Orbán haalt honderden Venezolanen

Boedapest – Een gratis vlucht, een jaar kosteloze huisvesting, gratis taalles en een tijdelijk werkvisum terwijl je op je nieuwe paspoort wacht. Een droomoplossing, voor wie gedwongen is zijn thuisland te verlaten – en ze bestaat. Het is moeilijk te geloven, maar de regering van Viktor Orbán maakt het mogelijk.

Orbáns regering werd internationaal bekend door de manier waarop ze angst voor vluchtelingen opklopte en tot hoofdingrediënt van haar populariteit maakte. Toch heeft hij het afgelopen jaar stilletjes honderden Venezolanen vanuit Caracas naar Boedapest laten vliegen. Er is alleen wel een voorwaarde: de deelnemers moeten kunnen bewijzen dat ze Hongaarse voorouders hebben. Er zijn namelijk twee Hongaarse emigratiegolven richting Venezuela geweest: één vlak na de Tweede Wereldoorlog, van Hongaren gelinkt aan het Miklós Horthy-regime (dat met nazi-Duitsland samenwerkte) en één na de mislukte revolutie in 1956. Generaties later komt dat neer op duizenden Venezolanen met ten minste één Hongaarse grootouder.

Het programma werd onlangs bekendgemaakt door de nieuwswebsite Index en resulteerde in evenveel verbazing als verontwaardiging. ‘Natuurlijk kan het oneerlijk voelen, met het oog op de grote humanitaire behoeften van andere bevolkingsgroepen’, zegt Lorna Kralik, een Amerikaanse advocaat in Boedapest die afgelopen jaar vrijwillige ondersteuning aan de Venezolanen bood. ‘Tegelijkertijd geeft een familielid met een bepaalde nationaliteit meestal kans op toegang tot burgerschap. Mensen overal ter wereld maken gebruik van die juridische mogelijkheid. Ik heb een Hongaars paspoort omdat mijn man Hongaars is.’

Kralik vreest de politieke problemen die de verontwaardiging kan opleveren. Het verhaal is immers moeilijk te rijmen met Orbáns hysterische anti-immigratiecampagne, die momenteel extra zichtbaar is: Boedapest hangt vol posters waarop gesuggereerd wordt dat de Europese Unie achter de rug van het Hongaarse volk plannen smeedt om tóch vluchtelingen naar Hongarije te sturen. De regering introduceerde vorig jaar nog een speciale belasting van 25 procent voor elke organisatie die immigratie ondersteunt of promoot. Sinds het programma bekend werd houdt de regering-Orbán daarom vol dat het hier gaat om ‘Hongaren die thuiskomen’: om repatriëring, niet om immigratie.

Kraliks angst is dat de regering zich ten behoeve van haar geloofwaardigheid genoodzaakt zal zien het programma te staken – en dat de 750 Venezolanen die momenteel nog in Caracas wachten Boedapest nooit zullen bereiken. ‘Het zou eeuwig zonde zijn als dit humanitaire programma zou sneuvelen als nevenschade in de strijd tegen Viktor Orbán en zijn regering.’