Orbán verenigt de oppositie

Boedapest – Eens in de zoveel tijd dient de Hongaarse regering een pakket wetsvoorstellen in bij het parlement waarvan de meest controversiële internationaal bekritiseerd worden. Eerder dit jaar was het vooral een wet die een einde maakte aan de erkenning van transgenders, deze maand was het een grondwetswijziging waarmee de regering-Orbán de kinderen in Hongarije ‘beschermt’ tegen gevaarlijke ‘genderideologie’ uit het Westen. Critici wijzen er echter op dat deze provocerende zetten in Orbáns Kulturkampf vooral bedoeld zijn om af te leiden van andere, minder ideologisch geladen voorstellen. Een ander wetsvoorstel dat deze maand werd ingediend lijkt namelijk van groter belang voor de regering-Orbán: het aanpassen van de kieswet, met het oog op de verkiezingen in 2022.

De Hongaarse oppositie was jarenlang scherp verdeeld, wat Orbán goed uitkwam: zijn partijcoalitie wint steevast net minder dan de helft van de stemmen, en de verdeelde oppositie zorgde ervoor dat de rest van de stemmen verdeeld bleven over losse oppositiepartijen, die daardoor geen bedreiging vormden. Maar de laatste jaren is die oppositie gaan inzien dat, om Orbán te verslaan, ze wel samen móeten werken: van het oud-socialistische DK tot het rechtse Jobbik, de tweede partij van het land, die voor dat doeleinde haar extreem-rechtse veren afschudde.

Onlangs kondigde een regenboogcoalitie van oppositiepartijen aan om de handen in 2022 ineen te slaan: per kiesdistrict zullen ze steeds maar één kandidaat verkiesbaar stellen, gekozen tijdens een voorronde. Dat plan lijkt de regering-Orbán schrik aangejaagd te hebben. De wijziging van de kieswet zorgt ervoor dat de oppositie alleen nog maar samen kan werken als de partijen ook bereid zijn om slechts één nationale lijst te presenteren. Daar was binnen de partijen nog onenigheid over: de angst was dat zó’n innige samenwerking met oude vijanden toch een deel van hun kiezers van hen zou vervreemden. De nieuwe wet beslecht dat dispuut: het kan niet meer anders.

‘De regering hoopt duidelijk ook dat niet al onze kiezers zo’n gezamenlijke lijst accepteren’, zegt Márton Gyöngyösi, vicepresident van Jobbik. Maar hoewel hij het zorgelijk vindt dat Orbán de regels zo makkelijk kan veranderen, denkt hij dat deze nieuwe regel uiteindelijk niet veel uitmaakt. ‘Links of rechts, Jobbik of DK: dit zijn niet de lijnen waarlangs de Hongaren tijdens deze verkiezingen verdeeld zullen zijn. Orbán of geen Orbán: dat is wat men in 2022 in het stemhokje gaat kiezen.’