-zijn: de verandering van haar geslacht in haar paspoort.

Er ging veel pijn aan haar aanvraag vooraf: om die überhaupt in te kunnen dienen moest ze namelijk eerst scheiden van haar vrouwelijke partner. Haar geslachtsverandering zou van het huwelijk plotseling een homohuwelijk maken – en dat is illegaal in Hongarije. Haar besluit leidde niet slechts tot het einde van Ördögs formele huwelijk, maar tot haar spijt ook tot het einde van haar relatie, vertelt ze.

Afgelopen donderdag – nota bene International Day of Transgender Visibility – diende de regering van Viktor Orbán echter een wetsvoorstel in dat ervoor zorgt dat transgenders hun geslacht niet meer voor de wet kunnen veranderen. Op Hongaarse paspoorten zal voortaan niet meer ‘geslacht’ staan, maar ‘geslacht bij geboorte’ – en dat staat voor iedereen onverbiddelijk vast. Ook transgenders die jaren geleden hun geslacht al voor de wet veranderden, zal die zelfbeschikking worden ontnomen.

Hierdoor zullen transgenders in Hongarije voortaan een soort dubbellevens moeten leiden, waarin hun identiteit op papier niet overeenkomt met het leven dat ze leiden. De wet maakt transgenders op die manier bovendien extra kwetsbaar voor discriminatie.

‘Het is niet makkelijk om in Hongarije – of waar dan ook – uit de kast te komen als transgender’, zegt Ördög. ‘Maar nu moet ik dat elke keer dat ik ergens mijn papieren moet laten zien weer opnieuw doen. Alleen al een pakketje ophalen bij het postkantoor leidt tot allemaal pijnlijke vragen; soms denken mensen dat ik een vals paspoort gebruik. Eén keer werd de politie er zelfs bijgehaald. Dat is vernederend.’

Waarom de Hongaarse regering juist tijdens de coronacrisis met deze wetsaanpassing komt, daarover zijn de meningen verdeeld. Sommige commentatoren denken dat de transgenderwet bedoeld is om de aandacht af te leiden van de coronacrisis en de controversiële introductie van de ‘noodtoestand zonder einde’. In de Hongaarse lhbti-gemeenschap denkt men eerder dat alle aandacht daarvoor juist aangegrepen is als dekmantel voor het invoeren van deze eveneens controversiële wet. Het voorstel is opvallend genoeg nog wel gewoon bij het parlement ingediend – en niet zonder tussenkomst van parlement per decreet doorgevoerd, zoals binnen de noodtoestand mogelijk zou zijn. Maar dat de wet er gaat komen lijkt vast te staan: Orbáns partij Fidesz heeft immers ook een tweederdemeerderheid in het parlement.